maandag 10 juni 2019

Bomen kappen nu eventjes niet

In De Nationale Autoshow van BNR, dat macho-programma, waarin auto’s van 2,5 ton die tot 290 km/u kunnen uitgebreid worden besproken, maar – eindconclusie – ‘niks zijn voor Nederland’, was minister Cora van Nieuwenhuizen (infrastructuur) te gast. Of was het andersom, daar was men het bij de Autoshow niet helemaal eens.

Alles wat het aantal van meer dan 600 verkeersdoden in 2018 moet terugbrengen kwam ter sprake, al lijkt de minister de 0-optie toch maar te hebben losgelaten. Maar wel het achterstallig onderhoud (‘uitgesteld’, zegt Van Nieuwenhuizen liever) van bruggen, viaducten e.d. en het drugsgebruik, ook op een festivalletje in haar dorpje Oisterwijk heeft de bewindsvrouw helaas moeten vaststellen. En verder asfalt. ‘Want dat helpt tegen de files,’ zegt zij, in het midden latend voor hoe lang.

Van rekeningrijden moet dit kabinet nog steeds niets hebben. ‘Daar tref je de mensen mee die niet anders dan met de auto van en naar het werk kunnen.’ Wel vindt de minister het feit dat elektrische rijders geen accijns hoeven te betalen aan de pomp ‘oneerlijk’.

Grote afwezige in dit gesprek: de bomen langs de N-wegen, die haar ‘n half jaar geleden nog een doorn in het oog waren. Blijkbaar heeft zij zich intussen gerealiseerd dat het draagvlak voor grootschalig kappen ontbreekt. Eventjes niet dus.

vrijdag 7 juni 2019

Waterlanders

Hoe ouder hoe sentimenteler. Ik merk het aan mezelf. Bij het minste of geringste schiet ik vol. Het heeft ongetwijfeld met de herinneringen te maken. Laat ik eens 'n woord gebruiken dat totaal vergeten is, zoals Guus Kuijer – ook een oude man – dat tegenwoordig regelmatig op Twitter doet: waterlanders. Wat dit betreft was het 't weekje wel: D-Day 75 jaar geleden.

Die laatste vijfhonderd veteranen, Amerikanen. Britten, Canadezen, allen boven de negentig, gebogen schuifelend of in hun rolstoelen aan de Normandische stranden, ze hadden ons meer te zeggen dan de al dan niet nieuwbakken autoriteiten met hun vlagvertoon. 'Ik ben geen held,' bij voorbeeld, 'daarvoor is het te gruwelijk wat er is gebeurd.' Of, luister want niemand heeft meer recht van spreken: 'Die Brexit is een schande.'

Verpletterend vond ik de reportage van Een Vandaag, dat de 93-jarige Amerikaan Francis Resta volgde naar de zo mooi door de Limburgers onderhouden begraafplaats Margraten, waar hij snikkend de hand legde op het grafkruis van een strijdmakker.

Eerder die dag had ik de song We'll meet again opgezocht, het lied waarmee de inmiddels 102-jarige Engelse Vera Lynn zich tot de sweetheart of the forces maakte. (De laatste keer dat zij Nederland bezocht, werd zij met de egards die haar toekomen ontvangen door Mies Bouwman). Het refrein van het lied werd uit volle borst meegezongen door de soldaten voor wie zij optrad.

Zo echt. Je moet wel keihard zijn, als je daar geen brok van in de keel krijgt. En ja, 'n jaartje ouder.

vrijdag 31 mei 2019

Fanatiekelingen

Wat heb ik toch ‘n hekel aan fanatici – fanatiekelingen om het wat eigentijdser te zeggen. Zo’n Paul Blokhuis die denkt dat de hele volksgezondheid afhangt van het al dan niet roken, die niet zal rusten tot een pakje sigaretten 20 euro kost. Behoorlijk hypocriet, trouwens want hoe spekken we anders de rijkskas ter compensatie van de belastingvrije internationals? Vooruit dan maar als dat geld linea recta naar de zorg gaat.

Roken is niet gezond, dat weten we allemaal, maar zo ken ik er nog wel ‘n paar als het om de luchtkwaliteit gaat. Opsomming overbodig. Gisteren circuleerde het bericht dat in Nederland meer mensen aan longkanker sterven dan waar ook in Europa. Het verband met roken werd door de media, althans de publieke omroep, kritiekloos overgenomen, terwijl dat helemaal niet is aangetoond.

Clean Air Nederland wil nu dat het roken op festivals (er zijn er nu jaarlijks meer dan zeshonderd) ook in de openlucht verboden wordt. ‘Niet te handhaven,’ reageerde de directie van Lowlands. Het  geluidsniveau van die feessies bleef natuurlijk buiten de orde, terwijl de gehoorschade volgens de eenstemmige kno-artsen vast staat. De joint als alternatief? Zit er dik in; wordt in coffeeshops (binnenshuis) al met smaak geconsumeerd. Over huichelarij gesproken.

zondag 26 mei 2019

Asperges me(e)

Marius Jaspers, een uiterst actieve blogger uit Haarlem, beschrijft vandaag onder de titel Zwarte Asperges een incident met een door hem ternauwernood voorkomen brandje bij de (even) afwezige buurvrouw. Een zekere Sjef reageert met een link naar Wikipedia, die bij mij het oude roomse sentiment oproept: het gregoriaanse gezang Asperges me, Domine hysopo…. (Besprenkel mij, Heer met hysop)

Dit was een gezang, dat – behalve in de paastijd want daarvoor had men een ander lied – op zondag aan het eind van de hoogmis (de gezongen mis) werd uitgevoerd. Opluchting: we konden naar huis ;-)

Het Asperges Me is een van de vele dingen die na het Tweede Vaticaans Concilie (1969) uit de r.-k. liturgie werden geschrapt. (Ik heb mensen gekend die onder meer daarom sindsdien niet meer naar de kerk gingen.) Een mooie solo-uitvoering van Asperges Me vind je hier op YouTube.

Sjef legt het verband met de momenteel overal geserveerde groente, die tot vervelens toe ‘het witte goud’ wordt genoemd. Niet voor het eerst, natuurlijk. Want als kinderen zongen wij, op de gregoriaanse noten al: ‘A-a-spe-e-erges mee, ei-ei-er-saus.’

dinsdag 21 mei 2019

Sterk in geruststelling

‘Volgens mij, hoef je je nergens over ongerust te maken, maar als je wilt dan verwijs ik je wel voor een onderzoek.’ Typische conclusie van Paul Rammeloo, tot in de jaren negentig huisarts te Best. Hij overleed eind vorige week na een kort ziekbed op 85-jarige leeftijd.

Ja, daar was Rammeloo sterk in, zijn patiënten gerust stellen en bemoedigen. Informeel, vriendelijk, geduldig, betrokken. Aan een computer in zijn spreekkamer is hij nooit toegekomen. Wij hadden in de jaren zeventig in verkiezingstijd een enorm portret van Joop den Uyl (Ome Joop) voor het raam hangen. Vond-ie maar niks en dat zei hij ook. Met een glimlach.

Als je voor een ingreep in het ziekenhuis had gelegen, kwam hij op de koffie om te kijken hoe het met je ging. Bij zijn 25-jarig jubileum als huisarts, organiseerden de patiënten een receptie. Het liep er storm. Het overweldigde hem zichtbaar – een beetje verlegen stond hij daar handen te schudden.

Wellicht was hij de laatste rokende huisarts. Stak er wel eens samen met een patiënt een op, in de spreekkamer. Het was geen beletsel voor een mooie oude dag,  Kon hij zich verdiepen in het leven en werk van Pablo Picasso. Zijn laatste openbaar optreden was een lezing over die kunstenaar in de bibliotheek, alweer jaren geleden trouwens.

woensdag 8 mei 2019

Foto- en filmmanie zit professionelen dwars

Ieder diertje z’n pleziertje. Het is een wijdverbreid verschijnsel, de foto- en filmmanie. We kennen ze allemaal, de autobestuurders die afremmen als ze een (soms dodelijk) incident zien op de tegenoverliggende rijbaan. Er staat een fikse boete op, maar toch. Of de toeristen die in de bollenstreek de bloemen vertrappen. Om toch maar meer likes op Facebook de kunnen scoren. Dat  bereik je niet met het bord eten dat net voor je neus is gezet. Elk jaar kukelen er wel ‘n paar mensen in de Grand Canyon over de rand na het verzoek ‘nog ‘n klein stukje achteruit’. Er worden zelfs macabere grappen over gemaakt in de zin van ‘zo kom je nog eens van je wederhelft af’.

Maar waar vrijwel niemand bij stil staat:  de hoge vlucht die het fotograferen en filmen door iedereen in het voortschrijdende digitale tijdperk heeft genomen, kan de professionele beeldmaker flink dwars zitten. Niet zozeer vanwege oneerlijke concurrentie of zo. Fotografie, om het daarbij nu even te houden, is een vak. Neem de theaterfotografie. Gezelschappen laten de beelden van hun voorstelling doorgaans door een professional maken, ver voor de première, teneinde het resultaat aan de media ter beschikking te stellen. Fotograferen en geluidsopnamen maken tijdens de voorstelling is het publiek verboden. Vanwege het auteursrecht en de hinder die anderen daarvan kunnen ondervinden.

Bij amateurvoorstellingen lag het tot voor een aantal jaren wat anders, blij als men was met de visuele soms ook mediale aandacht. Maar de gesignaleerde ontwikkelingen gaven de voorzitter van zo’n theaterclub onlangs de volgende woorden bij zijn welkom in de mond: ‘Het is vanzelfsprekend dat het maken van beeld-  en/of geluidsopnamen niet is toegestaan.’ Het was zelfs niet nodig de bezoekers aan te sporen, hun telefoontjes uit te zetten. Iedereen hield er zich aan. Dat een ‘eigen’ fotograaf af en toe ietwat storend langs de scène scharrelde werd blijkbaar normaal gevonden.

Zo niet het bescheiden optreden, op afstand van een (semi-) professioneel met een eigen medium (geen Facebook). Een bestuurslid bleek niet te vermurwen en het lag aan de terughoudendheid van de fotograaf dat het geen echt incident werd.

Het is makkelijk om hier sarcastisch over te doen, maar ik houd het er maar op, de organisatoren van dergelijke plaatselijke evenementen aan te bevelen, zich op de positie van deze beroepswerkers of vrijwilligers te bezinnen en een regeling te treffen die hen het uitvoeren van hun taak mogelijk maakt.

zondag 21 april 2019

‘t Is ammel wa mee de poassemis

Onlangs schreef ik over een ‘beroemde’ slijterij in vervlogen dagen. Die buurtwinkels hadden een belangrijke sociale functie. Het waren ontmoetingsplekken, waar het kleinschalige nieuws werd doorgenomen.

Terwijl de klokken van de Bestse Sint-Odulphuskerk oproepen tot de paasmis, moet ik denken aan wat ik hierover uit de eerste hand heb vernomen.

Het hoefde niet eens Pasen te zijn, om een klant van die slijterij te inspireren tot de verzuchting ‘t Is ammel wa mee de poassemis. Een Brabantse variant van het nog steeds niet verdwenen ‘het is toch wat’.

De man die zich daar te pas en te onpas aan overgaf, placht in de winkel te komen voor de gezelligheid, al nam hij dan natuurlijk wel wat mee. Kreeg maar niet genoeg van het buurten. Terwijl de klantenrij voor de toonbank (niks kassaband) opschoof, liet hij regelmatig nieuwe binnenkomers voorgaan om zijn oraties te kunnen voortzetten, steevast afsluitend met ‘t is toch wa enz.

In de slijtersfamilie (de nazaten) leeft hij op deze manier voort.