vrijdag 20 juli 2018

Het diepdenken van de vpro

Nynke de Jong, ooit begonnen als columnist van de Noordelijke Dagblad Combinatie en tegenwoordig present op de AD/R Nieuwsmedia, waaronder de Brabantse dagbladen, voelt zich inmiddels BN-er genoeg om te solliciteren naar vpro’s Zomergasten. Ze doet dat met een opsomming van haar favoriete tv-programma’s sinds haar kindertijd; het tonen van door de gast gekozen fragmenten en complete films is immers inherent aan deze format.

Kom er maart eens op, ‘n beetje pruilerig doen over het uitblijven van de uitnodiging. Anders dan De Jong ben ik geen uitgesproken fan van het programma van de intellectuele stadskabouters van de vpro (dixit een of andere hoogleraar, wiens naam ik vergeten ben) . Te vaak afgehaakt wegens oeverloos gelul. Dan hoor ik er maar niet bij. Afhankelijk van het type presentator, respectievelijk de gast, wil ik nog wel es om ‘n hoekje kijken en de aanbevolen film opnemen (dat laatste omdat het kan uitlopen tot in de zomernacht).

De kwalificatie van de vpro (intellectuele stadskabouters) heb ik likkebaardend tot me genomen. Begrijp me goed, we zijn hier al tientallen jaren lid, in het algemeen best ingenomen met de geleverde content en niet in het minst met de kwaliteit van de vpro gids. Maar het diepdenken van de programmamakers leidt wel eens tot niet te pruimen hersenkronkels. Neem het op zich uitstekende nachtelijke praatprogramma dat is genoemd naar een romantitel van W.F. Hermans, Nooit meer slapen. Hoe haal je het in je hoofd, gezien het feit dat wel een miljoen mensen ernstig lijden onder slapeloosheid.

Ik heb gepoogd in de brievenrubriek van de vpro gids mijn ongenoegen over deze stupide zogenaamd intellectualistische ‘vondst’ kenbaar te maken, maar wat deed de redactiie: mijn opmerking doorsturen naar de betrokken programmamakers. Wakker worden, jongens en meisjes.

maandag 2 juli 2018

Moeder de Vrouw, ja ja

Columniste Nynke de Jong is terug van weggeweest, om precies te zijn van zwangerschapsverlof. In de kranten van De Persgroep NL doet ze kond van haar geluk met haar zoontje Abe. Ze zat de afgelopen maanden ‘in een verrukkelijke babybubbel’, schrijft ze en ‘het leven met een baby geeft een bijzondere kijk op alles (…)  Ik zou al die opiniemakers en politici die denken dat de ondergang van ons land aanstaande is, eens ‘n wandelwagen in de hand willen drukken’.

Moeder de Vrouw, ja ja. Het typisch Nederlandse rumoer dat is ontstaan rond dit thema van Boekenweek 2019 afdoende de kop ingedrukt, dunkt mij. Als dat laatste eigenlijk al niet  lang en breed ook door de schrijver van het op dit thema te baseren essay, Murat Isik, is bewerkstelligd.

?

Isik won, zoals bekend, de Libris Literatuurprijs met zijn roman  Wees onzichtbaar. Ik heb dat vuistdikke boek bijna uit en kan verklaren dat ik zelden een verhaal heb gelezen, waaruit een moeder de vrouw zo monumentaal oprijst. De moeder van de ik-figuur Metin, die opgroeit in de Bijlmer tegen de verdrukking van zijn vader in. Laatstgenoemde is een dominante, je kunt wel zeggen  gestoorde macho die vrouwen naar de oosterse traditie neerbuigend bejegent, zijn echtgenote corrigerend pleegt aan te spreken met ‘vrouw’ en haar constant ‘een vogelbrein’ toeschrijft.

Maar de moeder weerstaat hem en gaat, ook als het om de opvoeding van haar twee kinderen gaat, haar eigen weg. Met succes. Als Metin, die als zoon van een Turkse immigrant heel wat problemen te overwinnen heeft, slaagt in het leven dan zal hij dat niet in de laatste plaats aan zijn moeder te danken hebben.

donderdag 28 juni 2018

Het grapje van Tommy

Tommy Wieringa maakte een grapje. Dat doet hij wel eens vaker. Sterker: hij wordt er nogal eens voor ingehuurd.

Op het congres van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) zei hij ad rem op een vraag van Twan Huys over de aanslag op het gebouw van De Telegraaf: ‘Het werd tijd.’ De zaal bulderde.

En nou valt iedereen over hem heen, nadat media het fragment smikkelend lieten zien. Want met de bedreiging van Het Vrije Woord, daar mag je niet mee spotten. Trouwcolumnist Sylvain Ephimenco verwijst zelfs naar Charlie Hebdo.

Wat ‘n flauwekul. De Telegraaf is als sinds WO2 (toen ze na een verschijningsverbod wegens collaboratie weer mocht verschijnen) een populistische, rechtse krant, volgens haar-zelf de enige met gezond verstand. Iedereen, oud of nieuw links, die denkt zelf over een gezond verstand te beschikken, is natuurlijk tegen haar. In de hoogtijdagen, de jaren zeventig van de vorige eeuw, moest je niet met de Tellie onder je arm worden gezien, maar met haar tegenpool de Volkskrant, of nog beter Vrij Nederland.

Je suis Telegraaf? Mensen, zeur me niet opnieuw aan m’n kop over de vrijheden van meningsuiting en drukpers. Laat me niet..eh..wel lachen.

woensdag 27 juni 2018

Zondag

Zonder waardering voor de 7/7-economie – niet om geloofsredenen, maar vanwege de verloren zegen van één dag onderbreking van het gejaag en gejakker – liet ik me op zondag meetronen naar de stad, omdat Levensmaatje wilde zoeken naar een nieuw kleedje, in verband met een naderend familiefeest.
Met de trein. Veertig procent korting, samen retour voor € 6,40. Daar kun je niet eens voor parkeren.

In De Bijenkorf  liet ik me voldaan in een kuipstoeltje zakken, naast een meneer die het te druk had met zijn laptop om op mijn groet te reageren.
Bladeren in een stukgelezen Quote, dat deels met de natte vinger (Doutzen Kroes 13 miljoen?) jonge Nederlandse miljonairs de revue liet passeren. Me vermaakt met het turbotaaltje van dat blad in de trant van ‘twee ton per neus’. Een en ander tastte de tevredenheid met mijn pensioen niet aan.

Nougatine-ijstaartje gegeten in een etablissement, dat daar al 27 jaar zit en al die tijd nougatine-ijstaart heeft geserveerd. De joviale eigenaar toonde zich terecht trots op zijn specialiteit; bleek toeleverancier van heel wat restaurants en maakte zich dan ook niet druk over verwachte stedebouwkundige veranderingen, die hem waarschijnlijk zullen nopen, de tent te sluiten en zich terug te trekken op zijn ‘bakkerij’.

Even verderop zit een piepklein winkeltje van een Turkse Nederlander, gespecialiseerd in hoofddoeken en sjaals. L. wilde daar ook even kijken, vanwege de enorme keus en de uiterst billijke prijzen. Het was er afgeladen vol met moslimdames, van wie er één continu het schermpje van haar goudomrande mobieltje bij wijze van zoethouder in het zicht hield van haar peuter in z’n wagentje.

Opeens realiseerde ik me dat ik, afgezien van de verkoper, de enige man was in het gezelschap.  Iets om je ongemakkelijk bij te voelen? Nee hoor. Ik voelde me gezellig multicultureel. En dat gevoel werd nog versterkt op de terugweg in de trein, waar wij de enige witten in het volle compartiment waren.

vrijdag 22 juni 2018

Medische zorg in Frankrijk

Bij alle ellende en fricties die de (medische) zorg in ons land met zich meebrengt, wil men in discussies nogal eens beweren dat die in kwaliteit ver uitsteekt boven de zorg in ons omringende landen. Ik stond daar tot nu toe tamelijk sceptisch tegenover, al is het alleen maar door (niet persoonlijke) ervaringen met medische hulp in België. Ik heb begrepen dat er nogal wat Nederlanders zijn, die daar hun toevlucht nemen, in het midden gelaten of de verzekering dat accepteert.

Inmiddels heeft mij informatie bereikt over de situatie in Frankrijk, die schreeuwt om nader onderzoek en niet alleen daar: hier ligt een terrein braak voor buitenlandse correspondenten.

Die info komt van mijn dochter Mariken, woonachtig in Vernusse, departement Allier, Midden-Frankrijk, die op mijn verzoek haar ervaringen met dokter en ziekenhuis heeft opgeschreven:

‘Ik ben gevallen met de fiets en na een paar dagen gaat de bloedblaar open en direct ontsteken. De volgende dag bel ik de dokter maar er is geen plek, ook niet de volgende dag en ook niet daarna: ga maar naar de eerste hulp in Montluçon.

Ik ga daarheen en wacht ongeveer twee uur, Wanneer ik aan de beurt ben krijg ik een stagiaire die vraagt of ze een foto mag nemen van mijn been. Ik dacht even een röntgenfoto maar nee ze bedoelde met haar telefoon. Dan hoefde de dokter niet helemaal naar mij te komen. Ze gaat weg om de foto aan de dokter te laten zien en laat mij ongeveer een half uur wachten. Ze komt terug drukt me haastig het recept in de handen en wil me wegsturen. Ik vraag of het misschien nog even opnieuw verbonden kan worden. Ja er zou een verpleegster komen.

Ik ben vandaag klaar met de antibioticakuur en gisteren belde ik de dokter omdat het er nog niet mooi uitziet. Misschien moet ik nog een kuurtje. Ik mag een afspraak maken voor begin juli… Eerder kan niet. Op zaterdagochtend is er een inloopspreekuur vanaf half negen kom dan maar…

Onze dokter is met pensioen en op het platteland in Frankrijk is een grote schaarste aan huisartsen en specialisten. Ik weet van twee Nederlandse kno-artsen die via headhunters naar Moulins sur Allier zijn gelokt en daar in het ziekenhuis werken.

Van mijn hulp Anja, die veel Franse kranten leest, heb ik gehoord dat er mensen in het ziekenhuis aankomen en op de gang sterven omdat er geen personeel beschikbaar is. Iedereen spreekt er schande van maar ondertussen verandert er niks.’

Mariken heeft een blog

dinsdag 19 juni 2018

De wet van Murphy in de praktijk

Zaterdag hadden we een pechdag. De wet van Murphy, door oud-collega Niels Swinkels ooit ‘de wet van de eeuwig durende ellende’ genoemd, in praktijk.
De opsomming zal ik de lezer/luisteraar besparen, behalve dan dat ons voor
€ 48,50 op een pretentieus terras aan een namaakven in Oisterwijk een smakeloze lunch werd geserveerd.

De climax kwam op weg naar huis. Op de 60 km-weg die Scheibaan heet, mondt een verhard fietspad uit, Met verkeersbord en haaientanden is, aangegeven – zo bleek acheraf - dat dit een voorrangssituatie is. Bij het passeren zag Levensmaatje een wielrenner op sprintsnelheid op ons afkomen; ik had als autobestuurder mijn blik uiteraard vooruit gericht. Een klap. De fietser raakte de auto nog net rechtsachter, viel en bleef liggen. Ik zag dat in mijn spiegel en manoeuvreerde de auto naar de berm. De man stond al weer snel overeind en was omringd door mensen die, naar ze zeiden, wel wat hadden gehoord maar niets gezien.

Verwarring. De wielrenner, die licht gewond was, sprak een onverstaanbare taal en geen Engels. Zijn fiets had wat averij opgelopen. Uit zijn houding bleek onbegrip, ook over de schuldvraag. Ik heb het zadel van zijn fiets ‘n tijdje vastgehouden, totdat duidelijk was dat ook hij de zaak netjes afgehandeld wilde hebben. De omstanders stelden zich opvallend hulpvaardig op; een hunner haalde een EHBO-doos op en behandelde de enkel van het slachtoffer met een spray.

Toch 112 gebeld en doorverbonden naar de politie, die ‘probeerde zo snel mogelijk te komen’. Intussen toch maar het Europees Schadeformulier erbij gehaald. ‘Blijf kalm, word vooral niet boos’ etc. Niet aan de orde. De fietser bleek een Roemeen te zijn, die – vingen we op – bij een vleesbedrijf in Boxtel werkt en met zijn gezin op een camping in OIsterwijk verblijft. Die familie verscheen na verloop van tijd op het toneel. Het zoontje zit op de basisschool en bleek in staat, fier als tolk op te treden. De wederpartij is alleen tegen ziektekosten verzekerd, heeft auto noch rijbewijs.. Maar het kwam voor 80 procent goed.

Wel vroeg de wielrenner nog zichtbaar ongerust of hij moest betalen. Dat hoeft hij niet. Mijn vaste monteur keek maandag naar de schade aan de zeven jaar oude auto  en adviseerde een  cosmetisch doe-het-zelf-herstel. Twee lichte deuken zullen aan het ongeval herinneren.

Valt er nog iets van een moraal aan deze gebeurtenis te ontlenen? Dat denk ik wel. Als Europeaan hoeft deze Roemeen geen inburgeringscursus (overigens hier te lande geen daverend succes)  te volgen. Maar enige scholing in deelname als fietser aan het Nederlandse verkeer zou niet onwelkom zijn. En Oisterwijk zou ter plaatse iets ter waarschuwing van het autoverkeer op de Scheibaan kunnen doen; het barst daar immers van de recreanten.

En de politie? Die moest uit Tilburg komen en had het te druk. We kregen achteraf wel keurig een telefoontje. Wellicht zouden we in dit geval een beroep kunnen doen op het Waarborgfonds, opperde de agent. Niet dus. Dat fonds treedt volgens mijn verzekering niet op bij een fietsongeluk.

woensdag 13 juni 2018

Knipperen

Bij dit bericht in het Eindhovens Dagblad van heden knipperde ik even met de ogen:

‘Twee leerlingen van het Van Maerlantlyceum hebben de prestigieuze KNAW-onderwijsprijs in de categorie Natuur & Techniek gewonnen. Ze kregen de prijs (…) voor hun ontwerp van een knipperlichtinstallatie voor racefietsen, zodat wielrenners veiliger aan het verkeer kunnen deelnemen.’

Het is half juni, anders zou ik direct aan een 1 april-grap hebben gedacht. Of komt dat knipperlicht niet in de plaats van het ho-ho-hop-hop of erger (wat ik eens meemaakte) van-de-weg-af-geroep door renners, die wat meer bedaagde fietsers achterop rijden, zo niet achter op die fietsers rijden. Gaat het in de actualiteit vooral om de veiligheid van wielrenners of om die van andere weggebruikers, inclusief voetgangers? Of, dat kan ook, gaat deze ‘prestigieuze’ onderscheiding mijn verstand te boven?

KNAW staat voor genootschap van topwetenschappers, adviseur van de regering over wetenschapsbeoefening, en verantwoordelijk voor 17 onderzoeksinstituten, zo lees ik op haar website. Zoek een andere adviseur.

Niettemin, gefeliciteerd jongens, met het bij de neus nemen van topwetenschappers en kritiekloos volgende journalisten.

vrijdag 8 juni 2018

Onrechtmatig verkregen bewijs?

Zou de rechter geconfronteerd worden met een of meer verdachten van het lekken van vertrouwelijks gegevens over de kandidaturen voor het burgemeesterschap van Den Bosch, dan hoop ik dat hij/zij het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk zal verklaren wegens ‘onrechtmatig verkregen bewijs’.

Dat ‘bewijs’ zou immers ontleend zijn aan het onderzoek van de telefoon van een redacteur van het Brabants Dagblad.

Met andere woorden: als het tot een veroordeling zou komen, dan zal voortaan iedere klokkenluider of tipgever die iets kan aandragen dat leidt tot een op zichzelf rechtmatige publicatie, zich wel tweemaal bedenken alvorens in actie te komen.

Waarmee ik gezegd wil hebben dat het OM een scheve schaats rijdt, ten nadele van wat van oudsher ‘de vrijheid van drukpers’ heet.

donderdag 7 juni 2018

Eindhoven aan Zee

Toen ik in de krant dat kaartje zag met die rare vlek, die een samengaan van Eindhoven met de ‘grote vier’ van de Randstad moest verbeelden, dacht ik meteen terug aan Eindhoven aan Zee. Dat begrip is ooit eens in de klimaatdiscussie opgedoken. Waar gaat dit over?

Een vastgoedadviseur bij de firma Cushman en Wakefield, Jeroen Lokerse, opperde bij de opening van de vastgoedbeurs Provada het idee om een Nieuw Amsterdam te gaan vormen – een stad dus met zeven miljoen inwoners, waarvan naast Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag ook Eindhoven (Brainport!) deel zou moeten gaan uitmaken.

Bij ‘vastgoedadviseur’ heb ik altijd de neiging, de stekels op te zetten, maar we zullen dat maar even laten rusten.

Internationaal bezien is Nederland al één grote stad, met hier en daar wat plukken groen, maar daar gaat het hier natuurlijk niet over. Er is nogal wat verschil tussen de benadering door het rijk van de grote vier in de Randstad en Eindhoven, al is een aarzelend begin gemaakt met wat je gelijkberechtiging kunt noemen; erkenning van de zich exclusief  in techniek en innovatie onderscheidende, zuidelijke regio.

Als de heer Lokerse bedoelt dat een en ander maar eens goed gestructureerd moet worden, heeft-ie natuurlijk gelijk. De rivierengrens moet als zodanig verdwijnen.

En ‘Nieuw Amsterdam’ is natuurlijk een geintje. Zo heette in de zeventiende eeuw de versterkte nederzetting, waaruit New York is voortgekomen. Er is trouwens ook een dorpje in Drenthe dat deze naam draagt. Door toedoen van Amsterdamse beleggers in turf, heb ik begrepen.

woensdag 6 juni 2018

Plastic

De gemiddelde lezer zal intussen wel weten dat ik een sigarenroker ben. Verkerend op een zodanige leeftijd, dat ik me nergens meer druk over maak. Sigaren inhaleer je trouwens niet; het gaat om de geur. Het merk senoritas noem ik niet, want dan denken jullie dat ik solliciteer naar een zending (Ik krijg immers ook gelukwensen van zelfs mij totaal onbekende personen op mijn verjaardag.)

Als automatisch komt mij ‘de goede raad’ van onze leraar Frans op het Onze Lieve Vrouwelyceum (tegenwoordig besmuikt OLV) te Breda, een verstokte bolknak-gebruiker,  in herinnering: ‘Als je rookt, dan geen sigaretten, maar een goeie sigaar.’

Intussen wordt mijn rookgedrag – mits beoefend in de buitenlucht – door mijn omgeving meer dan getolereerd. Toen wij onlangs een weekje op het huis en het hondje hadden gepast van onze dochter, werden wij door haar op verschillende manieren in de watten gelegd. Inclusief, bij thuiskomst twee setjes à vier sigaren, model Midden-Amerikaanse drugsbaronnen. Twee pakjes, want die dochter schept er steeds zichtbaar genoegen in, erg royaal te zijn. Het in onbruik geraakte gezegde ‘het is beter te geven dan te ontvangen’ is bij haar voor honderd procent van toepassing.

De sigaren dragen de door Europa vereiste waarschuwingen, naar de letterlijke betekenis waarvan ik slechts kan raden, omdat ze in het Spaans zijn gesteld. Vanmorgen kon ik mijn nieuwsgierigheid niet langer bedwingen en knipte ik de cellofaanverpakking (plastic) open. Elke sigaar blijkt te zijn verpakt in een stevig plastic kokertje met dito dopje.

Ik ben er, gezien de recente bepalingen van Europa aangaande plastic verpakkingen, me van bewust dat ik een historisch cadeautje heb ontvangen.

dinsdag 5 juni 2018

Waarom KPN internetprovider de pot op kan

Zowat ‘n halfjaar geleden is de internetprovider OnsBrabantNet (OBN) overgenomen door KPN. Ik dacht toen: jammer, want OBN werkte perfect en ik had de helpdesk nooit nodig. Maar min of meer uit gemakzucht, besloot ik in te gaan op het aanbod tot transitie. Over de monteurs die alles hier in orde kwamen maken (web, rtv, telefoon) niks dan goeds. De ellende kwam met de praktijk, zodat ik nu overstap naar Xs4all.

Weliswaar is het 25-jarige Xs4all ('Internet voor iedereen’) ook al in bezit van KPN, maar ik heb begrepen dat die overname onder strenge voorwaarden is gegaan, in die zin dat de provider niet alleen in naam bleef bestaan, maar ook de door haar ontwikkelde techniek mocht blijven hanteren. Daarover alleen maar goede berichten – niet in de laatste plaats van mensen die van meet af aan met haar in zee gingen. Had OBN dat ook maar bedongen…

Want KPN stuurt je – ‘het spijt ons’ – alleen maar het bos in, als het haar niet lukt, een haar onbekend e-mailprogramma zodanig in te stellen dat het werkt en blijft werken. Ik ga jullie niet met allerlei details vermoeien, maar de ellende begon definitief, toen ik ‘n week op een andere locatie in Brabant verbleef en het niet mogelijk bleek, e-mails met dat programma te verzenden. Na thuiskomst lukte het ontvangen ook niet meer. Gelukkig is er dan gmail, dat ik als ‘n soort centrale filter en als backup-medium gebruik. Daar zal ik het dus nog een maand (opzegtermijn KPN) mee moeten doen. Tot dan zal ik de intekenaren op de maillist van mijn website hhbest.nl moeten verwaarlozen, want export van die ongeveer 70 adressen naar gmail blijkt een hels karwei.

Radio en televisie, mitsgaders de telefoon werken maar daarmee is het wel ongeveer gezegd. Internetten via de tv (interactiviteit!) is bij KPN gebrekkig geregeld. Ik geef toe, het is maar welke eisen je stelt, maar ik wil  bij voorbeeld kwalitatief goede items op YouTube via mijn tv met geluid kunnen draaien. Dat krijg ik dus niet voor elkaar. Verder niet over zeuren. De e-mailkwestie is afdoende om tegen KPN te zeggen:  jullie kunnen de pot op met je internet.

maandag 4 juni 2018

Bestrijding wapenbezit nu prio 1

Knalvuurwerk is even buiten beeld, nu de Vroemmpartij (© Rutte) het door vele duizenden gevraagde verbod heeft tegen gehouden. Dan nu maar het wapenbezit. Volgens mij  prio 1 in Nederland. Klopt het, dat nu vrijwel dagelijks (de laatste keer dit weekeinde in Oss, op straat) iemand wordt dood- of op z’n minst neergeschoten?

Bij mijn weten is Paul Depla, burgemeester van Breda, een van de eersten onder de autoriteiten die enkele weken geleden aandacht vroeg voor het probleem van het massale wapenbezit. Dat wordt tijd, dacht ik, toen ik dat op Twitter voorbij zag komen. En kom me nu niet aan met argumenten als personeelstekorten en dientengevolge te hoge werkdruk bij de politie, tenzij de politiek te kennen zou geven ‘van niets te weten’.

Als ik die surveillanten met handboeien op hun konten door een winkelstraat zie kuieren, denk ik steeds: maak af en toe eens ‘n kofferbak open. Kan trouwens  in één moeite door bij aanhouden wegens hard rijden door woonstraten en appen op de autoweg.

In Rotterdam-Zuid wordt ‘relatief veel geschoten,’ meldde RTV Rijnmond al drie weken geleden. Een groep bewoners en wijkorganisaties is daarom een actie 'Wapens de Wijk uit' gestart. Maak er maar ‘wapens het land uit’ van.

Voorpagina hhBest

dinsdag 29 mei 2018

Geraaskal op het web

Of het nu (verondersteld) nepnieuws is, of geraaskal zonder meer, waarom zou je er nog aandacht aan schenken?

Schrijver Öczan Akyol legt vandaag in zijn column de vinger op alweer zo’n schrijnend geval van dom geklets. Gemakshalve eerst maar even deze samenvatting geciteerd: ‘De Malinese vluchteling Mamoudou Gassama zag een kleuter op de vierde verdieping van een appartement aan de balustrade van een balkon bungelen en klom katachtig het gebouw omhoog, zodat hij de kleine jongen kon behoeden voor een tragisch einde.’

Dat gebeurde dus in Parijs en de Franse president schatte deze daad naar waarde door de Malinees niet alleen te onderscheiden, maar hem ook de Franse nationaliteit te verlenen.

Akyol: ‘Ik verzin dit niet: op verschillende fora en facebookpagina's suggereerden verbitterde mensen dat het hele gebeuren in scène was gezet, onder meer door overheden en andere instanties, die hiermee de weg wilden plaveien voor een nieuwe stroom asielzoekers op ons continent. Wat moet iemand een triest leven hebben als hij niet oprecht de moed van een andere burger, wat diens verblijfstatus ook is, kan bewonderen en aanmoedigen.’

Niet serieus nemen, dit soort webkrabbelaars, vindt dus ook Akyol en ik zou daaraan willen toevoegen: volkomen doodzwijgen.

woensdag 23 mei 2018

Bestse kiezers hebben het nakijken

Die opmerking over ‘drie in plaats van vier wethouders’ in Best, van D66 vind ik nou echt een gotspe. Is er dan qua werk iets veranderd sinds 2017, toen de, inmiddels gehalveerde fractie nog in het toen ook (exclusief de b)  vierkoppige college zat? Zoals zo vaak in de politiek, wordt er niet gemotiveerd. Plotselinge zuinigheid, mede ingegeven door de alsmaar stijgende bestuurskosten – vervanging van driekwart van het college, af- en aanschuivende burgemeesters?

Dat had D66 ook kunnen bedenken, toen afgelopen zomer, na aftrek van de vakantieperiode, een PvdA-wethouder voorspelbaar voor een half jaar werd vervangen. De enige die zich daar toen enigszins druk over maakte, was het inmiddels met opgeheven hoofd vertrokken, van Best Open afgescheiden raadslid Leo Bisschops. Het werd niet gehoord. Niet opportuun.

Ernstiger vind ik het gegeven dat het nieuwe college aan de slag gaat, zonder dat het beloofde raadsbrede beleidsakkoord is bereikt. Wat is er toch aan de hand in de Bestse politiek? Een afscheids- en inhuldigingsplechtigheid  met bloemen denkbeeldige wierook en veelvuldig applaus van vrienden en magen, waarbij krikkele zaken zorgvuldig uit de weg werden gegaan.

Opmerkelijk: de afwezigheid van PvdA-raadsleden, terwijl hun eigen wethouder werd uitgezwaaid. Zit de boel vast op de herziening van het met gescheld en bedreigingen overladen afvalbeleid? Leg het onderhand eens uit. Waarom moest ex-formateur John Verheijen, wiens vertrek als wethouder trouwens voor de verkiezingen helemaal niet duidelijk was, D66 alsnog uitnodigen voor het bereiken van dat beleidsakkoord? ‘Geen commentaar, vertrouwelijk!’ De D66-wethouder, die op de valreep de chaos rond het afval zo goed en zo kwaad als dat ging, probeerde te bedwingen, zit nu als potentiële onderhandelaar(ster) in de raad. De druiven moeten wel erg zuur zijn.

Een nieuwe gemeenteraad en een vernieuwd college met allesbehalve een schone lei. Neem uw verantwoordelijkheid en beschouw de burgerij van Best niet langer als louter stemvee en verder niet ter zake doende. Dan maar een coalitie-akkoord; met een oppositie die er hopelijk toe doet.

zondag 20 mei 2018

Alweer loopt een volkstraditie uit de hand

Wanneer en waardoor loopt een volkstraditie uit de hand? De ziekte van de 21e eeuw: mensen houden te weinig rekening met elkaar.

Een typiosch geval doet zich voor in de wijk Korvel in Tilburg. De buurt zoekt ‘elkaar’ op in de straat, op zich niks bijzonders, alleen, niet iedereen doet mee en het kan dan ontaarden in wat van oudsher burengerucht heet.

Het is een op zich ‘charmant’ verschijnsel dat ik me herinner uit mijn jeugd en dat is verdomd lang geleden. Het sociaal verkeer dat zich op mooie vrije dagen en zoele zomeravonden voltrok in sommige wijken. De achtertuintjes stelden niet veel voor, bovendien was privacy (geen Nederlands woord voor te vinden, las ik dezer dagen) een nog onbekend begrip. Integendeel, men zocht elkaar op, wisselde nieuwtjes uit, hield ondertussen  de spelende jeugd wat in de gaten. Karakteristiek: de omgekeerde rechte stoel. Zo was het in de Jordaan, aan de Gasthuisvelden in Breda en in de Eindhovense wijk Tivoli. Alleen, het kratje bier ontbrak. Daar was toen geen geld voor. Thuis drinken was iets voor verjaardagen en zo.

Terug naar vroeger dus, in Korvel. Maar dan anders. Er komt (harde) muziek aan te pas en het kan wel eens uitlopen tot 2 uur ‘s nachts. Kortom, ergernis bij wie daar geen zin in heeft. Klachten bij de gemeente en vragen om maatregelen, die worden beantwoord met een verbod, op straffe van – hoort Hart van Nederland – van € 230,—. ‘We mogen niet eens meer op onze eigen stoep zitten.’

Maar met hoor en wederhoor is bij de traditionele media iets mis. Alleen de aangeklaagde partij mag haar woordje doen. Smeuiïg, zal het wezen. De website Tilburgers.nl, dé nieuwswebsite van Tilburg, treedt corrigerend op via een gastcolumn van de socioloog en theoloog Kees de Groot, die meldt dat de plaatselijke PvdA zich verzet tegen ‘suf gemeentebeleid’ en ‘burgertje pesten’. 

Ik zou zeggen, los het eens onder mekaar op. Desnoods op omgekeerde stoelen.

Zie ook: stedenintransitie.nl over de stoep.

vrijdag 18 mei 2018

Sollicitatiegesprek van een marinier

Deel van een sollicitatiegesprek:

U wilt graag deze baan, maar ons is uw motivatie nog niet helemaal helder. Kunt u die nog wat nader toelichten?

Ik wil weg bij het Korps Mariniers, want dan zou ik met mijn gezin, inclusief werkende echtgenote, vanaf de Utrechtse Heuvelrug moeten verhuizen naar Vlissingen.

Wat is daar tegen?

Nou…eh…Vlissingen…Zeeland…eh…

Vlissingen ligt praktisch aan zee. Het is de bakermat van de Nederlandse marine. Michiel de Ruyter hè? U doet, of er sprake is van deportatie.

Nou… Mijn commandanten en de vakbond staan achter me. En de Haagse politiek aarzelt al. Enne…op de sociale media krijgen we veel steun.

Zien die commandanten u dan niet graag vertrekken?

Iedereen vertrekt.

Dat verhoogt de kansen op respons ten aanzien van onze vacatures. We zouden de ontwikkelingen nog even kunnen afwachten. Maar, de kernvraag – u bent er nu eenmaal snel bij. Bent u wèl bereid, te verhuizen naar Zuid-Limburg?

O ja, de heuvels, de Cauberg, dicht bij België en Duitsland. En carnaval en…

U hoort van ons.

dinsdag 15 mei 2018

Om ziek van te worden

KnipselWaar ik nou echt ziek van word, is de nationale hysterie rond de sigaret. Niet dat rook of roken niks doet met je gezondheid, maar omdat er zoveel meer is om je als politicus druk over te maken. Maar dan bestaat het probleem opeens niet meer. Dan gaat het economisch perspectief een doorslaggevende rol spelen.

Neem nou de groei van het luchtverkeer waartegen natuur- en milieuorganisaties plus hun in omvang niet te onderschatten aanhang momenteel manifestsgewijs te hoop lopen. Vandaag werd bekend, dat bewonersorganisaties rond de zes luchthavens (goh, zoveel?) zich hebben verenigd in een Landelijk Bewoners Beraad Luchtvaart (LBBL). Ze zijn het lawaai, de vervuiling de voorkeursbehandeling van vliegmaatschappijen beu en willen een rem op de groei.

Van VVD-zijde (regeringspartij) is al onmiddellijk met een plank voor het hoofd gereageerd: vergeet het maar, die beknotting. Veel te belangrijk voor de economie. Of de actievoerders natte vingerwerk plegen, als zij tegen de presentator van BNR Nieuwsradio zeggen, dat slechts 20% van het vliegverkeer uit zakenvluchten bestaat  - Eindhoven Airport zou er zowat op drijven – kan ik niet beoordelen, maar een regelmatig kijkje in de vertrekhal maakt dat best aannemelijk. Zeker op de korte afstand, zijn er heel aanvaardbare alternatieven, op z’n minst in ontwikkeling (de internationale hsl).Knipsel2

Het Eindhovens Dagblad weet te melden dat het gemeentebestuur aldaar, volkomen is verrast door het feit dat de luchthaven de aanbestedingsprocedure is gestart voor een tien etages tellende parkeerflat met vierduizend plekken. Niet in de eerste plaats ten gerieve van Brainport, neem ik aan.  Een staat binnen de brakke staat.

Hoe brak allemaal? Goed dat er nog steeds dagbladen zijn, die diep in de materie duiken. de Volkskrant citeerde luchtvaarteconoom Hans Heerkens: ‘De politiek is bang voor keuzen. De staat – de grootaandeelhouder die vorig jaar 172 miljoen euro dividend aan Schiphol verdiende – past vrijwel overal het principe ‘de vervuiler betaalt’ toe, behalve bij de luchtvaart. Als de staat groei wil beperken, dan moet dat in de wet worden vastgelegd.’

Uche uche,.

‘Ik slaag cum laude’

Het is er zo eentje, die het leven opvat als een feest. Dat betekent voor hem cum laude slagen voor z’n HAVO en hij voegt er met een blik van volslagen zekerheid aan toe: ik wordt miljardair. (Ik heb alvast ‘n miljoentje van hem geclaimd, al zou ik zo direct niet weten wat ermee te doen, behalve wellicht UNICEF of zoiets.) Ja, hij kan lullen als Brugman. Zo in de trant van: ‘Oma, weet je wat het is? Kijk….’

Niet dat-ie hard heeft gewerkt voor dat vandaag begonnen eindexamen. Als je dat al hebt begrepen, zit je goed. Afgelopen weekeinde lag hij met z’n vrienden nog in het zwembad.

Toch is hier vanmorgen ‘n kaarsje aangestoken. Vast ritueel als er iets belangrijks aan de hand is in de familie. Motto in dit geval: ‘het komt ooit goed.’ Z’n ouders hebben dat gevoel ook – met de communicatie binnen het gezin is niks mis.

Eerste examendag: geschiedenis en Engels. Zegt oma: ‘Geschiedenis vindt-ie leuk.’ En Engels? Heeft hij inderdaad in z’n zak, sinds z’n basisonderwijs in het buitenland.

Niemand is zenuwachtig, de examinandus wel het allerlaatst.

woensdag 9 mei 2018

Hermenieke

‘t Hermenieke van Bergeijk is een Brabants volksliedje, dat tot in het midden van de vorige eeuw in heel de provincie werd gezongen. Het begint zo:

't hèrmenieke van Bergeijk
dè spulde toch zo schon
èn ze hebben saam geklonken
ze hebben saam gedronken

refrein

van 't gerstebier van kyrië
‘t gerstebier van kyrië
't gerstebier van kyrië eleïson

Bron: volksliederarchrief

Wij zongen de tweede regel, om te rijmen: ‘dè spulde toch zo sheik’, wat een afgeleide van chic zou zijn.

Zoiets schiet in de herinnering, als je in de krant – BN-DeStem, – een geweldig verhaal leest over de geschiedenis van een dorpsharmonie, in casu de Chaamse harmonie Sint Cecilia. Een verhaal, dat bij voorbeeld in 1953, toen ik als leerling journalist aantrad bij het toenmalige Dagblad De Stem – Dagelijks in meer dan 40.000 gezinnen – niet geschreven mocht worden. Lees eventueel Onder de knoet van de bisschoppen en er wordt je meer duidelijk.

Kortom het gaat in die krant over een sensationele periode in de geschiedenis van de nu 125-jarige harmonie in Chaam. Over een pastoor die eind negentiende eeuw het muziekgezelschap (naar achteraf bleek tijdelijk) ophief, vanwege ‘wangedrag’ tijdens een uitstap naar het kunstzinnige, maar ook zondige Antwerpen. Eén van de leden dook zelfs pas na ‘n week weer op in Chaam,

Laat ik nou in 1953 als verslaggevertje de opdracht hebben gekregen tot het berichten over de viering van het 60-jarig bestaan van die harmonie. Dat duurde daar de hele dag in het café recht tegenover de kerk. Het zal tegen het middaguur geweest zijn, dat een wethouder van de gemeente Chaam strontzat op een stoel dat café werd binnen gedragen. En wat zij die beschonkene tegen de verslaggever?

‘Als ge dit in de krant zet, menneke, dan zal ik oe krijgen.’

donderdag 3 mei 2018

De gewoon aardige Nederlander

Zijn er ook gewoon aardige Nederlanders? Je zou dat, zeker als je recente mediaberichten en beschouwingen (columns) in aanmerking neemt, denken van niet. Ik begin daar genoeg van te krijgen. Zoals ook van uitdrukkingen als ‘ons kikkerlandje’ voor een natie die al eeuwen een volwaardige plaats in de wereld inneemt.

De discussie is niet van vandaag of gisteren. ‘Dé Nederlander bestaat niet’ (Máxima, 24 september 2007). Vind ik verder niet in frage. Er zijn Nederlanders, zoals er Belgen (Vlamingen, Walen) en Argentijnen zijn. Punt. In de aanloop tot de kamerverkiezingen van 2017 was ‘de Nederlandse identiteit’ een hot item. Aanleiding tot een aflevering van het satirische tv-progamma Zondag met Lubach. Zie YouTube.

Vorige week publiceerde de Volkskrant een verhaal over wat heette ‘de Berlijnse bunkers van Facebook’, waar moderatoren zich bezig houden met het filteren van haatpost. Wat er uit Nederlandse toetsenborden komt, daar lusten de honden geen brood van. Tommy Wieringa verwees ernaar in zijn column (27 april) in de AD/R Nieuwsmedia met de kop Haatkampioen. Zijn stuk komt er op neer dat ‘de Nederlander’ een hork is. Wieringa haalt tal van voorbeelden aan van Nederlandse misdragingen. Van de vernieling van een monumentale fontein in Rome tot en met het naar het ziekenhuis slaan van een ober in Praag.  Volgens de schrijver kun je zodoende al van een kilometer afstand zien dat je met een Nederlander te maken hebt.

Hoe knap geschreven ook (laat dat maar aan W. over) ik moet dus niets van dit soort generaliseringen hebben. Want ik blijf geloven dat al die getatoeëerde kaalkoppen en diknekken nog steeds tot een minderheid behoren. Gelukkig. Daarvoor ontmoet ik te veel gewone, aardige, hulpvaardige, galante, charmante, correcte, vriendelijke, enz enz Nederlanders. Ons land is daardoor nog steeds leefbaar.

Dat een Geert Wilders de scheldkannonade tot parlementair taalgebruik heeft gebombardeerd, wil nog niet zeggen dat iedereen in de Tweede Kamer zich daaraan overgeeft, hoewel MP Rutte: pleur op. Dat een kassamevrouw van de super de klant  begroet met Haai, ook al is die van twee generaties terug, moeten we leren accepteren. De geschreven en gesproken taal is nu eenmaal informeler geworden, zelfs – toegegeven – op het grove af. Maar haatzaaien is geen kwestie van volksaard , da’s kletsica.

Ooit, bij de opkomst van het internet, zijn er pogingen gedaan tot het invoeren van een netetiquette. Dat is maar ten dele gelukt. Zoals het bijbrengen van fatsoensregels in de ‘gewone’ maatschappij ook maar beperkt effect heeft. Altijd en overal – ook op internet en op Facebook – zijn er gefrustreerden, nitwits, mensen met een beperkte geest (kies) die, opgejut en misbruikt door  figuren die er politieke winst in zien, hun gal spuwen in woord en daad.  Maar zij zullen nooit ons leven en ons gedrag bepalen.

maandag 30 april 2018

Zorg of ik schiet

De oude man mag niet mopperen, al doet-ie dat toch regelmatig, maar daarvoor is het een oude man. Hij woont immers nog zelfstandig, in coöperatie met z’n vrouw, die trouwens ook niet meer van de jongsten is. Maar dezer dagen schoot hij toch in de stress, of misschien is paniek een beter woord.
‘De vrouw’ was de hort op met de dochters en toen het tevoren over het eten was gegaan, had hij gezegd: neem de tijd maar, ik trek wel ‘n blik snert open.

Hij houdt niet van dit soort uitdrukkingen maar dit was, zei hij, een kutblik. Zo een met ‘n trekring aan de bovenkant, waar geen beweging in was te krijgen. Dan maar de blikopener. (Later zei de buurvrouw: niet doen, daar is de bovenrand van zo’n blik niet geschikt voor.) De oude man heeft zich dus in de vingers gesneden. Niks bijzonders, zou Jos Kessels – een meester in associaties – zeggen, dat heb ik in m’n leven al zo vaak gedaan. Het was evenwel de linker duim: een diagonale jaap. Van het bloeden kan men zich makkelijk een voorstelling maken. Ochgottegot.

Met dotten keukenpapier om z’n hand, belde hij z’n vrouw. Haar mobieltje reageerde prompt, want dat lag thuis op de bank. Dan maar naar de goeie buur, die beter is dan de verre vriend. ‘Je moet naar de eerste hulp, want dat moet gehecht, ‘ riep die, ook al radeloos omdat zijn vrouw eveneens met de auto weg was.

‘t Is natuurlijk goed gekomen. De vrouw van de oude man kwam net aanrijden en in de noodhulppost van het ziekenhuis verzorgde een jonge arts de wond en bracht ‘even’ elf hechtingen aan. Met vrouw en dochter als getuigen.

En toen gebeurde het anno 2018 onvermijdelijke: ‘Zal ik even ‘n fotootje maken?’ Dochter had het bordje aan de muur achter haar, ‘niet ongevraagd fotograferen of filmen aub’ kennelijk niet gezien en de dokter sputterde niet tegen. Nu eens niet een bord restaurant-eten op de familieapp maar een nagenoeg dichtgenaaide duim.

Elk nadeel heb z’n voordeel. Het leverde de oude man steunbetuigingen op vanuit alle windstreken des lands en zelfs vanuit Californië en vanaf Cyprus. Allemaal trouw doorgegeven door zijn echtgenote, want zelf moet hij van What’sApp en Facebook niets hebben.

‘Hij mag inderdaad helemaal niet mopperen,’ verklaarde weer een andere buurman na het aanhoren van het verhaal. ‘Mijn vader is 98, woont nog zelfstandig, maar is aan het levensafscheid toe. Wij doen als kinderen ons best, maar hij heeft nu toch echt  zorg van buitenaf nodig. Om die te krijgen, zou hij met een geweer de straat op moeten.’

dinsdag 24 april 2018

De bomen hebben het weer gedaan

Minister Cora van Nieuwenhuizen (VVD) weet het weer zeker: Bomen in de bermen van de (rijks- en provinciale) N-wegen zijn obstakels, dus moeten ze worden weggehaald. Werk aan de winkel voor de Bomenstichting, die immers als motto voert Een boom is buitengewoon.

Ik kan nu natuurlijk de hele riedel weer gaan afdraaien. Van ‘nooit, maar dan ook nooit moet een boom wijken voor het verkeer’ tot en met ‘niet de weg is gevaarlijk, maar de gebruiker’. Laat maar, het wordt zo vervelend.

De minister wil 50 miljoen uittrekken voor het veiliger maken van die N-wegen, mits de provincies er 75 miljoen bij leggen. Potverdikkie, landelijk 125 miljoen euro. In mijn tijd – rond 1980 – kostte 1 kilometer fietspad (reken zelf even om) al ‘n miljoen gulden. Cora, gepokt en gemazeld in het Brabants provinciaal bestuur, kan dat weten. Wat zou ‘n kilometer vangrail – want daar heeft de minister het ook over – anno 2018 kosten?

Als het niet zo triest en verontrustend (ons toch al zo schaarse groen) was, zou je het hele verhaal een lachertje kunnen noemen.

maandag 23 april 2018

Even ‘n lintje regelen

Al eerder liet ik het daglicht schijnen over de nachtradio (met name npo1) in dit land. Jongens en meisjes die de puberale status nauwelijks zijn ontgroeid en die – omdat kritisch luisteren in het donker blijkbaar niet serieus wordt genomen – vast ‘n beetje mogen droogzwemmen, in de trant van ‘bedankt voor je belletje, hoi hoi’.

Afgelopen nacht was er zo eentje die vond dat een of andere mevrouw een koninklijke onderscheiding had verdiend en dus beloofde dat vóór dinsdag (lintjesregen) wel ‘even te zullen regelen’.

Had die jongen nu even op het internet gesnuffeld, dan had hij de bevestiging gevonden dat zoiets niet zomaar gaat. In elk geval niet in een vloek en een zucht.

Iedereen kan voor een ander een koninklijke onderscheiding aanvragen, maar dat loopt in eerste instantie via de burgemeester van de gemeente waarin de kandidaat woont en de hele procedure vereist in tijd minstens een half jaar. Want daarna gaat het voorstel naar de Commissaris van Koning, die zo nodig, als-ie beren op de weg zou zien, de zaak nog even ‘terugkoppelt’ naar de burgemeester. Vervolgens is het Kapittel voor de Civiele Orden aan de beurt en tenslotte beslist ‘de minister die het aangaat’ over de voordracht en het ontwerp koninklijk besluit, waarna de koning zijn handtekening kan zetten.

Bedankt voor je ideetje, hoi hoi.

zondag 15 april 2018

Moeke wie?

Topics is een digitale kiosk, waarin alle dagbladen van De Persgroep (NL en B) samen komen. Wie op één van die kranten geabonneerd is, kan overal bij. Mooi. Maar het automatisch genereren van die pagina’s  lijkt tot de gekste situaties. Als bij voorbeeld in een artikel over een Eindhovense aangelegenheid, al is het maar met een enkel woordje, naar België wordt verwezen, dan verschijnt België in wat heet de tagline.

Grappig? Niet echt, vind ik. Het leidt tot rare situaties. Zo heeft het  Twentse dagblad Tubantia een restaurant-rubriek, waarin het Enschedese grand café Moeke wordt besproken. Het logo van die tent vermeldt het jaartal 1893 (flauwekul, maar zoiets doet het altijd goed, denkt men). Dus duikt de schrijver in de historie. Aldus: Moeke is een café in Breda waar moeke Spijkstra aan het einde van de 19de eeuw achter de tap stond. Het biercafé bestaat nog steeds, maar het concept - 'Bij Moeke kom je thuis'- is door slimme marketeers culinair uitgewerkt en met succes uitgerold in Rhenen, Delft, Nijkerk en nu dus ook in Enschede - Brabantse gezelligheid in het glas en op het bord.

In de tags boven het stuk verschijnen ‘als gevolg’ Breda en Nijkerk, maar niet Enschede waar het om draait. Dus ga je denken: Moeke wie? Welaan, er is inderdaad zo’n café (ooit, in mijn tijd, hotel-pension) aan de Ginnekenmarkt in Breda, eigendom van de familie Brauers. Totdat het werd verpacht, werd het nog door een dochter des huizes geëxploiteerd, die – inderdaad – door het leven ging als moeke Brauers.

Ach, weten ze veel in Enschede. Het stikt immers van de moekes.

Moeke wie?

Topics is een digitale kiosk, waarin alle dagbladen van De Persgroep (NL en B) samen komen. Wie op één van die kranten geabonneerd is, kan overal bij. Mooi. Maar het automatisch genereren van die pagina’s  lijkt tot de gekste situaties. Als bij voorbeeld in een artikel over een Eindhovense aangelegenheid, al is het maar met een enkel woordje, naar België wordt verwezen, dan verschijnt België in wat heet de tagline.

Grappig? Niet echt, vind ik. Het leidt tot rare situaties. Zo heeft het  dagblad Tubantia een restaurant-rubriek, waarin het Enschedese grand café Moeke wordt besproken. Het logo van die tent vermeldt het jaartal 1893 (flauwekul, maar zoiets doet het altijd goed, denkt men). Dus duikt de schrijver in de historie. Aldus: Moeke is een café in Breda waar moeke Spijkstra aan het einde van de 19de eeuw achter de tap stond. Het biercafé bestaat nog steeds, maar het concept - 'Bij Moeke kom je thuis'- is door slimme marketeers culinair uitgewerkt en met succes uitgerold in Rhenen, Delft, Nijkerk en nu dus ook in Enschede - Brabantse gezelligheid in het glas en op het bord.

In de tags boven het stuk verschijnen ‘als gevolg’ Breda en Nijkerk, maar niet Enschede waar het om draait. Dus ga je denken: Moeke wie? Welaan, er is inderdaad zo’n café (ooit, in mijn tijd, hotel-pension) aan de Ginnekenmarkt in Breda, eigendom van de familie Brauers. Totdat het werd verpacht, werd het nog door een dochter des huizes geëxploiteerd, die – inderdaad – door het leven ging als moeke Brauers.

Ach, weten ze veel in Enschede. Het stikt immers van de moekes.

zaterdag 14 april 2018

Alles is vergif

Zouden we de media geloven, dan is alles wat we doorslikken vergif. Suiker voorop. Allemaal ontleend aan onderzoek en wetenschap. Zo vliegen we van de ene hype naar de anderen. Het is de kunst, het allemaal in je pet te gooien. Gifvrij eten lijkt niet te bestaan.

Nu is er weer een universiteitsmevrouw, die op het journaal met een sarcastisch lachje weet te melden, dat op grond uit onderzoek bij maar liefst 600.000 mensen blijkt dat één glas alcohol houdende drank het leven met een half uur bekort. De reacties bij – voor de variatie – terrasinterviews zijn uiterst voorspelbaar: ‘dan maar wat korter leven. proost!’.

We zijn dus al duizenden jaren verkeerd bezig, inclusief joodse en christelijke rites (aha, roepen de moslims). De bijbel is, ik blijf in stijl, van alcohol vergeven. Nochtans is aartsvader Methusalem 969 geworden. Kom daar tegenwoordig maar eens om. Al kun je natuurlijk ook ‘zie je wel’ roepen.

En dan de Bruiloft van Kana (Joh. 2,1-11), waar de moeder van Jezus Hem erop attendeerde dat de wijn op was. Waarop de Heer water in de best drinkbare wijn veranderde. Volgens het Johannesevangelie zou  Hij tevoren tegen Maria hebben gezegd: ‘mevrouw, wat heb ik met u.’

Zou je ook tegen die mevrouw van het onderzoek kunnen zeggen: wat heb ik met u?

maandag 9 april 2018

Opgebrand

Burnout, al weer zo’n uit Amerika overgewaaid begrip. Zeg maar gerust ‘opgebrand’. Bij driekwart van haar vriendinnen, meldt een kennis – niet eens studenten – zou de kaars uitgegaan zijn. De stakkers. Ik word er eerlijk gezegd ‘n beetje verward van. Alles goed en wel, als het in elkaar draaien van zo’n verhaal maar niet tot de onderzoeksjournalistiek wordt gerekend.

‘n Paar weken geleden kwamen hier twee monteurs een nieuwe koelkast inbouwen. Het had nog heel wat moeite gekost, een leverancier te vinden die dat erbij deed. Met open mond aanschouwde ik de precisie waarmee ze te werk gingen en dacht: die zijn pas hoger opgeleid. Geen spoor van te hoge werkdruk – alleen maar plezier in het leven.

Nu schijnt het de studenten, die last zeggen te hebben van overbelasting en  van een op z’n minst dreigende burnout, ook niet aan plezier te ontbreken, al noemen ze dat sociale bezigheden. Die houden namelijk heel wat meer in dan af en toe een terrasje pikken en uit eten gaan, vaker dan af en toe.

Het leven in de grote stad, bij voorkeur Amsterdam, vraagt veel van onze vrienden en vriendinnen in hogere opleiding. Je moet ze even weten te vinden, die etablissementen, waar op de toiletten druk wordt gesnoven en geslikt, maar dan heb je ook wat: op oorverdovend gestamp, met glazige, nietsziende ogen staan ze daar dan te armzwaaien.

Dat ik niet uit m’n nek klets, blijkt uit onderzoek, ja ja, van het Eindhovens Dagblad. Dat meldt over xtc: populair op festivals, bij jongeren (18-24 jaar) met hbo-opleiding of universiteit. En over amfetamine: gebruikers voornamelijk 25 tot 29 jaar, hoog opgeleid.

Zak…eh…brand maar lekker door, als je maar niet over burnout zeurt.

zaterdag 31 maart 2018

Stelt dat ANP nog wel iets voor?

John de Mol heeft het ANP (Algemeen Nederlands Persbureau) opgekocht en de journalistenbond vindt dat maar niks; vreest voor de onafhankelijkheid van de organisatie. Maar stelt dat ANP nog wel iets voor? We horen of zien als nieuwsgebruiker er nauwelijks meer iets van.
Het persbureau werd in de jaren dertig van de vorige eeuw opgericht door de gezamenlijke Nederlandse dagbladen, om hen te voorzien van binnen- en buitenlands nieuws. Het ANP was daarvoor zelf weer geabonneerd op buitenlandse bureaus als Reuters en AFP. Vooral de regionale bladen, die toen buiten hun verspreidingsgebied nog nauwelijks eigen verslaggevers hadden, voeren daar wel bij. Het nieuws bereikte de kranten via de telex, ook wel verreschrijver genoemd. Er was tot diep in de twintigste eeuw ook een Radionieuwsdienst, verzorgd door het ANP. Maar ja, dat was nog in de tijd dat de uitzendingen om 24 uur met het Wilhelmus werden afgesloten.
Kranten konden al dan niet bewerkte  berichten en artikelen van het ANP plaatsen zonder bronvermelding, alsof het uit eigen koker kwam. Er waren er ook die keurig tussen haakjes de bron vermeldden. Vijftig jaar geleden beleefde Nederland ‘de grootste spoorwegramp’ uit haar geschiedenis. Harmelen. Toen men bij mijn krant voorstelde, erop af te vliegen, besliste een minkukel van een hoofdredacteur: ‘Dat nemen we wel van het ANP.’
De dagbladen dreven bij verkiezingen volledig op het persbureau, dat de formats tijdig tevoren leverde, zodat die op verkiezingsavond snel konden worden aangepast. Dat werkte perfect. De kranten hadden de uitslagen de volgende morgen. Moet je nu niet meer om komen. Heeft niet eens zoveel met het tellen te maken.
De NOS werkt op verkiezingsavond met exit polls. Bij de raadsverkiezingen van 21 maart, bood de NOS haar app-gebruikers aan, de door hen gewenste uitslag(en) zo snel mogelijk per email door te geven. Daar kwam weinig van terecht. De uitslag van de gemeente Best verkreeg ik om 00.10 uur door wat te surfen op het internet. De beloofde mail van de NOS kwam om 05.00 uur, als mosterd na de maaltijd.
Ben die avond ook nog even op de website van het ANP geweest. Het leek daar, of er geen verkiezingen waren geweest.

donderdag 29 maart 2018

Nieuwe heren, nieuwe stupiditeiten

In de Bredase haven, vlakbij het Spanjaardsgat (waar het beroemde turfschip trouwens niet doorheen voer) ligt een binnenschip dat al bijna een halve eeuw dienst doet als café-bar: Spinola (genoemd naar een Spaanse veldheer uit de 80-jarige oorlog) Wie Breda ‘n beetje kent, al is het maar van het stappen, kent het. Dat horecaschip is door de 72-jarige eigenaar nu verkocht aan twee Helmondse ondernemers, Geert Blenckers en Jeroen van Schijndel. En wat doen die? Ze herdopen het schip in Bobby’s Boat.

Laat ik maar eens een vergeten uitdrukking van stal halen: nieuwe heren, nieuwe wetten en die parafraseren: nieuwe stupiditeiten. Moet je daarvoor uit Helmond komen? Je zou het haast gaan denken.

Er bestaat ook zoiets als geestelijk erfgoed. Dat dacht ik ook, toen een Oirschottenaar ‘n aantal jaren geleden het bekendste café van Best overnam: het Blauw Boerke, in de wandeling aangeduid met d’n blauwe. In Brabant betekent dat ‘de rooie’. En zo was het: een vorige eigenaar had rood haar. De nieuwe heer maakte er Ambacht van. Ik wen er nooit aan en mij ontbreekt zelfs de goesting er naar toe te gaan.

woensdag 28 maart 2018

‘n Telefoontje en alleen maar ‘n telefoontje

Mijn Nokia telefoontje, wel twintig jaar oud, heeft het begeven. Je kon er alleen maar mee bellen en sms-en, maar toch jammer. Gebruikte het voornamelijk voor internetbankieren. Vorig jaar circuleerde het bericht dat de Finnen een retro-versie van dat telefoontje zouden uitbrengen, maar eigenlijk niks meer van gehoord.

De oplossing: een oude Samsung GT-19001 van Levensmaatje, met Android besturingssysteem, dat zowaar nog werd opgewaardeerd. Dat ding heb ik zoveel mogelijk uitgekleed (van apps ontdaan en zo) en losgekoppeld van het internet. Weg ermee allemaal.

Deze week hoorde ik in het radioprogramma Dit is de nacht studenten filosoferen over hun telefoonverslaving en hoe ze daarmee hadden afgerekend. Uiteraard meteen ook met  Facebook en What’s App. Herken het een en ander; de avond tevoren op de bank naar een Netflix-serie kijkend, had ik al moeten vaststellen dat er een telefoontje in plaats van ondergetekende werd geknuffeld.

Ga dus met mijn ‘nieuwe’ telefoon als vanouds verder. Levensmaatje zit overigens wel met de brokken. Ze had, weliswaar nadat ze mijn simkaart erin had gestopt, een flink aantal specifieke telefoonnummers gewist, zich niet realiserende dat Google-synchronisatie nog aanstond. Zodat ze nu haar eigen smartphone moet bijwerken.

‘t Is toch wa.

Nasissen

De regering wil de procedure in gang zetten, die moet leiden naar een verbod van knalvuurwerk, rotjes en andere dingen die je het liefst zover mogelijk van je af gooit. Ik heb het vuurwerkmanifest getekend dat mikt op een algeheel verbod van particulier vuurwerk. Meer dan 65.000 Nederlanders zijn me daarin al voorgegaan, hoorde ik op het Radio 1 Journaal. Een meerderheid is sowieso voor algemene afschaffing, waar bij percentages de ronde doen van 55 tot meer dan 60 procent. Oogartsen vinden de voorgenomen eerste maatregel niet genoeg.

In mijn naaste omgeving zijn twee kinderen die de laatste nieuwaarsnacht door rondvliegend vuurwerk zijn getroffen. Ze zijn beiden zwaar getraumatiseerd en van één jongetje staat vast, dat hij er z’n hele leven last van zal hebben. Ik zal je de verdere details besparen.

Over tradities zal ik het ook maar niet hebben, daar worden in dit land al genoeg redeneringen aan opgehangen. Wel snap ik het nasissen van de vuurwerkverkopers, doorgaans ondernemers die in een, laten we zeggen ‘onschuldiger’. branche hun brood verdienen, maar in de laatste weken van december hun klapper maken. Zij ondervinden trouwens toch al zware concurrentie van levensgevaarlijke, illegaal geïmporteerde bommen. Die rommel zou bij een knalverbod beter bestreden kunnen worden. Immers, wie dan nog knalt is nat.

Er is dit geval volop reden, achter de toch al te vaak agressief benaderde politie en hulpverleners te gaan staan. Het is mooi geweest en het knalverbod is een eerste stap in de goede richting, zoals ook een kamermeerderheid lijkt te denken. Professionele vuurwerkshows, zoals bij onze zuiderburen, zouden in enkele jaren kunnen uitgroeien tot, ja, een gewaardeerde traditie.

maandag 26 maart 2018

Is de weg gevaarlijk of de gebruiker?

Het zit mij de laatste dagen niet mee. Vorige week verkeek ik mij op het proces verbaal van de gemeenteraadsverkiezing in Best en vanmorgen ging ik af op het krantenkop lezen van Levensmaatje, die mij aan het ontbijt meedeelde: ze vinden de Bestseweg een gevaarlijke weg, Ik schreef naar aanleiding daarvan een geharnast stukje, waarop bijna oud-raadslid Paul Gondrie direct reageerde met de opmerking: je hebt het over de verkeerde weg. Vandaar nu deze revisie, naar aanleiding van een bericht in het ED, dat de N270 (Helmond-Deurne) en de N620 (Best-Son) op de lijst van ‘gevaarlijke wegen’ staan. RTL Nieuws had dat uitgezocht.

Paul Gondrie: ‘Het is de N620, de weg die wij meestal de Sonseweg noemen maar na het Oud Meer overgaat in de Bestseweg. Ik snap jouw levensmaatje wel want de weg naar Oirschot noemen wij de Oirschotseweg maar na verloop van tijd heet die richting Oirschot ook Bestseweg.’

De Sonseweg, waarover het vanuit Best gezien dus gaat is ‘n eenbaansweg met net buiten de bebouwde kom over ongeveer een kilometer een zone, waar een maximum snelheid van 60 km geldt – aangegeven met een knipperinstallatie. De weg heeft verderop uitritten van het Joe Manntheater annex horecagelegenheid (wandelgebied) een café-restaurant, het museum Bevrijdende Vleugels, en die van een weg langs het Wilhelminakanaal die vanaf Best langs het destructiebedrijf Rendac loopt. Aan Sonse kant heb je dan nog een recreatiegebied Oud Meer, voordat de weg uitkomt bij de op- en afritten van de A50.

Maar hoe gevaarlijk is die weg? We zijn nu aangeland bij waar ik in mijn vorig stukje (dat ik zal verwijderen) gebleven was.

Over de N-weg Helmond-Deurne is de laatste weken veel te doen geweest, sinds daar in één klap vijf doden vielen. Dat wil zeggen, er is eindeloos gedelibereerd over ‘gevaarlijk’, totdat, aan de staart van zo’n verhaal, een verkeersdeskundige durfde op te merken: ‘De kern van het probleem is natuurlijk het rijgedrag.’

Ja, ik weet het, net als bij voetbal, denkt iedereen evenveel verstand te hebben van verkeer. Dus doe ik ook mijn zegje. Sommigen zoeken de oplossing van het fileprobleem bij meer asfalt. Ik houd het toch maar op het rijgedrag. Driekwart van de filemeldingen gaat gepaard met de mededeling  ‘na een ongeluk’.

Ik heb dezer dagen mijn casco-verzekering opgezegd. Wens niet langer op te draaien voor de schades van de onbenullen die stelselmatig, al telefonerend de maximum snelheden negeren en er – vooral in de spiits – een wild-west-vertoning van maken.

vrijdag 16 maart 2018

Betaalmuur

De kranten van De Persgroep NL, waartoe onder meer het Eindhovens Dagblad en het Brabants Dagblad behoren, voeren op hun websites de betaalmuur in. Het klinkt hard, maar het is niet onlogisch en zeker niet te vroeg, zo hebben de hoofdredacties de abonnees uitgelegd.

Met name buitenlandse dagbladen als de New York Times en ook de tot De Persgroep B behorende De Morgen werken er al jaren mee. In Nederland heb je de digitale kiosk Blendle, waar je tegen redelijke prijzen een scala aan kranten en tijdschriften online kunt lezen. Abonnees van Persgroep-bladen zijn in de riante positie, dat ze alle aangesloten media gratis op hun telefoontje kunnen volgen.

Nieuwsgaring, zeker onderzoeksjournalistiek, waarmee onder meer het ED zich regionaal onderscheidt, kost geld, dat zal duidelijk zijn. Om van de verwerking, productie en verspreiding op papier of online nog maar te zwijgen.

Journalist en tegenwoordig hoogleraar in zijn vak Bart Brouwers beschreef in 2013 in zijn boek Na de deadline de problematiek van ‘de pers’ en concludeerde: Sloop het gebouw voordat het instort en begin van voren af aan. Brouwers is niet alleen theoreticus: hij is ook als ondernemer betrokken bij de digitale regiokrant E52 (‘Elke dag het nieuws voor innovatief Eindhoven’), waarvan ik de ‘rentabiliteit’ niet ken, maar die in elk geval het plan voor een wekelijkse editie op papier niet heeft kunnen realiseren.

Een ander, zeker succesvol experiment (hoewel, het experiment ontgroeid, lijkt me) is de ‘onlinekrant’ DeCorrespondent, gevoed met artikelen van gerenommeerde journalisten, die het, als ik het goed heb, al tot ca. 50.000 betalende abonnees heeft gebracht. Een blijvertje.
De abonnees van de dagbladen realiseren zich het ‘niks voor niks’, anders zouden ze geen abonnee zijn. Maar of dat ook geldt voor de massa, die een baaierd aan informatie via wat voor scherm dan ook gratis krijgt voorgeschoteld, is niet eens de vraag. Het ED poneerde na de aankondiging van de betaalmuur, online de stelling Betalen voor nieuws is logisch. Uitslag: 87% is het daar niet mee eens. Ik weet zeker dat dat allemaal ‘nieuwszappers’ zijn. Mogelijk nemen die ook het nepnieuws voor lief.

donderdag 15 maart 2018

Fusie Nuenen-Eindhoven - Wie belanghebbend?

De provincie Noord-Brabant gaat nog deze maand drie ‘informatiebijeenkomsten’ houden in Nuenen, met het oog op haar voornemen, de gemeente te laten fuseren met Eindhoven.
In een advertentie in de regionale pers, zegt de provincie: ‘Tijdens deze bijeenkomsten wordt aangegeven hoe en waarom tot de herindeling is besloten en wat de vervolgstappen zijn. Daarnaast willen we met u (bewoners en belanghebbenden, tSs.) in gesprek over de nieuw te vormen gemeente. Wat wilt u geregeld zien? Waar maakt u zich zorgen over? Wat vraagt onze aandacht?’
Tot zover de provincie Noord-Brabant. (Aanmelden www.brabant.nl)

De vraag is, wie in dit geval als ‘belanghebbend’ kan worden beschouwd. Het geval Nuenen-Eindhoven staat niet op zichzelf. Gaan we uit van recente uitlatingen van Eindhovens burgemeester John Jorritsma en andere ervaren bestuurders/deskundigen over de bestuurlijke toekomst van Zuid-Oost Brabant, dan is Nuenen slechts een deel van het probleem. Ook de positie van andere randgemeenten, met name Son en Breugel, is in het geding; laatstgenoemde gemeente is lange tijd als alternatief beschouwd voor een fusie met Nuenen.

Op welke manier dan ook een samengaan van Eindhoven en Nuenen zal worden geregeld, er zal altijd een moment komen dat er in de regio verder zal moeten worden gereisd. De provincie zal dat moeilijk kunnen ontkennen, want ze heeft het zelf vorig jaar aangegeven. Men is nog lang niet uitgestudeerd en er liggen nog tal van mogelijkheden open. Eindhoven plus deelgemeenten, zoals geopperd door de Bestse oud-bestuurder Jan van Beerendonk? Die suggestie zou wel wat meer aandacht mogen krijgen dan tot nu toe.

Alle inwoners van Zuid-Oost Brabant zijn dus belanghebbend.

dinsdag 13 maart 2018

Nee, we noemen geen namen

Nee, nee, nee, we noemen geen namen. Namen noemen we niet, zong de grondlegger van de oudejaarsconference, Wim Kan. Terwijl iedere landelijke politicus in die tijd zat te wachten op het moment dat hij/zij zou worden genoemd – zonder dat was je niks.

Maar in dit verhaaltje over de naderende gemeenteraadsverkiezing zeg ik het Kan na, want ‘volstrekte neutraliteit.’

Onlangs vroeg iemand op een buurtapp zich af, wie van het gemeentebestuur verantwoordelijk is voor het nieuwe, nogal omstreden afvalbeleid in Best. Dit, kennelijk om er achter te komen, op welke partij hij op 21 maart niet zal stemmen. Ik heb daarop, overeenkomstig de waarheid, geantwoord: een raadsmeerderheid.

Wie de verkiezing volgende week ‘vergeet, of besluit te vergeten,’ kan dit niet wijten aan de voorlichting. Afgezien van de aandacht van de traditionele en sociale media, die omvangrijker en genuanceerder dan ooit is, beschikken we over uitgebreide informatie van de plaatselijke overheid en de verkiezingsprogramma’s van de acht deelnemende partijen. (Met kieswijzers heb ik niet zoveel, of eigenlijk helemaal niks.)

Het lijsttrekkersdebat, afgelopen vrijdag in ‘t Tejaterke, dat zoveel belangstelling trok dat de organisatoren er beduusd van waren, bood naar mijn smaak niet de informatie op grond waarvan ik mijn keuze kon bepalen. Maar ik ben er toch uit! Nee, we noemen geen namen. De verkiezingsprogramma’s bleken al in een eerder stadium voldoende aanknopingspunten te bieden. Wat ze wèl en wat ze niet te zeggen hebben.

Veel partijen blijven steken in algemeenheden, of hebben helemaal niets mee te delen over wat momenteel in Best aan de orde is. Aan borstklopperij over wat in de loop van jaren – meer jaren dan die van de afgelopen zittingsperiode van de raad – is bereikt, hebben we niets. Dat maken we zelf wel uit. Slechts ‘n enkele partij durft het achterste van haar tong te laten zien; daar weet je nu van, waar ze zich allemaal aan belooft te houden. Ik zou zeggen, ga zelf kijken op de website van de gemeente en zoek op ‘Verkiezingen’.

Er is één actualiteit in de Bestse politiek die bijzondere aandacht nodig heeft. Dat is de transparantie oftewel de openbaarheid van bestuur. In het lijsttrekkersdebat is door deze en gene ‘spijt’ betuigt over de beslotenheid, waarin vorig jaar met een inmiddels met ziekteverlof zijnde burgemeester over de door hem opgeroepen problematiek is gediscussieerd en dat was dan dat. Het gebrek aan openbaarheid in het algemeen is in Best een structureel verschijnsel. Ik kan dat aantonen.

De informatie over de begroting voor 2018 op de gemeentelijke website bevat slechts een ‘samenvattend overzicht van baten en lasten.’ Daarover heb ik wel wat te vragen. De gemeentebegroting is een openbaar stuk! Ik weet niet of dat nog gebeurt, maar ze werd ooit compleet de krantenredacties toegestuurd. Ik wil weten, hoe de zittende raadsmeerderheid met onze centen omspringt. Dus heb ik de afdeling communicatie van de gemeemte Best een vraag over financiën voorgelegd, per e-mail, via het daarvoor geëigende adres en na een week nog eens telefonisch. Inmiddels zijn er meer dan veertien dagen verstreken, maar ik kan u niet verder inlichten. De openbaarheid is afwezig in de gemeente Best.

Over die openbaarheid rept geen enkel verkiezingsprogramma; wel duikt het woord ‘transparantie’ op in een reclamefilmpje op YouTube.

Nee,  we noemen geen namen. Namen noemen we niet.

vrijdag 9 maart 2018

Machteloze woede

Mensen noem elkaar geen mietje,

Eenmaal zing je allemaal,

Allemaal het ouwe liedje,

‘t Is de schuld van ‘t kapitaal

Zong de onvolprezen Leen Jongewaard in de brekende jaren zeventig. Kan zo weer ‘n hit worden, als je de machteloze woede ziet die de ING-bank nationaal heeft opgeroepen met het plan de baas eventjes te voorzien van een salarisverhoging met 50 (zegge vijftig) procent tot drie miljoen per jaar. Ik hoef daar niks meer van toe te lichten, dat heeft iedereen al gedaan, tot De Telegraaf aan toe: een opgestoken vinger van de ING.

Machteloze woede, ja, ook bij de politiek, want die bank is ongrijpbaar, ook voor zoiets als de Balkenende-norm. Het is trouwens een internationale trend, de teugels voor de banken weer te laten vieren, zodat ze hun wanbeleid van voor 2008, die tot een mondiale financiële crisis heeft geleid, weer vrolijk kunnen oppakken.

De argumentatie bij de ING slaat natuurlijk nergens op: allemaal het ouwe liedje. 'Anders lopen ze weg, naar het buitenland.’ En het is ‘natuurlijk’ een beloning voor het goed functioneren van de bank. Een beloning die dan in de eerste plaats het personeel toekomt, hoorde ik – met mijn instemming – op de nachtradio zeggen. Zoals ook de gederfde spaarrente ter sprake kwam. De burger betaalt, zoals dat ook het geval zal zijn als het weer mis gaat en de staat met ons belastinggeld moet bijspringen.

En uiteraard hebben ze het weglopen van enkele duizenden klanten ingecalculeerd – dat is eerder gebeurd. Maar 1. wat kan hen dat schelen? 2. Begin er gerust aan. Je zit met machtigingen tot afschrijving etc. met handen en voeten aan zo’n bank gebonden. Overstappen kost je minstens een dag werk, met het risico dat er toch nog iets mis gaat.

Ik moest trouwens wel even grinniken – mooi meegenomen – toen president commissaris Jeroen van der Veer gistermiddag eerst een slokje water moest nemen, alvorens de kritische vragen van Nieuws & Co op Radio 1 te beantwoorden.

vrijdag 2 maart 2018

Tussen ‘t ED en die wethouder komt ‘t nooit meer goed

Columns zijn meningen, maar dat wil nog niet zeggen dat er geen nieuws in kan staan, al is het maar via een U-bocht-constructie.

Corrie de Leeuw, oud-stadsredacteur van het Eindhovens Dagblad en tegenwoordig opererend in onder meer de gemeente Geldrop-Mierlo (waarvan ze heeft geconstateerd dat de neuzen er twee kanten uit staan, richting Eindhoven, respectievelijk Helmond) is ook een vaardig columniste, wat volgens mij tevens inhoudt dat ze in die kwaliteit het nieuws goed bijhoudt. Neem nou deze week haar stukje Wraak. Daarin laat ze doorschemeren dat het tussen het ED en een bepaalde wethouder van Eindhoven nooit meer goed komt.

Het is een kwestie van determineren. Tijdens de verkiezingscampagne in 2014 kreeg de krant het aan de stok met een kandidaat van een van de vele partijtjes die toen een gooi naar het raadspluche deden. Die man was niet uitgenodigd voor het lijsttrekkersdebat – viel niet aan te beginnen, za’k maar zegge.

De man kwam, zoals min of meer te verwachten viel, niet in de Eindhovense raad, maar wat wil het toeval? Hij is nu woordvoerder van een wethouder, die ‘niets meer met het ED te maken wil hebben’. Kan dus regelmatig nee verkopen als de krant aan de lijn komt. Daarop slaat het kopje ‘Wraak’.

De naam van de betrokken wethouder staat niet in de column, maar naar haar identiteit (het is een zij) is het gemakkelijk raden: Mary-Ann Schreurs, wier ‘loodzware’ portefeuille volgens Wikipedia bestaat uit: innovatie, design, cultuur, monumenten en archeologie, duurzaamheid en milieu, groen, water en licht, roadmap educatie, bedrijfsvoering en P&O, NRE-terrein en Mariënhage. Welnu, deze Mary-Ann is in het ED van 18 mei 2017 onder de kop ‘Het orakel van het Stadhuisplein’ tot de grond toe afgebrand. Laat ik volstaan met de inleiding van dat verhaal te citeren:

Onsamenhangende betogen, zinnen die niets met elkaar te maken hebben, uitweidingen die niets met het onderwerp te maken hebben. De Eindhovense wethouder Mary-Ann Schreurs van D66 grossiert erin. Hoe is het mogelijk dat ze nog steeds in het zadel zit?

De slotvraag keert regelmatig terug in de 37 publieke reacties op de website van de krant, waarbij ook Schreurs’ partij D66 er van langs krijgt. Niet dat iemand er zich iets van aan trekt, want de politica in kwestie staat weer vrolijk op de kandidatenlijst, nog wel als lijsttrekker.

Blijft nog één vraag over. Wie wint uiteindelijk de strijd, als een wethouder niet on speaking terms (geliefde taal van deze wethouder) met hét nieuws- en controle-medium van de regio? Ik kan vanuit mijn ervaringen menig voorbeeld noemen van een bestuurder, die uiteindelijk op z’n knieën naar de krant kroop, of met zijn klacht daar op boze toon de deur werd gewezen.

Botte machtsuitoefening van de krant? Ook daar gelden integriteitsregels en ze worden ook nog eens in de volle openbaarheid toegepast.

donderdag 22 februari 2018

Ruzie om niks

Onder de coalitiepartijen is ruzie ontstaan over het melden van de nieuwste standpunten aangaande Lelystad Airport. Heerlijk, hoe meer ruzie in die hoek, hoe liever, waarover het ook gaat.  In dit geval om niks dus.

Dat krijg je, als kabinetsbeleid of landelijke politiek synchroon loopt met naderende gemeenteraadsverkiezingen. Dan moet er door partijen gescoord worden, heeft CDA-kamerlid Mustafa Amhaouch zich gerealiseerd, dus tetterde hij (kwalificatie van onbekende bron) voortijdig over het uitstel van de opening van het vliegveld, die door noord-oost Nederland met angst en beven tegemoet wordt gezien. Minister Cora van Nieuwenhuizen kon alleen maar mosterd na de maaltijd bereiden.

Het is een uitstel van executie, want denk maar niet dat het kabinet en de luchtvaartlobby (Schiphol, KLM) zich in de komende jaren opeens gaan realiseren dat Nederland te klein is voor de tomeloze groei van het luchtverkeer, die aan basis van de ontwikkeling van regionale luchthavens (inclusief Eindhoven Airport) ligt.

De ‘onderliggende’ gemeenten en hun bewoners kunnen de borst nat maken voor een oorlog à la de Groningers met hun aardbevingen.

dinsdag 20 februari 2018

Algemene Nederlandse Wielrijders Bond

De ANWB, al meer dan 75 jaar Kampioen van de autolobby, lijkt teruggekeerd tot haar corebusiness: Algemene Nederlandse Wielrijders Bond. In een interview in het AD en consorten doet directeur Frits van Bruggen, in het kader van de naderende verkieziingen, een oproep tot de gemeenten, te gaan zorgen voor veiliger fietspaden. Ook zouden er meer 30-kilometerzones moeten komen.

De actie is gebaseerd op een onderzoek onder 22.000 ANWB-leden (automobilisten, die wellicht ook wel eens fietsen?) waaruit blijkt dat  ‘fietsers in de grote steden zich het onveiligst voelen’. Amsterdam, hoe kan het anders, voorop.

Onder de relevante vragen aan het adres van Van Bruggen, mis ik er minstens één: roept de gemiddelde fietser de onveiligheid niet over zich af? Het lijkt nauwelijks nodig, deze vraag nader toe te lichten, maar ik herinner toch maar aan enkele veelvuldig geuite klachten over het gedrag van fietsers, de rennersclubjes en de electrificatie buiten beschouwing latend. De wild-west-praktijk in, ja, vooral Amsterdam, het rijden door rood en zonder rood (achterlicht), het over de volle breedte in beslag nemen van fietspaden door scholieren, die trouwens al kwebbelend en chattend eerder denken aan hun ‘rechten’ (op rotondes bv) dan aan hun plicht tot uitkijken en anticiperen.

Ja mensen, het gaat als zo vaak om de nuance. Natuurlijk wil ik ‘de strijd’ van Van Bruggen niet diskwalificeren, al heb ik ook mijn bedenkingen tegen zijn idee, het aantal 30-kilometerzones uit te breiden, omdat algemeen bekend is dat ze niet werken c.q. in de praktijk te handhaven. Verkeersveiligheid zit voor driekwart tussen de oren.

donderdag 8 februari 2018

Campina = Kempen

Grappige passage in een Volkskrant-artikel:
‘Tien jaar geleden raakte de noordelijke provincie Friesland Foods kwijt dat als zuivelcoöperatie terugging tot 1879. Overgenomen door Campina, Amersfoort. Vijf jaar geleden ging de regionale Friesland Bank verloren, na honderd jaar. Opgeslokt door Rabo, Utrecht. En nu is De Friesland Zorg aan de beurt. Ontmanteld door Achmea, Zeist.’

Hadden die Friezen de Coöperatieve Condensfabriek Friesland (jazeker met het merk Friese Vlag, dat trouwens wijselijk is behouden) maar niet moeten omdopen in Friesland Foods, dat even terzijde.

De Amsterdamse krant wringt zich in nogal wat bochten om het waar te maken dat het weer gaat om een gevecht tussen Friezen en Hollanders, à la Slag bij Warns (1345, jaarlijks herdacht). Maar Utrecht (‘t Sticht) waar de gefuseerde Raiffeisen- en Boerenleenbanken als Rabobank zijn gevestigd, is geen Holland en de Campina ‘te Amersfoort’ is in Eindhoven ontstaan uit een fusie van coöperatieve zuivelfabriekjes in De Kempen.

Voor de volledigheid: de naam van deze streek wordt wel verklaard uit berichten die daar gestationeerde Romeinen zouden zijn begonnen met de vermelding ‘Campina’, wat ‘te velde’ betekent. Er is trouwens ook een natuurgebied bij Boxtel, een eind buiten De Kempen, dat Kampinase Heide heet.

maandag 5 februari 2018

Achtergrondmuziek

Floris Kortie droeg zondagavond, tijdens Podiium Witteman, een tv-programma dat met succes klassieke muziiek dichter bij de mensen probeert te brengen, een gedekt dinertafeltje aan ter ‘illustratie’ van zijn onderwerp: achtergrondmuziek in restaurants. Gewenst, ongewenst, of zelfs gehaat. Er zijn mensen, als presentator Paul Witteman, die een weigering om dit soort deuntjes wat zachter te zetten, honoreren met hun vertrek.

Margriet Vroomans, presentator van Radio 4, twitterde vanmorgen bij wijze van grap dat zij Podium Witteman op de achtergrond pleegt te houden als zij aan de maaltijd zit. Oud-kamervoorzitter Frans Weisglas – immer op Twitter aanwezig – vond dit in elk geval leuk.

Maar nu even serieus: wij zorgen altijd de maaltijd achter de kiezen te hebben teneinde tijdig klaar te zitten voor Podium Witteman. Concentratie was deze keer meer dan ooit gewenst, al was het alleen al voor Robbert Dijkgraaf, die het, ook als het over muziek gaat, zo mooi kan zeggen. Het Estlands Kamerkoor met een schitterend stuk van landgenoot Arvo Pärt was trouwens ook niets voor tussen de soep en de aardappelen. Zomin als de uit het hoofd gespeelde variaties op een werk van Bach door huisorkest Fuse.

Achtergrondmuziek? We waren eens te gast in een auberge in de Ardennen, gedreven door twee gezusters die, zoals het cliché wil, de sterren van de hemel kookten. Geen muziek. Toen we, enkele jaren later, dat weekeinde wilden herhalen, bleek het etablissement overgenomen door een Hollander, die ons handenwrijvend tegemoet trad en die dan ook de prijzen aanzienlijk had verhoogd. Maar erger nog was het feit dat hij meende ons van de morgen tot de avond te moeten trakteren op de tamelijk luid afgestelde weergave  van symfonieën à la Tchaikovsky. Niks ten nadele van, maar…

We draaien graag klassieken, met de laatste tijd een zekere voorkeur voor oratoria of koormuziek van onder anderen Haydn, Handel en diens voorganger Purcell. Maar niet onder het eten.

zondag 4 februari 2018

Het proces van de vorige eeuw

De weekendbijlage van het AD plus regionale kranten, waaronder het Eindhovens Dagblad had als coverstory een interview met Jan Hein Kuijpers, zowat tien jaar de advocaat van Willem Holleeder. ‘Door hem is alles sneller gegaan', bevestigt de inmiddels Nederlands bekendste strafpleiter. Dat kun je wel zeggen. Destijds,  toen hij de verdediging van H. overnam van Abraham Moskowitz, werd hij door de Volkskrant beschreven als een ‘jongen met losse veters’. Nu poseert Kuijpers, sigaret in de hand, in peperdure trendy kleren en rijdt hij in een zwarte Porsche Cayenne (soms wel 180 op de A2, wat hem op een voorwaardelijke rijontzegging is komen te staan).
Het proces van de eeuw, heet de zaak Holleeder, die deze week voortgang vindt. Elke eeuw kan er maar één hebben, denk ik dan. Zo staat me die van de vorige eeuw nog duidelijk voor de geest: de Berkelse arts O. (John Opdam), die achtereenvolgens zijn vrouw en een medegevangene, Adriaan Lodder, in de strafgevangenis te Leeuwarden met cyaankali om het leven bracht. En deswege tot tweemaal toe levenslang kreeg opgelegd. Een in één woord fantastische geschiedenis maar echt gebeurd. Holleeders turbulente criminele gedragingen vallen daarbij in de schaduw.

‘Niet doen, niet doen!’ riep de advocaat

De bron van het kwaad, waarvan niet alleen de toenmalige media smulden, was (jaren vijftig!) het feit dat O. het met de dienstmeid deed op de vloer van zijn praktijk in Berkel-Rodenrijs en niet alleen daar. Wikipedia houdt het sober op ‘een affaire’, maar er is een kleine bibliotheek volgeschreven over de dubbele strafzaak. Peter R. de Vries, toen verslaggever van Panorama schreef zich tot BN-er avant la lettre en geniet daar nog steeds van. Wat je van de verhalen op internet voor waar opvat, zoek je zelf maar uit. Sommige mededelingen kan ik als ex-verslaggever van een Friese krant, controleren en die blijken dan niet te kloppen.
Zo weet ik zeker dat journalisten, belast met de taak, de affaire O. te volgen, elkaar niet plachten te ontmoeten in het ‘nabij het Leeuwarder gerechtshof gelegen café De Klanderij,’ maar in het toenmalige  Hotel De Kroon aan de Stationsweg. Ik zie nog de landbouwjournalist van de Leeuwarder Courant met de bijnaam Geitenkop, die aan een ander tafeltje zijn informatie van De Veemarkt (zo heette zijn zaterdagse rubriek) verwerkte, de oren spitsen toen het merkwaardige gedrag van O’s eerste raadsman, mr. Huygens, werd besproken. De advocaat was op de trappen van het gerechtsgebouw gesignaleerd met…een vrouw en toen de fotografen hun camera richtten, had hij geroepen: ‘Niet doen, niet doen!’
Kort daarna werd Huygens vervangen door een Friese advocaat. Dat is dan wel weer waar.

donderdag 1 februari 2018

Ieder z’n watersnood

Ja, ieder z’n watersnood. Met de herinnering aan 1953 en z’n meer dan 1800 doden,klinkt dat enigszins pedant. Ik weet ‘t. Die zaterdagavond bezochten wij als  voortrekkers (oudere padvinders voor onwetenden) onze vriend Jan Goderie, die pas getrouwd was en in een oud huisje in de buurt van de Teteringsedijk in Breda woonden. We woeien langs de singels naar huis. Want het waaide, gatsamme wat waaide het.
Toch duurde het ‘s zondags vrij lang, voordat de omvang van de ramp via de radio tot ons doordrong. Nog dezelfde avond zaten we op elkaar gepakt in een legertruck, om tussen Steenbergen en het Volkerak dienstplichtigen in de bundels van lichtaggregaten te gaan helpen met het vullen van zandzakken.
In de dagen erna – het lyceum was dicht – zat  ik ter assistentie op de redactie van Dagblad De Stem. Het was de aanloop naar mijn aanstelling aldaar tot leerling journalist. Ik meende voor dat vak geboren te zijn en dat is, zeg ik achteraf, volkomen bewaarheid.
Ik had dat niet van een vreemde. Mijn vader was schrijver, journalist en voordrachtkunstenaar. Toen het Nationaal Rampenfonds in het leven was geroepen, werd hij geconfronteerd met een totaal ander probleem: de noden van de r.-k. missie in het Amazonegebied.
Als de missionarissen in die tijd verlof werd vergund, gebruikten ze hun ‘vakantie’ in het vaderland om geld in te zamelen voor hun werk. Zo ook pater Louis Soontiëns CSSP (van de Heilige Geest), wiens bedelactie door dat Rampenfonds natuurlijk weinig kans zou hebben, ware het niet dat mijn vader besloot, in voornoemde krant, waarvan hij een mensenleven medewerker is geweest, een Amazonefondsje te beginnen. Het werd een succes, zonder dat het ‘t Nationaal Rampenfonds – niet beter te weten – enige schade berokkende.

dinsdag 30 januari 2018

Twitter is geen riool

Sylvain Ephimenco is een door mij gewaardeerde Trouwcolumnist, maar vandaag rijdt hij toch wel een scheve schaats.

In een stuk over sociale media, waarin hij Facebook slechts even aanstipt als bij jongeren uit de gratie, beschrijft hij Twitter als een vunzig riool, zonder het medium echt te kennen.
Dat gaat dus zo: ‘Het proletarische plebs kan daar de elite ontmoeten, deze remloos schofferen en verscheuren tot er alleen lappen rood vlees overblijven. Bovendien kunnen in de twitter-arena de kromme zinnen van het rapaille door duizenden soortgenoten worden gelezen. Een druk op de zendknop en je achterstand op Multatuli en Mulisch is bijna ingelopen!’
En: ‘Soms bereikt me via rapporterende vrienden het vuil dat uit Twittervingers op die dag is ontsnapt. Maar ik hoef dit niet te weten. Ik heb er bewust voor gekozen nooit een letter of komma in deze kweekbouillon vol bacteriën te dompelen.’ Tot zover Ephimenco.

Ik heb het al vaak gezegd: Twitter ben je zelf. Jij maakt uit wie je volgt. Blijkt zo’n figuur van het soort miezerigheid, die S.E. beschrijft dan schrap je hem/haar gewoon uit je lijst (ontvolgen). Er zijn nog andere mogelijkheden om je account ‘schoon’ te houden: blokkeren (wat ik, eerlijk waar, nog nooit heb hoeven te doen) en jou mishagende reclame negeren.

Een greep uit mijn lijst: vooraanstaande kranten, blogs en websites, gerespecteerde journalisten, politici, wetenschappers en kunstenaars, sommige overheidsinstanties, publieke organen en verenigingen. Alles afgestemd op mijn interessesfeer.

k heb wat dat betreft wel wat tips voor de Franse Nederlander Sylvain: Secrets d’Histoire (inclusief YouTubekanaal) over de rijke geschiedenis van zijn vaderland, liefhebbers van de Franse impressionisten, die dagelijks repro’s laten zien, een Britse professor, die zich toelegt op de ‘historische figuur of dito gebeurtenis van de dag’.

Kortom ik heb aanleiding noch behoefte, Sylvains aanbeveling te volgen, mijn account te sluiten en te gaan wandelen. Wandelen doe ik trouwens al, elke morgen een half uur, recht uit m’n bed.

maandag 29 januari 2018

Burgemeesters voldoende gescreend?

Worden burgemeesters voor hun benoeming voldoende gescreend? Die vraag lijkt best relevant, ook al in de aanloop tot de gemeenteraadsverkiezingen, waarbij het gedragspatroon van raadskandidaten meer dan ooit aandacht krijgt. Maar de directe aanleiding tot de vraag is natuurlijk het alcoholprobleem van burgemeester Stefan Huisman in Oosterhout, dat kennelijk in het licht van de mondiale MeToo-hysterie opeens in een schril daglicht is komen te staan.

Veel is nog onduidelijk over het incident en vergelijkbare toestanden rond de burgemeester  in Oosterhout, wat op zich niet verwonderlijk is als je ziet hoe de omgeving van een burgemeester in de kramp schiet zodra zoiets in de openbaarheid komt.

Volgens een krantenbericht, dat zondag op Twitter was te lezen, heeft het probleem  Baco Huisman (bijnaam, afgeleid van een mixdrankje) in zijn vorige standplaats Hilvarenbeek al parten gespeeld, inclusief seksuele ontsporingen. Maar ja, toen speelde MeToo nog niet. Het bleef zodoende bij plaatselijke roddel.

Het doet me denken aan een geval in de Kempen, waar het feit dat een burgemeestersvrouw aan kleptomanie leed (ik heb dit uit de eerste hand) ooit geen beletsel vormde voor een fikse promotie van haar echtgenoot naar een veel grotere gemeente.

vrijdag 26 januari 2018

De man die zelf de quiz is

‘Kees Driehuis is zo ongeveer Per seconde wijzer’ zou een mediajournalist van de quizmaster hebben gezegd. Ik wil dat nog wel even aandikken: Driehuis (66) is al 29 jaar dat ‘spelletje’ van (BNN)Vara. De leeftijd doet het al vrezen: Kees gaat met pensioen.

Er zijn nauwelijks quizzen die wij volgen, maar PSW is er daar een van. Nog minder presentatoren beschikken over de eigenschappen, die je – twee episodes per jaar – naar zijn verschijning doen uitkijken. Kees Driehuis is een man die vooral zichzelf is, die zijn status van BN-er, zo hij die al heeft, zichtbaar koud laat. Die de deelnemers aan zijn spel in hun waarde laat, hartelijk met hun ups and downs meeleeft, hen stimuleert met zijn guitige blik achter de sterke brillenglazen, kortom een tv-persoonlijkheid van klasse.

Wat ‘Per Seconde Wijzer’ zelf betreft: laat de twee-eenheid toch maar betrekkelijk zijn en moge het de omroep lukken, een waardige opvolger zonder kapsones te vinden.

donderdag 25 januari 2018

Provincie Noord-Brabant blust plaatselijk brandje

Groot nieuws. Waarmee het Eindhovens Dagblad dan ook de krant opent: ‘Provincie pakt door: Nuenen bij Eindhoven.’ Ik citeer gemakshalve maar even wat van de inleiding: de provincie Noord-Brabant maakt binnen enkele jaren een einde aan Nuenen als zelfstandige gemeente, (…) Ze gaat daarbij lijnrecht in tegen het standpunt van de Nuenense gemeenteraad, die zich in november nog uitsprak dat het zeker niet met Eindhoven wil fuseren.’

Van de gemeente Son en Breugel, dat tot dusver als alternatief gold voor een fusie van Nuenen met Eindhoven, wordt verwacht dat zij zich opnieuw beraadt. Ze koos eerder voor blijvende zelfstandigheid, ondanks de waarschuwing van haar burgemeester dat dwang van bovenaf op de loer ligt.

Lekken is tegenwoordig eerder regel dan uitzondering. De provincie is daar kennelijk nog niet achter, want de drie betrokken burgemeesters zijn  (waarom eigenlijk?) vertrouwelijk geïnformeerd over de nieuwe voornemens van Gedeputeerde Staten. Jammer, want niemand, behalve een enkel raadslid, voelde zich vrij op het nieuws te reageren. Zo wel de opinieleider van het ED: ‘Lost de provincie slechts het probleem 'Nuenen' op of is het een stap op weg naar een grootscheepse herindeling van Zuidoost-Brabant?’

Precies. Toen ik onlangs een stukje schreef over het gehaspel van de gemeente Nuenen (Nuenen dwers) was ik – mea culpa – even de gedegen beschouwing vergeten die de doorgewinterde oud-bestuurder Jan van Beerendonk eerder aan het regionale herindelingsvraagstuk had gewijd: Voordeel van het grote, charme van het kleine. Van Beerendonk’s opvatting komt hierop neer: Vorm één grote gemeente, bestaande uit een aantal deelgemeenten. Niet  als verlengstuk van het centrale gemeentebestuur, maar redelijk autonome gemeenten die zorgen voor de eigen dorpscultuur en de lokale identiteit met een eigen budget. De centrale gemeente Eindhoven krijgt als taken de bovenlokale zaken als economische en ruimtelijke ontwikkeling en vooral ook coördinerende taken op het gebied van gespecialiseerde zorg en welzijn en andere beleidsterreinen waar nu de individuele gemeenten te klein voor blijken te zijn.

Conclusie: de provincie Noord-Brabant is druk doende met het blussen van een plaatselijk brandje, terwijl het vuur ondergronds voortwoekert.

dinsdag 16 januari 2018

Klapsigaar

Een Brabantse grootbrouwer heeft een carnavalsvierder ingehuurd om via een handtekeningenactie gedaan te krijgen, dat carnaval tot nationaal feest zal worden verheven. De man presenteert zich martiaal als de Argentijns/Cubaanse revolutionair Che Guevara – niet bepaald een carnavaleske figuur, als je het mij vraagt.  Een kolossale havana zou helpen, of nog liever ‘n klapsigaar.

De regionale pers, die tussen de natte sneeuwbuien en oprukkende wolven zonder schaapskleren door ook maar weinig meer heeft dan Blauwe Maandag, vervolgt de reeks verhalen over deze carnavalsmissionaris met de triomfantelijke mededeling dat het aantal petitionairs zo ongeveer de 100.000 heeft bereikt, met andere woorden de Haagse politiek zal er niet omheen kunnen. En de brouwer maar brouwen.

Reacties los maken via Facebook is tegenwoordig een fluitje van niks, zeker als er niet nagedacht hoeft te worden. Tik-tik-enter en klaar. Zo kan een grap bloedserieus worden of, beter gezegd, lijken.

Zo gemakkelijk gaat dat natuurlijk niet.

Nationale feestdagen zijn in dit land precies wat de woorden zeggen: feesten, die door het hele volk worden gedragen. En daarover wordt de laatste jaren flink gekissebist. Immers, is het wel eerlijk, aan Pinksteren, waarvan bijna niemand meer weet wat het betekent, een vrije maandag te wijden en de islamitische broeders in de steek te laten met hun Suikerfeest? En dan is er ook nog de Bevrijdingsdag, die tot veler ergernis maar eens in de vijf jaar geldig is. Bestaat trouwens het begrip ‘algemeen christelijke feestdagen’ nog? Ja zeker, zie Goede Vrijdag, al is dat tegenwoordig vooral een dag om in de file te gaan staan naar de vakantiebestemming.

Zou ik bijna de voorjaarsvakantie, op z’n Hollands krokus-, vergeten, die door de scholen in Brabant wordt ingezet met ja, precies, carnaval.

Ik heb, kortom, volop redenen om een lange feestneus te trekken naar de brouwer en z’n fop-Che. En, nee, ik begin geen tegen-enquête, al helemaal niet op Facebook. Nergens voor nodig.

(Gesproken column Omroep Best, 17.01.18, 18:10 uur.)

zaterdag 13 januari 2018

Wildplasser kan z’n gang gaan, als-ie maar man is

Dat weten we dus ook weer. In Amsterdam kan de wildplasser voortaan z’n gang gaan, als-ie maar man is. Het is levensgevaarlijk als je met je zatte kop in een gracht gaat staan plassen. Je bloed is dunner door de alcohol en dat heeft negatieve invloed op je hersens. Je kunt natuurlijk ook gewoon je evenwicht verliezen. Heel wat wildplassers zouden daardoor het leven hebben gelaten. God straft onmiddellijk.

Maar daar gaat Amsterdam dus iets aan doen: de kades zullen zodanig worden aangepast dat het risico van fataal wankelen en verdrinking sterk wordt gereduceerd. Kom lekker zuipen in Amsterdam, daar verzuip je niet. Wildplassen wordt hier – althans in deze zin – niet bestraft. En anders zijn er wel de krullen en andere pisbakken. Voor mannen.

Hiermee wordt de vrouwen wel het bloed onder de nagels uitgehaald. Hoor ik daar het tandengeknars van Geerte Penning, die in 2015, in hoge nood verkerend een plasje deed in een hoekje van het Leidseplein en werd beboet? Hetgeen door de rechter werd ondersteund.

Weet je waar het op lijkt? Op dat idiote idee van de gemeente Wijk bij Duurstede: jongeren belonen als ze geen schade met vuurwerk aanrichten.

vrijdag 12 januari 2018

Nuenen dwers

Er bestaat een vergeten gezegde over de mentaliteit van de inwoners van Nuenen: Nuenen dwers. Tegendraads dus. Een spoor van deze recalcitrantie trof ik deze week aan in een openingskop van het Eindhovens Dagblad. '’Opgelegde fusie werkt averechts.’ Lezers van deze krant weten onmiddellijk waar dit op slaat: een herindeling van gemeenten in Zuid-Oost Brabant, waarbij de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten bij Eindhoven wordt gevoegd dan wel samengaat met de eveneens aangrenzende gemeente Son en Breugel. Nuenen ligt in alle opzichten dwers.

Nuenen c.a. is allang niet meer het landelijke dorpentrio van Vincent van Gogh, maar sinds bijkans een halve eeuw een riante woongemeente vol nieuwkomers binnen de agglomeratie Eindhoven, aan wie de klassieke dwarsheid vreemd is. Er zijn onder die inwoners onlangs enquêtes gehouden over een eventuele fusie met buurgemeenten. Van één van die onderzoeken, begin december ingesteld in opdracht van de provincie Noord-Brabant, is bij mijn weten de uitslag nog niet bekend; de andere, uitgevoerd door het ED, wijst – hoewel volgens erkenning van de krant niet representatief – op een voorkeur voor een samengaan met Eindhoven. Wat een wonder, Nuenen is de laatste jaren allesbehalve een toonbeeld van bestuurskracht. De provincie vindt dat ook en heeft dan ook wat de gemeentelijke herindeling betreft, de regie in handen genomen.

Luisteren naar de burger is in de doorsnee gemeente  niet de sterkste kant van bestuurders en raadsleden. Wel woorden (verkiezingsprogramma’s), maar geen daden. Los daarvan, waarschuwingen onder meer van de burgemeester van Son en Breugel, dat weigering om de zelfstandigheid van de gemeente ter discussie te stellen, zal leiden tot dwang van bovenaf, worden zonder gedegen argumenten in de wind geslagen. Terzijde: Best miste op het cruciale moment van de gedachtenvorming (op uitnodiging van de provincie) over dit onderwerp de inspiratie van een burgemeester.

Nuenen heeft er nu het volgende op gevonden. Hij heeft opeens weer voldoende bestuurskracht. Ik citeer maar weer eens het ED (11.01.18): ‘Het Nuense college van B en W concludeert op basis van nieuw onderzoek dat het argument om de gemeente op korte termijn op te heffen, is verdwenen. Een gedwongen fusie van de gemeente kan zelfs averechts uitpakken voor de bestuurskracht in de regio.’

Averechts. Ik vind op encyclo.nl maar liefst zes definities van dit woord, waaronder verkeerd; links; lomp; de averechtsche zijde, de keerzijde, ommezijde. Wat bedoelt Nuenen nou eigenlijk? Wil die gemeente alleen maar dwers zijn? Of is haar toelichting dat de gemeentelijke herindeling ‘de hele regio aangaat’, afdoende? Nuenen gaat zo ver, dat hij die regio oproept nog eens naar ‘de bestuurskracht van alle gemeenten te kijken.’

Terug naar af? Een herhaling van de qua uitslag  uiterst voorspelbare discussie per gemeenteraad, zoals die afgelopen zomer is gevoerd? Ik denk dat Nuenen dat wel kan vergeten. Zelfs al zou zo’n hernieuwd debat opleveren, wat die gemeente denkt (de wens is de vader van de gedachte) dan nog: het gaat in deze turbulente tijd om veel meer dan om individuele bestuurskracht.

woensdag 10 januari 2018

Rokertje? Ja gezellig!

rokenGek dat ik bij roken nog altijd denk aan ‘gezelligheid’. Laat ik het maar meteen bekennen: ja ik rook. Drie sigaren (senoritas) van een goed merk per dag. Buiten, op het terras. Inhaleren doe je niet bij sigaren. Wees gerust, ik ga niet doorfilosoferen over de versleten slogan ‘een tevreden roker is geen onruststoker’. Ook niet over Van Rossum’s Troost; het pakje tabak waarop je een zeventiende-eeuwer een man in een schandblok een aarden (goudse?) pijp ziet toesteken.

Noch heb ik me ooit laten inspireren door stoere cowboys om een bepaald merk sigaretten te gaan roken. Maar de herinneringen aan ‘gezellie’ en de anekdotes daaromheen, blijven me bij. Als tegengif voor het fanatisme, waarmee het roken naar de krochten van de hel wordt verwezen.

Ooit was het doodnormaal, als je een afspraak met een tot dan onbekende had in een of ander etablissement, elkaar ‘n pakje sigaretten, met eentje er alvast half uitgetrokken, voor te houden. Het ijs was dan gebroken. Het bekertje uitnodigend op het salontafeltje (jaja, muffig en kneuterig) of het wijnglas met rookwaar op het blad van de ober bij recepties.

Plaatsvervangende schaamte bekroop ons, als dan een wat oudere collega zijn brandende bolknak achter zijn rug verborg en de ober vrolijk toeknikte: ‘Ha een sigaar, dank u!’ Maar het was wel grinniken.

Het hierbij geplaatste plaatje met Paul Newman plus sigaar tussen de ‘grijnzende’ tanden hoort bij een YouTube-kanaal met deunen van Scott Joplin. Gezellig toch? Geen vies woord hoor.