woensdag 11 september 2013

De schoonheid van het verval

Je kunt ook wel eens teveel aan erfgoed hebben. Voor Frankrijk (patrimoine) geldt dat in elk geval. Dus maakt het verval zich meester van kerken, kapellen, kastelen, abdijen en verlaten boeren hofsteden.

Nu heb ik al dan niet overwoekerde ruïnes altijd machtig interessant gevonden. Kun je bij voorbeeld minstens zo duidelijk vaststellen, hoe dik de muren van zo’n donjon waren. watermolen_chantelle
Bij de abdij van Chantelle (Auvergne), in de Gorges de la Bouble, bevindt zich een vervallen watermolen, waar de natuur volledig bezit van heeft genomen.

De eeuwenoude, zwaar versterkte abdij is nog in gebruik bij Benedictinessen, die duidelijk niet van koude voeten houden, want dit is de eerste keer dat ik een middeleeuwse kerk zie die geheel van vloerbedekking is voorzien. In de altaarsteen bevinden zich relieken (al is het maar ‘n enkel botje) van maar liefst elf heiligen, onder wie ‘onze’ Bonifatius en Tarcisius, patroon van de misdienaars. attention_wijwater_chantellTegen het kleine, hardstenen wijwatervat, zoals gebruikelijk bij de ingang, waarschuwt een enorm bord voor een traptrede. Je zou die in je verlangen naar het ‘heilige water’ maar eens over het hoofd kunnen zien.

Op 7 km van Chantelle ligt, onooglijk stipje op de kaart, de puur middeleeuwse kern van Charroux, geheel bestraat met hobbelige veldkeitjes. Als wij daar om 12 uur arriveren, beginnen daar ik weet niet hoeveel klokken te luiden en te klingelen. In de feodale tijd woonden de hoogste personages in de diepste binnenlanden. Zo staat hier een maison van de prinsen van Condé, nu in gebruik bij een regionaal gelauwerde cuisinier.

Wij houden er niet van alleen aan tafel te zitten, ook al is die nog zo prinselijk gedekt. Dus kiezen we toch maar de Taverne in Chantelle, waar het gezellig vol zit met werkers en waar de eigenaar, een enthousiast berijder van een Harley, een smakelijke camembertschotel uit de oven serveert.

donderdag 5 september 2013

De politiek moet met de billen bloot

Als er vroeg of laat weer Kamerverkiezingen zijn, zullen de politieke partijen met de billen bloot moeten over dat vermaledijde schaliegas. Bij alle onrustbarende berichten die daarover zijn verschenen, zwijgt de regeringscoalitie in alle talen. Op EZ-minister Henk Kamp na dan, de man die van de schaliegaswinning zijn levenswerk lijkt te willen maken en al geruime tijd in het duister doende blijkt te zijn geweest om de ‘omstandigheden’ naar zijn hand te zetten.

De Brabantse kranten toonden deze week een kaart, met ‘mogelijke boorlocaties’, waarop de provincie met de pokken besmet lijkt. ‘In ieders achtertuin’. Die dagbladen leveren het ultieme bewijs voor hun bestaansrecht met deugdelijke analyses van wat er aan de hand is. In deze zogenaamde rechtstaat blijkt het toepassen van salamitechnieken – wat zeg ik? maffiaprakrijken – usance.

Het Eindhovens Dagblad constateert vandaag in een redactioneel commentaar dat voor schaliegaswinning in Nederland de bereidheidsbasis ontbreekt. Wie een andere mening is toegedaan, volge op Twitter de hashtag #schaliegas.

De tijd van massademonstraties à la die tegen de plaatsing van Kruisraketten is voorbij, maar ik begin onderhand te denken dat er weer aanleiding is om met z’n allen naar Den Haag te trekken en dan niet alleen vanuit Brabant. Want Kamp denkt dan wel de regio buiten spel te kunnen zetten, maar het schaliegasproject, waarvan we intussen kunnen spreken, is een nationale kwestie. Zoals ook het aardschok-effect van de gaswinning in het noorden, waarvoor het NOS Journaal gisteren slechts ‘n paar seconden over had.

zondag 1 september 2013

Mijn carrière begon met Kiske

Kees Rijvers (87) woont, na 22 jaar Frankrijk, weer in Princenhage, lees ik in een mooi interview in het ED. Hij woont nu op 500 meter van zijn geboortehuis. Kees is niet al te groot van stuk, dus was het in Breda altijd Kiske. contract_aanbieding001Aanbieding van mijn eerste arbeidscontract


Toen ik Kees Rijvers voor het eerst zag voetballen, was dat omdat het moest. Ja, dit stukje gaat meer over mezelf dan over hem, want ik heb nu eenmaal weinig met voetbal; heb er het hoofd niet voor. Hoogstens zo nu en dan een EK- of WK-wedstrijd, als het er om spant. Maar het moest toen van de heer J.J.H.A. Bruna, destijds (1953) hoofdredacteur van het toenmalige Dagblad De Stem. Ik was daar leerling journalist in de tijd dat er nog geen beroepsopleiding bestond, hooguit wat cursussen, waaronder die bij de paters Augustijnen in Culemborg. Ik volgde die totdat ik de opdracht kreeg, de voorpagina van een krant uit elkaar te knippen, om uit het materiaal een nieuwe versie samen te stellen. Dat vond ik flauwekul.

Maar Bruna vond dus, dat sportverslaggeving bij het vak hoorde en stuurde me op een zonnige zondagmiddag naar het NAC-terrein aan de Beatrixstraat in Breda. En daar zag ik het driftig dravende Kiske. Dit is zowat het enige is, wat me van die wedstrijd is bijgebleven.

Bij de opdracht hoorde verder het ophangen van bulletins met uitslagen in de vitrines van de krant op Reigerstraat 16. Later moest ik, onder het toeziend oog van sportredacteur Adri Veraart de standenlijstjes maken. Niets van wat een leerling deed, ging toen ongecontroleerd de krant in, al duurde het niet lang voor ik in het diepe werd gegooid en ‘s morgens vroeg de stadseditie moest afsluiten. Een laatste blik op de anp-telex en ‘zakken maar’. Wilde ik nog een ‘laatstste nieuwtje’ op de voorpagina frommelen, zei de voorman van de zetterij: ‘Er bestaat geen laatste nieuws.’

Ik heb trouwens elders moeten bewijzen dat ik voor het journalistenvak geschikt was, volgens Bruna faalde ik niet alleen in de sportverslaggeving. Maar een collega van de concurrent, wijlen de Bredasche Courant, smiespelde dat ik te goed was voor De Stem. Bij die krant heb ik daarna nog menig ‘free lance-stuk’ mogen publiceren. Toen ik nog eens iets bij De Stem aanbood, zei de stadsredacteur: ‘Dat kunnen we zelf wel.’

Ik geef toe, dit heeft allemaal niks met Kiske Rijvers te maken. Ieder z’n perceptie, moet je maar denken.

vrijdag 30 augustus 2013

Bouw Nederland van de grondwet af opnieuw op

ouderen001Lees bijgaand krantenbericht even. Om netjes te blijven, het komt uit het Eindhovens Dagblad.

Ben ik een ‘rijkere’ gepensioneerde? Zou best kunnen. Ik denk het namelijk goed te hebben en dat zou wel eens te maken kunnen hebben met het feit dat ik in 1999 de dans ben ontsprongen. In dat jaar werd ik 65 en kort daarna verkochten de VNU haar dagbladen aan het Wegener Courantenconcern. Dus ben ik bij het VNU Pensioenfonds nog net binnenboord gebleven. Bijkomend voordeel: dat pensioenfonds blijft het bijzonder goed doen. Je leest of hoort er nooit iets over (behalve in de nieuwsbrieven die mij periodiek bereiken) en dat is op zich ‘n goed teken. Ik tel mijn zegeningen, intussen al meer dan 14 jaar.

In 2015 (ben ik er dan nog?) gaan de ‘rijkere’ gepensioneerden 25 euro per maand inleveren op hun AOW-uitkering. Daar mag ik dus niet wakker van liggen. Wat mij in het bericht intrigeert, is hetgeen wordt medegedeeld vanaf de tweede alinea. ‘De zogenoemde Wet Mogelijkheid Koopkrachttegemoetkoming Oudere Belastingplichtigen (MKOB) wordt in dat jaar afgeschaft. Deze tegemoetkoming wordt vervolgens weer opgenomen in de zogenoemde huishoudentoeslag, waar mensen tot een bepaalde inkomensgrens recht op hebben.’ Einde citaat.

Zoals gezegd, ik hoef me nergens druk over te maken. Maar ik zit me hier toch op te winden, zij het om een heel andere reden. Want wat is dit nu weer voor wirwar van wetten en regeltjes, die zich blijkbaar vermenigvuldigt als konijnen.

Ooit hadden we een commissie, ik meen onder Vermeend, die zich bezig hield met wat heette de vereenvoudiging van ons belastingstelsel. Dat werd zoals bekend niks. Waarom zou je het makkelijker maken als het moeilijk kan? Toen kwam er, als ik het goed heb, weer een herziening, of iets wat daar op lijkt. Het kan ook zijn dat daar nog steeds aan wordt gewerkt. Niks met niks dus. Zo tussendoor kwam het zorgstelsel onder de loep, onder aanvoering van – vinger in het keelgat – schaamteloze schraper Hans Hoogervorst. Daaraan werden weer belastingmaatregelen gekoppeld als het schrappen van de mogelijkheid, de premie van je ziektekostenverzekering  en het eigen risico (intussen 350 euro en toch een last die je hebt te dragen) af te trekken. Enzovoorts enzovoorts. En het geciteerde krantenbericht is nog maar een onbetekenend lekje uit wat ons op de derde dinsdag in september te wachten staat.

Wat wil ik nou eigenlijk zeggen? Dit: Bouw Nederland van de grondwet af helemaal opnieuw op. Geen idee op welke partij ik te zijner tijd (vroeg of laat) zou moeten stemmen, maar de politicus (m/v) die dit als artikel 1 in zijn programma zet kan op mij rekenen.

Inderdaad, wat ‘n utopie.

Kijk intussen even naar de Oosterscheldekering, anders zakt die ook nog in.

Malware

Het gaat niet zo best met sommige computerbladen. Nogal wiedes, wie informatie wil over computers en internet, vindt nu álles op het web – triest genoeg ook op de websites van die bladen. Heeft dan een vraagbaak als de Faqman van het blad Computeridee, een allesweter op ict-gebied, die ook nog eens onderhoudend kan schrijven, het allemaal  voor niets gedaan? Ik hoop er het beste van.

Een recent probleempje, voor het oplossen waarvan ik veel aan de info op het internet heb gehad, is een bijzonder hinderlijk, niet weg te krijgen stukje zogenaamde malware. ‘Mal’ betekent ‘slecht, ongewenst, onbetrouwbaar’, denk maar aan malafide en malheur (Frans voor ongeluk). Malware is dus ongewenste software, die, meestal zonder dat je er erg in hebt, op je computer wordt geïnstalleerd.

Er was bij mij sprake van ‘onbewaakte ogenblikken’ tijdens de herinstallatie van het besturingssysteem, waarbij de virusscanner noodzakelijkerwijs even op een zijspoor stond. Daarvan werd door een of andere malloot misbruik gemaakt om de ‘Delta Mixi DJ Toolbar’ op mijn browser (Chrome) plakken, zodanig dat ik kon prutsen met de instellingen wat ik wilde, maar de internetbladeraar bleef openen met dat ding – sterker nog de sites waarmee ik standaard wilde openen, werden keihard genegeerd.

Hoe slecht en kwaadwillend dit stukje software was, bleek uit de telkens terugkerende mededeling dat mijn harde schijf vol was plus de uitnodiging met een link om ‘dat even op te lossen’. Ik beklaag degenen, die geen idee hebben wat er op hun harde schijf staat en die dan – al is het maar uit nieuwsgierigheid – gaan doorklikken. Maar aan mijn lijf geen polonaise dus.

Waarom brengt internet in dit soort gevallen  uiteindelijk redding? Omdat je natuurlijk niet de enige bent die tegen zo’n muur oploopt. Tik de naam van de malware + ‘verwijderen’ of ‘remove’ in en je komt gegarandeerd uit bij een link, die je naar de ultieme oplossing brengt. In dit geval was dat een cleaner die het keurig oploste en die het helemaal niet erg vond (het zelfs voorstelde) na gedane zaken weer te worden verwijderd.

donderdag 29 augustus 2013

Microsoft heeft nog wel wat te leren

Het begint erop te lijken dat ik elk jaar in augustus een fatale crash op mijn laptop met voorgeïnstalleerde Windows 7 voor de kiezen krijg. Zoiets kost dágen, waarin de computer niet gebruikt kan worden, waarvoor ze bestemd is.

Gelukkig kwam er deze keer geen technische dienst van wie dan ook aan te pas om de boel weer in orde te krijgen. Het was dus een kwestie van het inzetten van het ooit op dvd’s gemaakte ‘herstelmedium’ van de fabrikant, in dit geval Toshiba.

Als het daarbij bleef en ik na, laten we zeggen één dagdeel weer aan de slag kon, zou ik wellicht niet aan dit stukje zijn begonnen. Maar het begint er al mee, dat Toshiba, gelijk menige andere leverancier, meent allerlei toevoegingen aan het besturingssysteem te moeten doen, waar ik absoluut niet op zit te wachten. En niet alles valt ‘op te schonen’ met de daarvoor geëigende programmaatjes die op het internet zijn te vinden. Om maar een voorbeeld te noemen: Toshiba heeft een ‘opstartscherm’ met haar logo toegevoegd met een witte achtergrond, waarop dan de eveneens witte (!) letters van Windows verschijnen. Ik meen me van de vorige keer te herinneren, dat je dat scherm kunt ‘normaliseren’ via het zogenaamde BIOS (Zie Wikipedia voor wat dat is), maar ik mag dan een computeraar met een kwarteeuw ervaring zijn, het is me deze keer nog niet gelukt, daar in te komen.

Maar goed, dan begint het feest. De fabrieksmatige installatie is ‘n jaar of drie oud, dus Microsoft constateert dat er flink geüpdated (ge-update mag misschien ook) moet worden, inclusief het aanbrengen van Servicepack 1. Nu heb ik eens van een workshop over beveiliging van de internetprovider Xs4all opgestoken, dat je ‘automatische updates’ van Microsoft beter kunt uitschakelen, om zelf te kunnen bepalen wat wel en wat niet. Even niet aan gedacht, in de veronderstelling dat de softwaregigant onderhand wel zo ver zou zijn dat ze al die ‘verbeteringen’ die in de loop der jaren zijn ontwikkeld, wel zal hebben verwerkt in een soort samenvatting, cumulatieve update genaamd. Niet dus.

Het begon met meer dan 200 updates, na installatie en herstart van de computer gevolgd door de noodzakelijke ‘configuratie’. Ga in zo’n geval maar wat anders doen want dat gaat uren duren. En in de daarop volgende dagen volgden etappegewijs nog eens honderden updates plus de installatie van dat Servicepack 1. Kijk ik nu naar de knop Start, dan zie ik alwéér dat uitroepteken, dat mij opnieuw zo’n reparatiesessie staat te wachten, zodat ik me afvraag: waarom niet een nieuwe versie, Windows 7.1, geïnstalleerd, zoals tegen oktober voor Windows 8 (8.1) valt te  verwachten? Intussen heb ik bij de instellingen geprobeerd, het initiatief naar me toe te trekken, of het wat wordt, blijft een kwestie van afwachten, want zo duidelijk is dat nu ook weer niet geregeld.

Mijn conclusie uit deze gang van zaken  is dat ze bij de softwarereus in Redmond nog veel hebben te leren.

Cyberwereldvreemd

De rechter in de zaak tegen de Vestdijkschoppers heeft een lichtere straf opgelegd dan door de officier van justitie geëist, gezien de nadelen die de verdachten hebben ondervonden van de schokkende filmpjes van het gebeuren die door de politie als opsporingsmiddel online zijn gezet. Een typisch geval van Cyberweltfremdheit.

Het Eindhovens Dagblad wijdt aan dit geval een redactioneel commentaar en wijst daarin op de (privacy)rechten die ook verdachten van enig misdrijf hebben. Ja ja, het zal wel.

De Welfremdheit waar het gaat over computers, automatisering, internet-technologie, kortom de cybercultuur bij de overheid en traditionele media is aan de orde van de dag. Daarvan zijn heel wat voorbeelden op te sommen maar dat ga ik hier nu niet doen.

Om bij dit concrete geval te blijven: de beelden die op het web een naar het lijkt oneindig leven zijn gaan leiden, met alle erupties van volksrichting van dien, zijn afkomstig van een of meer bewakingscamera’s. Naar het oordeel van de rechter had het OM zich driemaal moeten bedenken, alvorens dit middel in te zetten.

Op zich is dit een redenering die ik goed kan volgen, ware het niet dat de dagelijkse praktijk op het internet zeker niet afhankelijk is van bewakingscamera’s en van besluiten van justitie daar iets mee te doen. Negentig procent (ik doe een gooi) van de Nederlanders loopt immers met wat voor apparaat dan ook rond, waarmee kwalitatief steeds betere foto’s en filmpjes kunnen worden gemaakt en weinigen voelen zich geroepen, de neiging te onderdrukken, daar ook daadwerkelijk iets mee te doen. Al was het alleen maar omdat gebleken is, dat met de gemaakte ‘unieke beelden’ soms een smak geld is te verdienen.

Voor beelden als die van het uitgaansgeweld in Eindhoven, hoeft echt niet te worden gewacht op het overleg tussen politie, officier en hoofdofficier. Die staan – aangekondigd op Twitter – à la minute online. 

In het licht van het  bovenstaande, geef ik het beroep dat het OM tegen deze uitspraak heeft ingesteld een goede kans.

Aprilgrap in augustus

Het kenmerk van een aprilgrap is dat de doordenker iets ruikt, dat hij (m/v) het donkerbruine vermoeden krijgt dat er ‘ergens een steekje aan los is’ en dat hij met een blik op de kalender vaststelt wat precies. Grinnik, grinnik en einde verhaal.

Het is voorgekomen dat mensen door (misplaatst) raffinement van de ‘grap’ toch de klos werden. Wijlen een hoofdredacteur van het Eindhovens Dagblad heeft de aprilgrap in de krant ooit voor eens en voor altijd afgezworen, nadat duizenden abonnees op het verkeerde been waren gezet over een naderende ramp en gepakt en gezakt de stad verlieten.

Maar dat wantrouwen, zou dat ook een rol kunnen spelen, als een te naam en te faam bekend staande ondernemer, wie bovendien een hoge mate van inventiviteit kan worden toegedicht, zich buiten de folklore van de aprilgrap om, leent voor een fantastisch, maar toch  min of meer ‘realistisch’ plan als dat voor een ‘Budget Bejaardenhuis’ in de binnenkort leeg komende koepelgevangenis in Breda? Blijkbaar niet, want diverse media, waaronder BNR Nieuwsradio, BN-DeStem en ook ondergetekende trapten erin.

Een reclamestunt van Delta Lloyd, dat hiermee ‘mensen wilde wakker schudden om kritisch naar hun pensioen te kijken’.

Over smaak valt niet te twisten, maar één ding is zeker, voortaan draai ik de woorden van de betrokken ondernemer, Aad Ouborg, die zich gisteren bloedserieus door de media over zijn ‘idee’ liet interviewen driemaal om, alvorens er geloof aan te hechten.

woensdag 28 augustus 2013

Onder de Paraplu

De successvolle Bredase ondernemer Aad Ouborg, bekend van de huishoudapparaten Princess en van het ‘redden’ van een aantal monumentale gebouwen, waaronder het Grand Theatre, wil van de Bredase Koepelgevangenis (als zodanig dicht in 2016) een wat hij noemt Budget Bejaardenhuis maken.

Ouborg. What is in a name? En het toeval wil, dat ‘Koepelgevangenis’ een universele aanduiding is, die door de Bredase volksmond al in de negentiende eeuw werd vervangen door De Paraplu.

Uit Ouborgs persbericht: ‘Een groeiend aantal senioren kan moeilijk rond komen, waardoor een normaal bejaardenhuis voor hen niet meer betaalbaar is. In het Budget Bejaardenhuis delen bewoners een kamer en wordt de zorg zoveel mogelijk geautomatiseerd. Daardoor kunnen senioren voor de helft van de prijs van een normaal bejaardenhuis gehuisvest worden. Als alles volgens plan verloopt, kunnen de eerste bewoners begin 2017 hun intrek nemen in Budget Bejaardenhuis de Koepel.’

Paraplu of Koepel – het suggereert hoe dan ook bescherming of geborgenheid. Maar het nadeel van het historisch verleden van dit markante gebouw is ook, dat de gedachte aan ‘opbergen’ zich opdringt. Waren het vroeger dieven, moordenaars en oorlogsmisdadigers, waaronder de Drie van Breda, nu zouden het de ouderen moeten worden, die als automatisch het stempel opgedrukt krijgen van een normale zorg niet te kunnen betalen.

Een lumineus idee van een man, die bewezen heeft, de stoutste dromen te kunnen verwezenlijken, maar wel een idee deze keer, waar nog eens goed over nagedacht moet worden. Om puur emotionele redenen.

dinsdag 27 augustus 2013

Schadend gas

Ik. Ooit was het not done welk geschrift dan ook met ‘ik’ te beginnen. Da’s lang geleden. Ik is nu wellicht het meest gebruikte woord, al blijft de e in het Nederlands de vaakst voorkomende letter. Maar luister maar eens naar Bekende of zich Bekend wanende Nederlanders op radio en tv, het zou de moeite waard zijn daar eens een statistiek op los te laten. Bekend is trouwens synoniem voor ‘Beroemd’. Op Achterwerk van de vpro gids, waar tieners hun probleempjes en pijntjes ventileren, staat om de haverklap de ontboezeming ‘liever dood dan niet beroemd’.

Ik dus, geef al jaren niks meer aan welk goed doel dan ook, uitgezonderd de decemberzegels, voornamelijk omdat ik de kinderen die daarmee aan de deur komen, het gezeur wil besparen. Ze komen er nog wel achter. Het schrijnende van het gegraai van die Coen van Veenendaal (was het nu 160.000 euro of twee ton?) is, dat hij zijn Alpe D’Huzes steeds heeft ‘verkocht’ als de absoluut integere organisatie. Het bestuur van de desbetreffende stichting wringt zich nu in allerlei bochten, om de vestzak-broekzak-tactiek met Van V. goed te praten, maar daar trappen wij niet in. De gang van zaken is de definitieve bevestiging dat Goede Doelen niet te vertrouwen zijn.

Ik dus, ben ook tegen zelfs maar het denken aan het winnen van schaliegas in dit toch al zo zwaar onder druk staande landje. En al helemaal omdat Henk Kamp, zonder een spoor van schaamte roept, dat het regionale en plaatselijke belang voor dat van de natie moet wijken. Waar hebben we dat vaker beleefd? Precies, in Slochteren en verre omgeving. En bij de aanleg van de Betuwelijn. Met schaliegas zou de regering trouwens doorgaan met het achter de wagen spannen van het paard, omdat ze daarmee blijft ontkennen dat fossiele brandstoffen als de basis van onze energievoorziening hun tijd hebben gehad. Schaliegas is schadend gas.

maandag 26 augustus 2013

Paleis zonder vrede

Het Vredespaleis in Den Haag bestaat honderd jaar. Dat gaat gevierd worden in aanwezigheid van onze koning. ´n Beetje wrang daar het een paleis zonder vrede is. Het is dus in 1913 (een jaar voor het begin van de Eerste Wereldoorlog!) gebouwd met centen van een Amerikaanse multimiljonair, die er verder ook niks aan kon doen.

Ik denk terug aan de meester van de zesde klas – tegenwoordig groep 8, geloof ik -  die ons vlak ná de Tweede Wereldoorlog voorhield, dat het allemaal niet had geholpen: de Volkenbond (voorloper van de VN) niet en dat paleis evenmin.

Je kunt elkaar beloven, de vrede te bewaren, je kunt ook afspreken geen chemische wapens te gebruiken, maar wat zijn die beloften waard? Niks niemendal. Laat dat eeuwfeest dus maar zitten.

woensdag 21 augustus 2013

Görings sigaren

Interesse in de sigaren van Hermann Göring? Göring wie? Die vraag kan rijzen bij de jongeren. Wel, dat was een topnazi die wellicht meer tot de verbeelding sprak dan Hitler himself. Vanwege zijn allengs pafferig geworden uiterlijk, immer gekleed in operette-achtige uniformen, met de maarschalkstaf in de hand. Liet zich na zijn arrestatie in 1945 nog ‘opgewekt’ (filmisch) interviewen. Werd in Neurenberg ter dood veroordeeld, maar wachtte de strop niet af. Sloeg in de cel de hand aan zichzelf.

Göring was hoofd van de Luftwaffe, leidde zodoende de bombardementen op Londen, Coventry, Rotterdam en andere steden, aldus de wraak van de geallieerden over Duitsland (Dresden!) afroepend. Los van zijn uniform-dwaasheden, omringde hij zich met luxe, was hij een veelvraat en een dief, maar wel een met ‘smaak’, want hij wist precies, welke Hollandse meesters voor zijn landhuis moesten worden gereserveerd.

Maar nu gaat het dus even over z’n sigaren: Sonderanfertigung für Reichsmarschall Hermann Göring, met initialen en familiewapen op de dozen. De fabrikant staat er ook op. Dat deed mij even opveren, gezien de dominante positie van de Brabantse sigarenindustrie in die tijd, maar zoeken met cigars of Göring leverde de naam van ene Otto Boenicke te Berlijn op.

De kistjes zijn kennelijk aan het eind van de oorlog door een Britse militair ingepikt, want ze zijn nu in het bezit van een particulier, ‘die ze heeft geërfd’ en te koop aanbiedt via een veilinghuis in Lincoln. Zo gaan die dingen.

maandag 19 augustus 2013

Binnendoor

Mogelijk in verband met verminderd testosterongehalte, in elk geval omdat ik niet meer zo geneigd ben, als kanonskogel te fungeren en dat ook niet meer hoef, rijd ik graag binnendoor.

Kwam dat afgelopen weekeinde even goed uit. De A58 was afgesloten van  Eindhoven tot Tilburg. Rijkswaterstaat gaf een alternatieve route aan over A2 en Rijksweg 65. Ja, ik ben daar gek. Binnen de kortste keren ontstond er vanaf de Eindhovense Randweg een file van tientallen kilometers.

Dus namen wij, met eindbestemming Roosendaal de binnendoor-route vanuit Best via Oirschot, Moergestel en Tilburg, zeg maar gerust de middeleeuwse weg via het Trappistenklooster en vandaar over de Ringbaan Zuid. Het was te doen! Alleen op het punt, waar de Bredaseweg, net buiten Tilburg, zich versmalt, was enig gedrang. En bij Gilze (Van der Valk) konden we moeiteloos de A58 op. Dit stuk kostte ongeveer een uur.

Was dat niet zo geweest, dan zouden we nog onze favoriete route door een stukje Belgische Noorderkempen hebben genomen, met gelegenheid tot goedkoper tanken in Meerle. Altijd gezellig, al kom je door een gebiedje dat Vagevuur heet.

Terug was de A58 open (de afsluiting daar in verband met asfaltering volgt komend weekeinde). Ook daar op ons gemak de meest rechtse rijstrook aanhoudend, werden we gepasseerd door onze dochter. Dat heeft niks met oestrogeen-dominantie te maken. Je kunt niet alles zomaar omdraaien.

donderdag 15 augustus 2013

Taalverhaspeling

Iemand in mijn omgeving die allergisch is voor het veel voorkomende verhaspelen van de taal en van zegswijzen op radio en tv – soms horen ‘de daders’ het zelf en willen het dan nog wel eens snel corrigeren – heeft zich voorgenomen, de oren daarvoor dicht te stoppen. Ik ben benieuwd of het lukt. Het is net zoiets als gevoeligheid voor valse muzieknoten. Die kun je niet uitschakelen.

Martijn Simons, die columns schrijft op volkskrant.nl, schreef onlangs: ‘Klagen over taal. Het is een van de laatste stuiptrekkingen van iemand die weet dat zijn dagen geteld zijn, dat hij is uitgespeeld.’ Uit de context begrijp ik dat Simons duidt op de onvermijdelijkheid van taalverandering. Maar niemand, ook Simons niet, kan mij het recht ontnemen, de veranderingen die duidelijk neerkomen op verarming van de taal, te betreuren. Daarbij voel ik mij allerminst uitgeteld, integendeel.

Journalist Kaj Elhorst, als @Politicus1 dagelijks uiterst actief op Twitter, mepte terug: ‘Het zijn de verloederden die denken dat taalverloedering hetzelfde is als taalontwikkeling.’ Steek in je zak.

In de Vlaamse krant De Standaard staat een stukje over de geringe animo in België om een straat te noemen naar Koning Filip. Ze citeert een woordvoerder van wat daar heet ‘Het Paleis’: ‘Er is nog geen enkele aanvraag gekomen. Ook in de periode van de troonswissel ontvingen we geen enkele aanvraag om iets naar Albert II te vernoemen.’

De krant corrigeert de woordvoerder, bewust of onbewust: ‘Er zijn in ons land al drie straten die naar Filip zijn genoemd, maar die dateren allemaal nog uit de periode dat hij prins was.’

Nog maar eens toegelicht. Een straat wordt inderdaad ‘genoemd naar’ en de persoon om wie het gaat wordt ‘vernoemd’. Een nuanceverschil in het Nederlands, dat, hoe bescheiden ook, zijn rijkdom mede bepaalt. Daarom is het verdwijnen van het onderscheid tussen ge- en ver- een verarming, die je mag betreuren zonder daarom een gefrustreerde ouwe lul genoemd te worden.

woensdag 14 augustus 2013

Op z’n smalst

De wegen waarop op z’n hoogst 80 km per uur mag worden gereden, zeg maar de de provinciale wegen, zijn de smalste ter wereld, zo heeft de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) laten weten. Daar zou iets aan gedaan moeten worden.

Nederland op z’n smalst. Wat ‘n wonder, we zijn ook zo ongeveer het kleinste land ter wereld, op Luxemburg en Andorra en dat soort dingskes na. Blijkbaar hebben we nog niet geleerd, daarmee te leven. Ik kan er niks aan doen, maar sommige kanttekeningen van de SWOV wekken bij mij de lachlust op. Zoals die bij de redresseerstroken aan de zijkanten van de rijbaan. Blijkbaar zijn die ook te smal. Analyseer ik op z’n boerenfluitjes het woord redresseren goed met een verwijzing naar het begrip dresseren? De weggebruiker moet blijkbaar door die randjes opnieuw worden afgericht: houd koers maat. Nooit geweten dat die bestonden trouwens, redresseerstroken.

Het is niet voor het eerst dat het smalle profiel van de provinciale wegen aan de orde wordt gesteld als mede-oorzaak van teveel verkeersongevallen. Als bezwaar tegen verbreding werd tot nu toe aangevoerd, dat zulks het hardrijden stimuleert. Ziet de SWOV opeens dat nadeel niet meer?  In 2009 pleitte de Zeeuwse commissaris van de koning, tevens voorzitter van Veilig Verkeer Nederland (VVN), Karla Peijs, voor het landelijk invoeren van een inhaalverbod op deze wegen. Een idee dat door de SWOV, als zijnde onhaalbaar, zo ongeveer van tafel werd geveegd. Want dan zou je ook een minimum snelheid moeten invoeren en landbouwvoertuigen de toegang tot deze wegen moeten ontzeggen.

Na het verbreden van de provinciale wegen, komt de SWOV wellicht met een andere wens: haal alle bochten eruit. Zie je het al gebeuren, met kronkelwegen door een ‘historisch’ landschap als die tussen Sint-Oedenrode en Best, waar nu een ‘adviessnelheid’ van 60 km staat aangegeven?

Vorig jaar bracht ik ‘n week door in Twente. Daar hebben bijna alle provinciale wegen dubbele asstrepen (inhaalverbod), terwijl voor het langzame verkeer parallelle voorzieningen zijn gemaakt. Ondanks dat daardoor de rijstroken wéér wat smaller waren geworden, voelde ik me er behoorlijk op m’n gemak. Misschien moet het toch die kant op. Alleen, wie zal dat betalen? Iets voor na de crisis.

(Gesproken column voor Omroep Best, 14.08.13.)

dinsdag 13 augustus 2013

Lijkwagen

Ik wens als mediaconsument niet als een kleuter te worden behandeld, zo vatte Jean-Pierre Geelen, tv-recensent van de Volkskrant, zijn kritiek op de vloedgolf van berichten en reportages over de dood van prins Friso samen. Niet tot genoegen  van de hoofdredacteur van RTL Nieuws, zo bleek op het Mediaforum van de NCRV, elke werkdag tijdens lunchtijd present op Radio 1.

Van hem mag NOS-verslaggever Pauline Broekema op de hei aan een wandelaar vragen: ‘Had u het verwacht?’ En mag zijn bloedeigen verslaggever Koen de Regt gerust op Twitter meedelen: 
‘Oef. Zojuist komt de lijkwagen binnengereden bij Huis Ten Bosch.’ 
 
Schrijver dezes twitterde terug: Wat had je anders gedacht, een bruidsauto?

De Regt weer: ‘Ik meld gewoon wat ik hier aan nieuws zie. Kan ik ook niet doen hoor, maar dat zou raar zijn.'

En tv-kijker Pascal Udink: ‘Koen doet gewoon zijn werk! dat hoort een journalist te doen het nieuws brengen als er wat gebeurt.’

Andermaal De Regt, duidelijk verheugd: ‘Zo is dat.’

Ik wil hiermee maar zeggen dat er mensen zijn die het gedoe van de media, ook van de kranten – waarbij je trouwens een behoorlijk onderling verschillende aanpak ziet – met smaak op de voet volgen en anderen, zoals ik, die het bij het kale nieuws laten, de hele santenkraam van die avond zien aankomen en naar het buitenland overschakelen, een vastgelegde film op zetten of de uitknop hanteren en een boek pakken.

Er zijn er ook, die even om ‘n hoekje kijken en dan op het web, een stukje schrijven dat aan dit alles warempel nog iets toevoegt.

Ieder z’n meug en de media hebben waarschijnlijk goed ingeschat, welke categorie tot de meerderheid behoort en daarnaar (kijkcijfers!) gehandeld.

Zullen we vrede mee moeten hebben.

De discussie op Mediaforum: Video

zaterdag 10 augustus 2013

Zoemende vlieg

‘De natuur interesseert me niet genoeg om er ingewikkeld over te doen,’ schrijft ED-columnist Jos Kessels, gelukkig weer terug van vakantie in Frankrijk, over de vraag wat het verschil is tussen het geluid van krekels en dat van boomkikkers.

Dus maakt Jos inmiddels ‘met een t-shirt jacht op een lastig zoemende vlieg’. Nou, vliegen zoemen niet, bijen wel en sommige muggen, die daarom ook wel neefjes worden genoemd: neeeeeeefff. Vliegen zijn daarom niet minder lastig. Stiekeme, want onhoorbare en sowieso moeilijk te vangen plaaggeesten.

Nu ik toch bezig ben met dat stukje: Fransen lunchen volgens Jos, of ze geen avondeten meer verwachten. Typisch Nederlands, te denken dat het diner in Frankrijk het belangrijkste eetmoment is en dat je dus tot zeven uur ‘s avonds moet wachten op de culinaire geneugten. Hoewel ook daar soms – met name in de grote steden – door de arbeidscultuur het tijdstip van de hoofdmaaltijd naar de avond  verschuift (tussen de middag gauw even een croque monsieur) blijft het dejeuner toch voorop staan. ‘s Avonds eet men daarvan de restjes op. Alleen in toeristische plaatsen is de keuken vaak de hele dag open. Vangen wat je vangen kunt, in het weekeinde vaak met hogere prijzen dan door de week.

Jos Kessels weet dat natuurlijk allemaal best – hij is voor z’n werk vaak genoeg in Frankrijk geweest – maar hij ziet het niet als zijn taak ‘ingewikkeld te doen’. Het comfort van de stukjesschrijver.

woensdag 7 augustus 2013

Het ontbrekende antwoord

Bart Brouwers, de multimediajournalist, die de (internationale) ontwikkelingen in de dagbladsector op zijn weblog Dode Bomen op de voet volgt, was er als de kippen bij om deze uitspraak van Donald Graham, tot voor kort eigenaar van de Washington Post, te citeren (ik vertaal maar even): ‘De krantenuitgeverij stuit op telkens weer nieuwe vragen, waar wij geen raad mee weten.’

De verkoop van de Post - wellicht door de onthullingen rond het Watergate-schandaal, die in 1974 tot het aftreden van president Richard Nixon leidden, het beroemdste dagblad ter wereld - voor 188 miljoen euro aan  multimiljardair en Amazon-oprichter Jeffrey Bezos, veroorzaakte een mondiale schokgolf. En Brouwers vraagt zich terecht af, welke Nederlandse uitgever nu als eerste zal erkennen: ‘Sorry jongens, maar de tijden zijn veranderd, we hebben geen idee waar het naar toe gaat en laten deze business dus aan mensen met meer verstand van zaken.’

Hoe lang suddert het zo al door? Heel erg lang. Sinds ‘de kennis van toen’, wil ik beweren, want toen de grafische sector in de jaren zeventig van de vorige eeuw, ondraaglijk lang na andere branches, schoorvoetend overschakelde op digitale technieken, verliet zij eindelijk wat men gerust nog de principes van Gutenberg en Coster kon noemen: de hoogdruk met in lood gegoten letters. Voor mij staat vast, dat de ondernemers geweldig werden geremd door wat heette ‘de verworvenheden van de grafische bond’, die bij voorbeeld ook konden verhinderen dat Nederlandse dagbladen op zon- en feestdagen gewoon doorgingen met nieuws drukken. Deze omissie in stand gebleven door ‘de markt’, is temeer gaan schrijnen, sinds het internet de 24/24-nieuwsvoorziening heeft veroverd. Ik herinner mij een aaneenrijging van vier ‘vrije dagen’, waarop ik mijn toenmalige hoofdredacteur (toevallig de vader van Bart Brouwers) op straat tegen kwam, waarbij die langs zijn neus weg zei: ‘Doorverschijnen hè?’

‘Iedereen journalist’ heette de driedelige tv-serie die de NTR onlangs uitzond over het ‘dagbladprobleem’. De afleveringen openden steeds met het schrijnende beeld van passanten in de stad, die dikke gratis aangeboden kranten straal negeerden. Een boeiende serie, maar te eenzijdig gefocust op wat heette ‘de journalistiek’. De starheid en de radeloosheid van de uitgevers bleef zo goed als buiten beeld.

De markt. Daar hebben die krantenuitgevers wel altijd een goede neus voor gehad. Althans totdat de boel begon in te zakken. Dik vijftien jaar geleden hield de toenmalige eigenaar van regionale kranten in driekwart van Nederland, de VNU, het op het nippertje voor gezien en deed de hele handel over aan Wegener. Daarna begon de lijdensweg, die wacht op de ultieme erkenning à la Graham Family, tot zover  ‘synonymous with The Post and with Washington’.

maandag 29 juli 2013

Erotisch fietszadel voor de vrouw

Jawel hoor:

‘De Happy Ride maakt van ieder fietszadel een vibrator en moet de berijder een ongekend genot bezorgen.’

Reclame voor een nieuw type fietszadel, maar er had berijdster moeten staan, want het genot is voor haar bestemd. Sjonge, sport erotiseert, maar dat wisten we al sinds mannen tijdens Wimbledon niet van het beeldscherm zijn weg te slaan. Opwindender dan porno. Zeggen ze, want ik kijk nooit, of het zou per ongeluk moeten zijn.

Waar blijft trouwens dat erotische fietszadel voor mannen? De vrouwen hadden er eigenlijk al een: in 1966 veroorzaakte de Duitse kunstenaar Robert Müller (1920-2003) in het Amsterdams Stedelijk Museum een schandaal met zijn bewegend plastiek La veuve du coureur, je begrijpt het al, iets met een op en neer gaande staaf.

Sindsdien laten coureurs af en toe hun partner overkomen, voordat het te laat is, ik bedoel dat ze veuve zijn geworden.

zaterdag 27 juli 2013

Zomergasten…tja

Morgenavond begint de VPRO weer met Zomergasten.

Tja. Dat is nog net niet mwah.

Beschouw het wat mij betreft als een soort haat-liefde-positie. Vaak ben ik eraan begonnen, om dan, na ‘n uurtje of zo af te haken. Van half negen tot elf is ook wel heel erg lang. De film die daarna komt is de persoonlijke keuze van de gast. Ook altijd maar afwachten.

Hetzelfde geldt voor de kwaliteiten van de interviewer. Wisselend, wisselend. Ja, nogal wiedes. Winfried de Jong stemt weer eens hoopvol. En de eerste gast, Hans Teeuwen, doet zelfs de notoire Zomergastenhater roepen: wil ik zien. Teeuwen, zou die ook wel eens normaal doen? Of willen we dat juist liever niet.

De stal overziende, zie ik mensen die al te veel te zien zijn (geweest) of te vaak te horen. Zoals Nelleke Noordervliet, geweldige schrijverskwaliteiten daargelaten, maar niet van camera of microfoon weg te slaan. En Wouter Bos? Notoire draaikont, vervelende man, krijgt dus waarschijnlijk een kwartier zeg je als machtige zapper.

Met dezelfde arrogantie denk ik, die prof. dr. Beatrice de Graaff, die een boek schreef over terroristische vrouwen, lijkt me wel wat. En de rest? Mwah, sorry tja.

dinsdag 23 juli 2013

‘Airco uit? Sla treinramen stuk’

Over een hitteprotocol gesproken: Volgens de website DeOndernemer, die dat weer zegt te hebben van RTL Nieuws, zou de belangenorganisatie Maatschappij Voor Beter OV hebben gepleit voor de volgende aanvulling: Conducteurs op treinen dient te worden opgedragen bij uitvallen van de airco, de ramen met het daartoe geëigende hamertje in te slaan.

Als hoofdconducteurs dat niet willen doen, moeten reizigers zelf de ramen inslaan. ‘Liever dat, dan dat passagiers door oververhitting of zuurstoftekort flauwvallen of ander letsel oplopen'.

Hoe humanitair, als het niet het komkommerverhaal van de week was oftewel de grootst mogelijke flauwekul.

Ik ga even kijken of de terrasdeur al dicht moet. Vanwege de oplopende temperatuur tot naar verwachting 34  graden. Die treinramen zouden trouwens, waar dat nog mogelijk is, ‘tegen elkaar’ open kunnen worden gezet. Of de deuren, zoals een NS-man tegenover en nogal drammerig NOS Nieuws opperde.

Boerdonk, Peeland en Verckensweerd

In het onvolprezen tijdschrift voor Brabants heem en erfgoed In Brabant (2013/2) staat een interview met Jan Kerkhof, oud-wethouder van Veghel en fervent voorvechter van het Brabants eigene. Jan woont op een voorouderlijke boerderij in het kerkdorp Boerdonk en tijdens het gesprek komt natuurlijk de toponymische achtergrond van deze plaatsnaam ter sprake. ‘t Heeft niks met boeren te maken meent Kerkhof, want ‘het werd vroeger ook anders geschreven’.peeland Zo staat het dorpje op een kaart uit de tweede helft van de achttiende eeuw (repro uit In Brabant) ingetekend als Bourdonck en het zou ook wel Bordonck hebben geheten.

Dit vraagt om een nadere beschouwing over de spelling in vroeger eeuwen. Ik ben taalkundige noch toponymoloog, maar ik heb wel tijdens een cursus ‘oude handschriften’ geleerd dat men wat betreft de spelling tot diep in de negentiende eeuw maar wat aan rommelde. Met andere woorden, het heeft heel lang geduurd voordat  het Nederlands als taal officieel werd vastgelegd.

Kijk nog eens naar dat kaartfragmentje. We zien daar ‘Peelland’ geschreven als Peeland. Ik wil maar zeggen dat die schrijfwijze even weinig met de teelt van wat voor peeën dan ook heeft te maken dan Boerdonk (volgens Jan Kerkhof) met boeren. Intussen denk ik toch stiekem dat met Boerdonk een hoogte in het landschap werd aangeduid waarop werd…geboerd.

Het geval doet me denken aan Valkenswaard dat tot in de zeventiende eeuw Verckensweert heette. Die plaatsnaam is sinds het optreden van de Valkeniers aldaar kennelijk ‘verdeftigd’. Lang heb ik gedacht dat weerd of weert markt betekent, waardoor Valkenswaard zoiets als vloeken in de kerk zou kunnen zijn. Even snuffelen op het internet levert de informatie op dat er verwantschap zou zijn met het Noord-Nederlandse woord wierde (terp) en dat er ook een ‘ingedijkt stuk land’ mee werd aangeduid. Nou, daar kan ik me bij het op het Brabantse zand gebouwde Valkenswaard niets voorstellen.

maandag 22 juli 2013

De laatste katholieke schrijver

Michel van der Plas, zondag op 85-jarige leeftijd overleden, kan  worden beschouwd als de laatste katholieke schrijver en dichter. Hij behoorde al vroeg tot de ‘kritische’ jongeren rond de literator Anton van Duinkerken, wiens biografie hij schreef onder de titel Daarom mijnheer, noem ik mij katholiek.

Ten onrechte, want hij schiep zoveel meer, is Van der Plas - een pseudoniem, hij heette eigenlijk Ben Brinkel - onder het grote publiek vooral bekend van zijn documentaire Uit het rijke Roomsche Leven (1963), waarin hij bij veel foto’s met milde ironie de voltooiing van de katholieke emancipatie beschreef. Hij was wat dat betreft baanbrekend, ten faveure van onder anderen de veel beperktere Fons Jansen, die daarna wel met zijn cabaretprogramma De Lachende Kerk durfde komen.mvdplas_gbomans002
Van die ironie was tegen het einde van de jaren zestig weinig meer over, toen hij met zijn veel oudere vriend Godfried Bomans, ook zo’n twijfelaar, dagenlange


Michel van der Plas en Godfried Bomans
gesprekken voerde over hun roomse jeugd en de ontwikkelingen in de r-k kerkprovincie. Zij volgden op het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965), dat de modernisering van de Katholieke Kerk beoogde, maar dat althans in de ogen van de Nederlandse katholieken, achteraf als een mislukking moet worden beschouwd.

Terwijl de geluidsband draaide, probeerden Van der Plas en Bomans op een integere manier te analyseren wat er mis was gegaan  en waarom zij zich als ‘gelovigen’ door de schoonmaakwoede in de Kerk ‘In de kou’ (de titel ven het boek waarin de gesprekken werden gebundeld) voelden gezet. 

Dit alles tegen de achtergrond van beider roomse jeugd, waarin zij waren gevormd door hun streng gelovige milieus en Michel van der Plas zelfs enige tijd een priesteropleiding had gevolgd.

Vijftien jaar eerder had de historicus L.J. Rogier de katholieke intellectuelen in een rede voor de Sint-Adelbertsvereniging inertie verweten. Nou, daar was hier in elk geval geen sprake meer van. De documentaire waarde van In de kou – nog slechts antiquarisch verkrijgbaar - mag niet worden onderschat, omdat het boek precies weergeeft wat bewust levende katholieken in die turbulente jaren hebben meegemaakt, om niet te zeggen doorstaan en wat – zoals de twee schrijvers al vreesden – leidde tot de complete ineenstorting.

zondag 21 juli 2013

‘Leve de koning’ kon er niet af

Een Leve de koning kon er niet af, na de eedsaflegging van Filip in het Belgische parlement. Geen gewoonte, denk ik. Wel Vive le roi, maar dan alleen geroepen door het overwegend Waalse publiek tegenover het koninklijk paleis.

België behoort nu eenmaal al bijna  twee eeuwen niet meer tot De Nederlanden, waarvan Willem-Alexander koning is. Hem wacht in alle toekomstige septembermaanden het ‘Leve de Koning’, gevolgd door het nog mallere, negentiende-eeuwse driewerf hoera.google_belgie
Ik heb via de VRT naar het geknipmes gekeken en de


<- Google doet mee
101 kanonschoten (nog een Napoleontische traditie) niet afgewacht. Wel  opgelet bij het wuiven. Koningin Mathilde heeft goed naar de Oranjes gekeken en haar kinderen terdege geïnstrueerd. Filip hield het bij een handopsteken, zoals dat het beste past bij een viersterren-generaal. Verder deed iedereen het goed op het balkon, ook Fabiola, maar Laurent, toch nog zij het ver verwijderd van pa Albert, present, deed helemaal niks. Behalve daar staan.

Er viel nauwelijks iets waar te nemen om je over te verbazen, geen stoute republikein, deze keer die het protocol verstierde. O ja, het is maar goed dat de oude koningin Elisabeth (die van het concours) dit niet heeft hoeven meemaken, want het leek of België voor het spelen van de Brabançonne in het parlement over niets anders kon beschikken dan over de dorpsfanfare van Schellebelle. En Beethoven kreunde in zijn graf.

donderdag 18 juli 2013

Ik reed die afdaling van Alpe d’Huez (met de auto)

De sensatie van de 100e Tour lijkt vanmiddag de afdaling van de Alpe d’Huez te worden, via de Col de Sarrenne. Om te beginnen die volmaakte rust na walgelijke vertoning van met name Nederlandse ‘wielerliefhebbers’ aan de opgaande helling. Een woeste natuur waardoorheen tot voor kort niet meer dan een geitenpad liep met om de paar honderd een ‘uitholling overdwars’ voor de afvoer van het dooiwater.

De Wegener kranten hebben er vandaag een schitterend verhaal over, dankzij dePersdienst, waarvan ik de verrichtingen sinds de afschaffing van de GPD met toenemende bewondering volg. De kranten, waaronder het Eindhovens Dagblad zijn er, tegen mijn verwachting in, duidelijk van opgeknapt.

Die afdaling heb ik dus jaren geleden gedaan, maar dan wel met de auto. Dit op instigatie van Levensmaatje, die van variatie houdt, maar die het ook heeft geweten, want als bestuurder denk je al gauw, ach, dat lukt me wel, terwijl de bijzitter doorgaans in de afgrond kijkt. Dat was dus peentjes zweten voor haar. En ik omklemde uiteindelijk ook het stuur met natte handen. Met andere woorden, als we dát tevoren geweten hadden…

De uitdaging van dat parcours gaan de tourrenners dus, bij volgens de verwachting verschrikkelijk weer, aan. Weliswaar is het weggetje  speciaal hiervoor geasfalteerd, maar het is natuurlijk erg smal gebleven en een aaneenschakeling van haarspeldbochten. 

Wat zullen deze extreem moeilijke omstandigheden gaan betekenen voor het klassement? Vanmiddag weten we meer.

(Bekijk een filmpje op YouTube van een afdaling via de Col Sarenne. Duidelijk zijn de weggewerkte goten voor het dooiwater te zien.)

woensdag 17 juli 2013

Bericht van de dag

Het bericht van de dag staat in het Eindhovens Dagblad: ‘Poepende dief krijgt 4,5 jaar cel’. In het midden gelaten, of de dief ten aanschouwe van de rechter heeft zitten poepen (zo kun je die kop ook lezen), de clou zit in het feit dat de man zich in de buurt van de woning in Asten, die hij had overvallen, had ontlast ‘waardoor zijn DNA kon worden vastgesteld’. Ja, we leven in tijden, waarin de techniek voor niets staat. Dure drol.

Waarom ging die overvaller nu uitgerekend op die plek uit de broek? Ik denk dat dit een klassiek verhaal is: de zenuwen, die hem parten speelden voor of na zijn snode daad.

Dit brengt mij op vergelijkbaar verschijnsel, dat ik weliswaar nooit zelf heb kunnen controleren, maar dat niettemin een wijdverbreid verhaal is. Stukadoors die in een huis in aanbouw hun karwei hadden verricht, rondden dat volgens die roddel zal ik maar zeggen, af met een keurige drol in een kast. Hieraan lag het bijgeloof ten grondslag dat het werk zonder die afsluitende verrichting zou mislukken. Daar is nooit een DNA-test aan te pas gekomen. Je wist gewoon dat het de stukadoor was geweest en niet de timmerman of de schilder.

En nu moet ik zelf even. Frisse morgen.

dinsdag 16 juli 2013

Fietsen is nu ook oorlog

De openbare weg gebruiken voor autoraces is gevaarlijk en dus verboden. Zelfs het wegennet van een in het weekeinde nagenoeg verlaten bedrijventerrein is wat dat betreft taboe. Als de politie er lucht van krijgt, grijpt ze onmiddellijk in.

Het is in dit land – wat? in het overgrote deel van Europa – een gedrang van jewelste. We zitten elkaar in de weg. Een daarmee samenhangend probleem dat deze zomer weer enorm opspeelt, is dat van wielerliefhebbers, die in groepen liefst op de hoofdrijbaan en anders dan in godsnaam op het fietspad hun overdosis testosteron ventileren met Tourtje spelen. ‘Opzij, opzij, wij komen eraan.’ Ongelukken, soms met dodelijke afloop, aan de lopende band.

De toon waarop die pelotons zich door het meer gezapige, vaak oudere recreërend publiek een weg banen, de barsheid waarmee deze fanatieke macho’s de vrije doorgang voor zich opeisen, verhogen de irritatie en het wachten is op het moment dat hun letterlijk een spaak in het wiel wordt gestoken. Voetbal is oorlog. De fietserij onderhand ook.

In België heeft men gemeend, het ongeremd fietsen te moeten bestrijden met ribbels in het fietspad. Daar is natuurlijk enorm tumult over ontstaan. Bij ons pleit de ANWB voor een ‘wielrenverbod’ op drukke zonnige dagen. De Nederlandse Toer Fiets Unie (NTFU), anders dan je zou denken de belangenbehartiger van de racefietsers, had natuurlijk onmiddellijk zijn antwoord klaar: ‘Ook wielrenners fietsen voor de beleving. Op mooie dagen moeten ook zij van omgeving kunnen blijven genieten.’ Ok, als dat maar niet ten koste gaat van anderen.

Zo komen we er niet uit. Nu hoor ik het alternatief al: ‘Er is een mentaliteitsverandering nodig.’ Jaja, we kennen dat van het reguliere verkeer. Ik zie de SIRE-spotjes al verschijnen. Misschien moet de economische crisis nog even doorsudderen, zodat het ‘ikke, ikke en de rest kan stikken’ plaats gaat maken voor meer (afschuwelijke term, maar ik weet zo gauw niks anders) wijgevoel.

maandag 15 juli 2013

Een krantengebouw als breekijzer

wal2_by_jan_van_de_ven
Fotograaf/Journalist en oud-collega Jan van de Ven (van wie bovenstaande foto) is er op zijn fotoblog al twee keer op in gegaan. Ik dacht er aanvankelijk maar het zwijgen toe te doen, maar nu voel ik me toch als uitgedaagd: de sloop van het ED-gebouw, Wal 2, Eindhoven.

Hopeloos ouderwets wordt het genoemd, sinds de krant een nieuw kantoor in de binnenstad betrok, maar rond 1961 was het een belofte, een uitdaging, ja zelfs een bedreiging in de toenmalige concurrentieslag tussen de Eindhovense dagbladen..

Dat zit zo. Op dezelfde plaats, met de achterzijde en de drukpers-hal aan de Paradijslaan stonden de panden van het toenmalige dagblad Oost-Brabant, de voortzetting van de in de oorlog foute Meijerijse Courant en concurrent van het Eindhovens Dagblad. Die krant, die haar abonnees voornamelijk in de Kempen had, was door het uitgeversconcern van de familie Teulings in Den Bosch, Cebema, opgekocht en werd zodoende een zusje van het Brabants Dagblad.

De Teulingsen volgden ‘n soort salami-tactiek.in Eindhoven (en later in Helmond en Tilburg!). Sloten geld werden er in ‘Oost-Brabant’ gepompt, om door journalistieke kwaliteit de hegemonie in de stad op het ED te veroveren. De redactie werd drastisch uitgebreid, waarvoor journalisten uit het hele land (onder wie schrijver dezes) werden geronseld. De stadseditie van Oost-Brabant kreeg een al even uitdagende naam: Nieuwe Eindhovense Krant. En natuurlijk moesten er toen ook een nieuw krantenpaleis en een reus van een rotatiepers  komen. Door een kunstenaar beschilderde bouwschuttingen gaven aan, hoe de toekomst van de nieuwsvoorziening in Eindhoven er uit zou gaan zien. Vergeet niet dat het dagbladwezen toen in zijn gouden jaren verkeerde.

Een krantengebouw als breekijzer. De Nieuwe Eindhovense Krant heeft er nauwelijks gezeteld. In 1963 werd het Eindhovens Dagblad, toen nog steeds het belangrijkste nieuwsmedium van de regio, door de enige eigenaresse, de van origine Waalse mevrouw E. Mignot-Lebrun ‘als een zak appelen’, schreven andere kranten geschokt, aan de Teulingsen verkocht. Zij lieten een trots ED-logo met wereldbol op de zijgevel van het gebouw aanbrengen.

De rest van het verhaal staat in het boek van Cas van Houtert, ‘Uit doorgaans betrouwbare bron’ over de geschiedenis van het ED (2003).

Zondag

Laatst had ik met een eveneens gepensioneerde collega, die nog rapper de tachtig nadert dan ik, een gesprek over dingen, waarvan wij vonden ‘dat ze niet deugden’. Ik zei: Maar vergeet niet, wij zijn ouwe mannen hè? Dat zal ons telkens weer worden ingepeperd. Ja, antwoordde hij met bemoedigend zelfbewustzijn, oud maar niet gek.
Ik wil maar zeggen, je standpunten worden op zo’n leeftijd al gauw bestreden met de kwalificatie ouwe mopperkont.  De enige troost die daar tegenover staat is het feit dat het de besten overkomt. Mensen als de in 2010 op 83-jarige leeftijd, in het harnas overleden Jan Blokker, die wellicht de beste Nederlandse columnist van de vorige eeuw was.
Toch is het daarom dat ik soms aarzel een onderwerp aan te snijden. Zoiets als wat ooit in onze christelijke maatschappij de ‘zondagsheiliging’ werd genoemd. Volgens de bijbel de zevende dag, waarop god uitrustte van zijn scheppingsarbeid. Vergeet niet, dat de wijze waarop wij ooit de zondag beleefden gedurende eeuwen onze westerse cultuur heeft bepaald.
Bij katholieken, had je natuurlijk de zondagsplicht. Je moest naar de kerk. Verder was het verboden op die dag wat heette slafelijke arbeid te verrichten. Wat dat was, werd nauwelijks omschreven. Ik dacht werk waarvan je moest zweten. Een vriend van mij, die tot een streng-gereformeerd kerkgenootschap behoorde, deed echt helemaal niets. Wat ik me van onze zondagspraktijk herinner, is – afgezien  van de mis, bij voorkeur de hoogmis want dan kon je uitslapen – is het verbod om evenementen als carnaval en kermis vóór het eind van die laatste mis te starten.
Wij droegen een zondags pak, dat na enkele jaren met Pasen door een nieuw werd vervangen. Dan was je op z’n paasbest. Dat soort dingen. Verder deed je zo ongeveer waar je zin in had, maar het kenmerk van de zondag was toch wel een zekere saaiheid. Alles was dicht, behalve de horeca en de bioscoop. Wandelen, gearmd met je meisje, dat je niet op straat mocht zoenen (‘Hotel de warme klauw,’ zei mijn vader dan) en dat was het. Werd je als dienstplichtige  ‘s avonds door haar met je plunjezak vol door je moeder gewassen spullen weer naar de trein begeleid, met bestemming kazerne. Afscheid nemen met een tent in m’n broek, verklaarde een zwager van mij eens openhartig, want o, die onkuisheid, waar je hel en verdoemenis mee riskeerde.
Dus breek me de bek niet open. Er worden nu, ook hier in Best, proeven genomen met winkelopening op zondag. Als ik nu zeg dat dat van mij helemaal niet hoeft, dan is dat niet uit nostalgie. Ik begrijp het zelfs, want sinds de zondagsheiliging, tegelijk met het geloof is afgeschaft, wordt er van alles ondernomen om de nieuwe verveling te verdrijven. Maar deze vernieuwing zal uiteindelijk de kleine winkelier de kop kosten en dan zal de voorspelling van  mijn schoonvader (ook zo’n kleine middenstander) in de jaren zeventig uitkomen: ‘Straks zullen we niet meer kunnen kiezen.’
Zo, is deze ouwe man toch weer even niet leuk geweest.

(Gesproken column Omroep Best 17.07.13)

woensdag 10 juli 2013

Vel over de neus

Het Mediaforum, onderdeel van het NCRV-programma Lunch, behoort tot mijn favoriete ‘luisterpunten’, hoewel daar de meningen worden gevraagd van telkens dezelfde coryfeeën, die vaak al over een eigen podium beschikken. Het is inherent aan het incestueuze karakter van ‘Hilversum’, waar men schaamteloos elkaar het balletje  toespeelt en – je kunt er de klok op gelijk zetten – prijzen of awards toekent.

Als je dit weet, is het niet zo erg. Minder vind ik het ontbreken van de mogelijkheid, deze dames en heren enig wederwoord te bieden. En zelfcorrectie (door de presentator of de deelnemers onderling) is doorgaans ook ver te zoeken.

Vanmiddag gebeurde dat gelukkig wel bij het bezigen van de niet bestaande uitdrukking ‘vel over de neus halen’. Bedoeld werd ‘het lid op de neus krijgen’, waarbij dus sprake was van verwarring met ‘het vel over de oren trekken’.

Dit soort verhaspeling van gezegden en spreekwoorden en de taal in het algemeen is op radio, tv en in de krant aan de orde van de dag, zodat ik razend benieuwd ben naar het Nationaal Dictee, dat dit jaar is toevertrouwd aan Kees van Kooten. Hij heeft immers gekscherend laten weten, dat hij  zich irriteert aan het het hedendaagse taalgebruik en de goegemeente in december eens ‘n poepie zal laten ruiken. Ik heb me voorgenomen, na jaren, weer eens mee te schrijven.

Intussen hoor ik op dat mediaforum zo’n ‘deskundige’ keihard zeggen, dat de media ‘zich moet bezinnen’. Voor mijn part maakt iedereen enkelvoud van een meervoudig woord, als een taalprofessional dat maar uit zijn hoofd laat.

maandag 8 juli 2013

Dolle Dagen

Het zijn Dolle Dagen. Hoezo? Op de kermis in Moergestel heeft men verhitte gemoederen geprobeerd te blussen met heet water. In Stramproy bleek het nodig, de plaatselijke schutterij, volgens de traditie gekleed in zwarte uniformen, bij 28 graden af te koelen met een koude douche. De mannen vielen flauw of stonden op het punt dat te doen. De vraag rijst, hoe hoog de temperatuur moet zijn om het complete schuttersgilde naar het ziekenhuis af te voeren.

Op dit moment lopen er in dit land duizenden mensen met een opzetstukje op hun smartphone rond om het in de (blauwe) lucht aanwezige fijnstof te meten. Waarom? Omdat fijnstof niet fijn is voor mensen met ademhalingsproblemen. De resultaten zijn hier op een kaart te volgen. Ook hier weer een vraag, die al door De Persdienst van Wegener aan de initiatiefnemers van de Onderzoekschool voor Astronomie in Leiden (NOVA), is gesteld: En dan? Nou, dan kunnen die stakkers overwegen te verhuizen naar een landsdeel waar de lucht zuiver is. Ik wens iedereen het beste. Nu ik nog eens ga kijken, meldt de website van NOVA problemen met de kaart. Digitale vervuiling, neem ik aan. Het houdt ook nooit op.

Intussen voltrekt zich in de Tour de France het ene wonder na het andere, terwijl het woord doping daar uit het vocabulaire lijkt geschrapt. Wout Poels, die vorig jaar zo ongeveer uit elkaar viel, zag zijn droom vervulling gaan, nog eens bij de eerste tien van een grote bergrit te eindigen. En dan ‘onze’ Bauke Mollema (derde in het algemeen klassement) en Laurens ten Dam (vierde).

En dan: echt dolle pret. Dat geldt zonder meer voor de aflevering van  Andere Tijden Sport van zondagavond over de eerste servicebus in de Tour, in de jaren zeventig geïntroduceerd door Corrie en Frans Siemons van Sauna Diana in Zundert. Wat heb ik gelachen om de volstrekt Brabantse manier waarop deze mensen (met eigen videobeelden) zelf hun verhaal vertellen. Bekijk Een bordeel dat de Tour binnen rijdt. Wees gerust, waar nodig wordt het gesprokene ondertiteld.

woensdag 3 juli 2013

Nog eens het Friesch Dagblad

Mede dankzij die oude donkere kamer op de zolder van het Friesch Dagblad aan de Galileeër Kerkstraat, in de binnenstad van Leeuwarden, die ik mocht gebruiken, was ik daar in de jaren vijftig – hoewel verbonden aan het katholieke Ons Noorden - kind aan huis. Had een sleutel van de voordeur. Ik kwam er zelfs ‘s zondags, als alles er, naar de gereformeerde traditie doodstil was.
friesch_dagblad


Het logo van de krant in ‘mijn tijd’.
Het FD had toen al een kleine redactie, die huiselijk in één lokaal hokte. Hoofdredacteur was Hendrik Algra, de steile orthodoxe AR-politicus, die slechts ter redactie verscheen om er zijn dagelijks hoofdartikel af te leveren. Algra was de felle bestrijder van (de ‘godslasterlijke’ boeken van) Gerard Reve, die dan ook prompt, toen hij in Greonterp ging wonen een bordje in de tuin zette met de vermelding Huize Algra. Op het eerste gezicht leek het op die redactie wel een oligarchie, maar, honi soit qui mal y pense, daarvoor waren neef Arend Algra en zoon Nico, jurist en rechtbankverslaggever (ook voor ons!) te goedmoedige lieden.

Het Friesch Dagblad werd in de praktijk geleid door Piter Wybenga, consequent aangesproken met ‘baas’. Met hem had  ik ooit een ‘diepgaand gesprek’ over de positie van de Moeder Maagd, die hij natuurlijk Marije noemde. Dit naïeve roomse kind ging roemloos ten onder, bij de verpletterende belezenheid (vooral van de bijbel) van de toch al wijs en streng ogende redactiechef. En de rest maar grinniken. Arend Algra, sowieso een vreemde eend in die bijt, voorop.

Arend was een vrijbuiter, die het zich permitteerde, het leven wat luchtiger op te vatten dan in zijn milieu gewenst werd geacht. Biljartend in het toenmalige etablissement ter plaatse, Amicitia, vroeg hij mij eens:
‘Hoeveel kinderen heb je nou?’
‘Eentje’, antwoordde ik.
‘Dan heb je geen goeie pastoor.’ Kets.
Arends luchthartigheid ging ook met een zekere verstrooidheid gepaard. Zo kan het gebeuren dat stadsredacteur Sjoerd van de Werff onder een vakantierubriekje, dat wij als kranten uitwisselden, ‘n keer als voetnoot voor de redactie plaatste: ‘Volgende week heeft Arend Algra dienst. Houd ‘m in de gaten.’ Dat kwam in Ons Noorden. Laaiend enthousiast viel Arend ons kantoortje binnen voor drie exemplaren van de krant. Zijn verstrooidheid heeft hem trouwens de das omgedaan. Hij is op relatief jonge leeftijd in het verkeer omgekomen.

dinsdag 2 juli 2013

Laatste regionale krant verliest zelfstandigheid

Het gaat hard in krantenland. Het negatieve nieuws over de exploitatie van vooral de regionale dagbladen dendert maar door. Vandaag werd bekend dat het protestants-christelijke Friesch Dagblad, de laatste nog zelfstandige provinciale krant in Nederland, tegen de symbolische som van 1 euro (namelijk met schulden en al) wordt overgenomen door de Noordelijke Dagblad Combinatie (NDC), met onder meer de Leeuwarder Courant en Het Dagblad van het Noorden (Groningen). Terwijl ook die NDC in zwaar weer verkeert. Hoe groot moet de nood zijn.

Hoewel je het al lang aan zag komen – het Friesch Dagblad werd nota bene al op de persen van de Leeuwarder Courant, ooit ‘de vijand’,  gedrukt – doet het fusiebericht pijn.

Sinds 1956 heb ik iets met het Friesch Dagblad. Als fotograferend journalist, verbonden aan het r.-k. dagblad Ons Noorden, kopblad van het Noordhollands Dagblad, mocht ik in de nok van het oude gebouw aan de Leeuwarder Galileeër Kerkstraat, de leegstaande doka ‘voor niks’ gebruiken. Dat was in een gesprekje met de toenmalige FD-directeur Rein Boomgaard zo gepiept. Geleidelijk aan groeide er een samenwerking (tegen de oppermachtige LC) tussen de journalisten van FD en ON. Wij, als armsten, mochten vaak meerijden in de redactieauto’s van het FD en we wisselden kopij uit.

Ach, breek me de bek niet open. Ik herinner me collegialiteit die tegen vriendschap aanleunde. De ‘algemeen-christelijke’ band culmineerde in de loop van de jaren zestig, toen Ons Noorden werd opgeheven (ik was enkele jaren eerder alweer naar Brabant verkast) in het overnemen van personeel door het Friesch Dagblad.

Er is de laatste tijd – niet voor het eerst – actie gevoerd, om de zelfstandigheid van het Friesch Dagblad, te continueren. Ik heb daarvoor ook een bescheiden, symbolisch bedoeld bedrag voor toegezegd. Het heeft allemaal niet mogen baten. Ook deze krant is uiteindelijk niet opgewassen gebleken tegen ‘de nieuwe gedigitaliseerde tijd’, ook al heeft ze wel degelijk initiatieven ontplooid om dat allemaal bij te benen.

Hoe de samenwerking met de NDC gaat verlopen, staat nog te bezien. Erg veel reden tot optimisme is er niet, ook niet als het gaat om de andere kranten in die noordelijke combinatie.

maandag 1 juli 2013

Buitenparlementaire actie van parlementariër

Geert Wilders heeft niet genoeg aan zijn PVV-zetels in de Eerste en Tweede Kamer en is voornemens, over te gaan tot buitenparlementaire actie.

Wilders zegt dat hij een vergunning voor een grote manifestatie gaat aanvragen bij de Haagse burgemeester Van Aartsen. Hij wil dat Het Plein, voor het Tweede Kamergebouw, op 21 september, vlak na Prinsjesdag, vol staat met mensen die zogezegd ´klaar zijn met het kabinetsbeleid´.

Het een of het ander. Je bent gekozen politicus, doet je werk, al dan niet in de oppositie en wacht af wat de kiezer er t.z.t. van vindt. Of je verlaat – wat al eerder gebeurde, maar dan nu definitief – de vergaderzaal van de TK en wordt actievoerder.

Zoals het er nu naar uit ziet, eet Geert Wilders van twee walletjes. Wat hij nu wil gaan doen, is bij mijn weten op deze schaal nimmer vertoond. Maar met dit soort ‘inventiviteit’ zaait de aartspopulist alleen maar verwarring.

Altijd weer die wolken

wolkenHet moet in het begin van de jaren zeventig zijn geweest dat ik bij mijn broer in de Ardèche was, hij naar boven keek en gekscherend zei: ‘Altijd dat blauw.’ Ja daar kwamen we voor. De zon aan de  azuurblauwe hemel, zoals je die in Noordwest-Europa hoogst zelden ziet. Bij ons zit er immers altijd wat vocht in de lucht en dat zie je, dat maakt het uitspansel grijsblauw. Het hoeft niet te betekenen dat er ook wolken te zien zijn.

Het bovenstaande had beter in de verleden tijd kunnen staan. Want in het zuiden mag dan dat azuurblauwe nog wel aanwezig zijn, wolken zijn ook daar veel vaker present. Onlangs – in mei en juni – waren we drie weken in Zuid-Frankrijk en ik geloof dat we hooguit één wolkeloze dag hebben meegemaakt. Op de openingsdag van de Tour de France was het stralend weer op Corsica, maar…wolkjes! Het is wel minder saai, geef ik toe. De oude meesters schilderden hun landschappen zelden zonder een wolkje. Stapelwolken prikkelen de fantasie (foto).

Maar het staat nu wel vast dat onze ‘zomer 2013’ voornamelijk wordt dwarsgezeten door wolken. Niet eens door zoveel regen. Als de weermensen – zij het onder tekenend voorbehoud – temperaturen rond 30 graden beloven, lukt dat vaak niet omdat de zon door een wolkendek wordt gehinderd. Vandaag ook weer, hier in Zuidoost Brabant.

Ik wil even ‘geen wolkje aan de lucht’. Voor mijn part komen dan na ‘n week of zo de donderkoppen. Maar nu even niet!

zaterdag 29 juni 2013

Het 40-jarig printerschandaal

Hoe lang duurt dit schandaal nu al voort? Kan goed veertig jaar zijn. Vanmiddag weer eens naar de Milieustraat gereden met en grote doos,, waarin, afgezien van plastic en piepschuim, een nog goed functionerende laserprinter van het merk Brother.

Reden: een drum met toner alleen kost minstens 50 procent meer dan een fonkelnieuwe printer inclusief cartridge. Kortom, wie milieubewust is, is aanwijsbaar een dief van zijn eigen portemonnee.

Zei de bewaker van de Milieustraat: ‘Zo hebben wij er hier nu wel 200 liggen. Het is een regelrechte schande, mijnheer.

Er is over deze werkwijze van de fabrikanten al die veertig jaren eindeloos geschreven, gezeverd, geklaagd, maar geen overheid of politicus die tot dusver geroepen heeft gevoeld, hier een einde aan te maken.

Denk niet dat die fabrikanten niet, tot eigen eer en glorie de milieuridders proberen uit hangen. Brother in haar handleiding ‘Snel Beginnen’: ‘Voorzichtig. EET de Silica Pack verpakking NIET OP. Gooi haar onmiddellijk weg.’

Sjonge, jonge, ‘t is dat het zo’n goeie printer is…maar zou je ze niet door elkaar rammelen?

donderdag 20 juni 2013

Waar is het zetduiveltje?

Staat dat bronzen zetduiveltje nog ergens in het nieuwe onderkomen van het Eindhovens Dagblad? Het bronzen beeldje dat je toegrijnsde in de entreehal van het gebouw uit de jaren zestig aan de Wal.

Dat duiveltje werd in die tijd van het in lood zetten van de krantenregels te pas en te onpas aangewezen als de schuldige  van de fouten in de krant. De werkelijke oorzaak van de uitglijders moest natuurlijk worden gezocht bij respectievelijk de schrijvers en de correctoren – de machinezetters aan de linotype zouden wel eens eerder de krant voor blunders hebben behoed dan dat zij zelf de oorzaak waren. Zelf ben ik meermalen door zo’n graficus met een triomfantelijke grijns benaderd, vanwege een tikfout of een grammaticale misser.

Het zetduiveltje als alibi verschaffend monstertje  is al minstens veertig jaar met pensioen. Dankzij de computertechnologie die ervoor heeft gezorgd dat de journalist als het ware zijn stuk rechtstreeks in de krantenpagina tikt. Precies in de tevoren door zijn chef bepaalde maat zelfs. Met dat duiveltje verdween ook de corrector.

Is het er beter op geworden? Mwah. Veel van de fouten, waarover de lezers – niet alleen die van het ED - regelmatig klagen, komen waarschijnlijk voort uit het feit dat de gemiddelde scribent in de haast van de mediawedloop teveel vertrouwt op de digitale spellingscontrole. Hoewel, ik vond in nota bene een officieel commentaar van het ED vanmorgen het woord technologie tot tweemaal toe gespeld zonder n (techologie). In dit geval is de spellingscontrole buiten werking gewest of genegeerd.

Trouwens, als men bij de spellingscontrole van ‘verstand’ zou kunnen spreken, dan ontbreekt dat in elk geval in grammaticale zin. En bepaalde verschrijvingen door misslagen op het toetsenbord (bij voorbeeld ‘boor’ in plaats van  ‘voor’ – die letters liggen pal naast elkaar) kán ze domweg niet zien. In andere teksten dan die van de krant is het probleem eveneens zichtbaar. Ook het fraaie, recent verschenen boek over verkeer en vervoer in Brabant gaat er onder gebukt.

Taalontwikkeling en –gevoel liggen aan de basis  van het schrijven en het herhaaldelijk overlezen van de tekst vormen de enige remedie. Voor de grap tikte ik hier ‘enigste’ om de kwaliteit van mijn spellingscontrole te testen. Ze bleek van niks te weten!

En nu ga ik dit stukje nog twee keer overlezen.

woensdag 19 juni 2013

Bijen

Na drie weken vakantie, vonden wij op ons overdekt balkon (in makelaarstermen loggia) een bak met blauwe bloemetjes, daar liefdevol neergezet door de familie, die de boel in de gaten had gehouden. Terwijl langzaam, langzaam de zomer naderde, verscheen daar boven die bloemen opeens 'n bij! Ik heb hier een uitroepteken gezet want je moet wel soep in je ogen hebben als je niet al eens ergens gelezen of gezien hebt dat het over de hele wereld niet goed gaat met de bijen en dat het niet overbodig is, je daar ongerust over te maken.

Al in maart 2011 maakte het VARA-onderzoeksprogramma Zembla een tv-documentaire over het probleem, waarin deskundige mevrouw Van der Zee zei dat Nederland met 30% bijensterfte aan de top in Europa staat. Die mevrouw zei ook dat 70% van wat in de winkel van de groenteboer ligt, afhankelijk is van de bestuivingsarbeid van bijen. Maar, in tegenstelling tot landen als Frankrijk, maakt de politiek hier zich liever druk over de scheet van een Kamervoorzitter dan dat ze maatregelen overweegt tegen de waarschijnlijke hoofdoorzaak: nieuwe typen landbouwpesticiden. 'Den Haag' verlaat zich op een professor in Wageningen, die zijn onderzoeksinstituut laat financieren door...de chemische industrie.

Terug naar mijn balkon. Na 'n paar dagen kreeg de bij gezelschap van een collega. Was-ie getipt? Opeens realiseerde ik me dat wij weliswaar in een mooie groene wijk wonen, maar dat daar nauwelijks bloemen zijn te vinden. In het voorjaar wat narcissen en dan heb je het gehad. En de bewoners houden steeds meer van onderhoudsvrije coniferen en steentjes, waar ze hun auto op kunnen parkeren.

Die bijen op onze bloembakje, zouden die uit de kasten van onze imker in Aarle komen? Op zoek naar honing, zijn ze immers bereid honderden meters af te leggen. Bij die Aorzelse imker haal ik af en toe 'n paar potjes honing, ook als hij ze niet met een bordje langs de straat te koop zet. We zijn erkend als vaste klanten.

Vorige week ving ik bot. 'Ik heb alleen nog wat dikke honing', zei de imkersvrouw. Waren de bijenkasten dan niet zoals elk jaar naar de bloesembomen in de Betuwe geweest? 'Jawel', zei mevrouw, 'maar door het koude voorjaar hebben ze alles zelf opgegeten. Wat we hebben, moet nog geslingerd worden.' Over 'n maand mag ik nog eens informeren. Ik begin onderhand te denken dat in Nederland niemand meer gelijk heeft, behalve de bijen.

(Gesproken column voor Omroep Best, 19.06.13.)

YouTube-versie van de tv-documentaire van Zembla over bijensterfte in Nederland:

woensdag 12 juni 2013

Schoonschrijven

‘n Heel enkele keer krijg ik van een generatiegenoot (of nog ouder iemand) wel eens ‘n handgeschreven brief. Ik ervaar dat dan als iets bijzonders, vooral wanneer de schrijver duidelijk een afgeleide hanteert van het schoonschrift dat hem/haar op de lagere school is geleerd. Ik denk hierbij aan het handschrift van mijn vorig jaar overleden broer Berry. Die kon er wat van.


handschrift2 Mijn handschrift in 1956.
Zijn schrift was in de principe ‘schuin’, want dat was destijds het uitgangspunt. Daarbij moest je met staarten en lussen ‘tussen de lijntjes’ blijven. Zelf heb ik me geleerd, als de latere generaties, rechtop te schrijven, omdat ik dacht dat dat de leesbaarheid voor de zetters op de krant bevorderde. Ongeveer op de manier van Levensmaatje, maar lang niet zo mooi. Haar liefhebberij in het hanteren van de pen culmineerde zelfs ooit in een cursus kalligrafie, het oude monnikenwerk van voor de uitvinding van de boekdrukkunst.
handschrift

’Rechtop’ handschrift van Levensmaatje.
Schoonschrijven was zeker tot in de jaren vijftig van de vorige eeuw op school een vak apart, los van het leren spellen. Maar natuurlijk had het een met het ander te maken. Gedachtenvol schrijven bevordert taalkennis en –gevoel, zo lees ik in een artikel in de Wegener kranten. Dat verhaal is zeer relevant, gezien het ronduit kwalijke voornemen van basisscholen, het taal- en schrijfonderwijs helemaal toe te spitsen op het gebruik van de tablet-computer, Dat onderwijs is trouwens inmiddels nu al zo ver afgezakt, dat de meeste kinderen (vooral jongens!) nauwelijks meer kunnen schrijven. Met z’n allen  op weg naar het analfabetisme.

Er is echt wel meer aan de hand dan examenfraude.

maandag 3 juni 2013

Machines

Rustzoekers kunnen het best ‘n eind de bergen in rijden; eventueel daar een kleine camping in de bush opzoeken. Dan heb je kans. Hoewel, de auto is het verlengstuk van het Franse lijf. De hele maatschappij is er op ingericht. Maximum snelheden zijn er om te negeren. ‘s Morgens om ‘n uur of acht zie je de ene na de andere met schoolkinderen de buitenweggetjes afrijden. Pooling is er duidelijk niet bij. Hoewel…ik heb het in de Jura wel eens gezien.

Op de grote ‘camping communale’ Les Prés Hauts (De Hoge Weiden) in Sisteron – ooit moeten hier koeien hebben gegraasd – waar heden een kolonie van de ANWB is neergestreken, de vlag is gehesen en af en toe horen we applaus, benut men de ongetwijfeld respectabele exploitatiewinsten voor onderhoud en verbetering. Daaraan ontlenen heel wat gemeentelijke ambtenaren hun werkgelegenheid wat mooi meegenomen is bij een werkloosheidspercentage in dit deel van de Provence van maar liefst 12 procent (het landelijk gemiddelde in Frankrijk ligt momenteel op tien). Zodoende is het buitengaatse parkeerterrein vorige week door de Routier Midi van een nieuwe asfalt-slijtlaag voorzien. In het voorjaar is een deel van de beplanting vervangen, kale plekken in het gras zijn opnieuw ingezaaid (afgezet met rood-witte linten) en zijn er nieuwe wasmachines en droogtrommels geplaatst.

Machines! Ooit dacht ik dat de Engelse country met haar onafzienbare gazons en golfcourses daar het patent op had, maar nu weten we beter. Motormaaiers en dito zeisen voor de kantjes bij de vleet. Zo gauw de campingbaas met zijn omvangrijke pens even niets om handen heeft, gaat-ie z’n rondjes draaien. En als-ie zelf niet op het idee komt, dan zal z’n vrouw hem wel even tippen. Oorbeschermers op het hoofd, kan je nagaan hoe de campinggasten dat ervaren.

Nu de ANWB er is, zal hij zich wel even koest moeten houden, want dit verhoudt zich niet tot de 1300 euro per persoon die de klanten van de voormalige wielrijdersbond naar verluidt betalen voor een rustige en veilige kampeerreis in groepsverband.

woensdag 29 mei 2013

Vakantie en internet (2)

Dat ik al eens eerder over ‘vakantie en internet’ heb geschreven, weet ik zo zeker dat ik hierboven (2) durf te zetten. Alleen, ik heb webtechnisch momenteel niet de gelegenheid, om dat te controleren en een link naar dat stukje aan te brengen.

De ontwikkelingen gaan door en daarmee nemen ook de eisen van de clientèle van verblijfsaccommodaties toe, als daar zijn hotels, vakantiehuisjes en –appartementen en campings. Op de camping in Zuid-Frankrijk, waarop ik mij nu bevind, is sinds jaar en dag ‘gratis Wi-Fi’ beschikbaar. Enerzijds gaat die voorziening met kleine stapjes vooruit, anderzijds is de bereikbaarheidstechniek nog altijd niet je dat. Ik sprak een Nederlander met een laptop die verklaarde: ‘Ik wil eigenlijk in mijn caravan internetten.’ Pech voor hem (en voor mij): de door het campingbureau gebruikte router heeft kennelijk z’n beste tijd gehad, want het signaal is te zwak, terwijl ik zelf nog enkele meters dichterbij dat zendstation sta dan vorig jaar, toen alles nog op de staanplaats kon. Prettig is wel dat de inlog-gegevens die je op een bonnetje krijgt, pas na een week verlopen (vorig jaar al na één dag). Ik kreeg er als vaste klant direct twee.

Maar om echt online te kunnen gaan is een gang naar de ‘slecht weer accommodatie’, pal achter de Acceuil (Onthaal, zeggen de Vlamingen) nodig. Dus, je zaakjes voorbereiden en vervolgens met de laptop onder je arm daar naar toe. Ook om favoriete radioprogramma’s (podcasts) te downloaden, zoals Met het oog op morgen en OBA Live van Human (elke werkdag op, schrik niet, Radio 5). Aan gestreamde tv valt natuurlijk niet te denken – niet erg trouwens, we doen op vakantie bij voorkeur wat we thuis niet doen. Overigens houdt de webredactie van de NOS in het weekeinde ook ‘vakantie’, zodat we naar  ‘Het Oog’ van zaterdagavond konden fluiten. En de Wereldomroep is er ook niet meer, zodat de transistor feitelijk voor spek en bonen is meegereisd.

Soms help ik mensen die er niet uit komen met dat internet. Een zogenaamde sponsor laat je bij voorbeeld eerst een filmpje zien, dat je moet uitkijken, alvorens het web op te gaan. Voor niks gaat de zon op Als-ie anno 2013 nog opgaat, maar dat even terzijde.

Een Brabander stond hulpeloos te prutsen met een van zijn dochter gekregen Androidtablet. Oorzaak: de inlogpagina van zijn vorige camping keerde telkens hardnekkig terug en hij wist niet, hoe hij dat met de standaardbrowser van zijn apparaat kon oplossen. Ik kon weinig meer voor hem doen, dan wat adviezen geven, waaronder: installeer een betere browser.

Toch is het handig en leuk om op vakantie over draadloos internet te kunnen beschikken, uiteraard ook voor smartphone-bezitters.  Een mede-kampeerder ging op onze tip naar een camping in de Ardennen en meldde per omgaand enthousiast dat hij daar niet voor de laatste keer hoopte te zijn geweest.

zondag 26 mei 2013

Een wolkje aan de lucht

Merkwaardige gewaarwording. Nog nooit eerder gezien natuurverschijnsel, terwijl ik toch al ‘n aantal jaren meega. In de strak blauwe hemel boven Sisteron – azuurblauw inderdaad – verschijnt opeens een heel klein wolkje, als een aankondiging van meer. Dan wordt dat wolkje groter, krijgt een kind. Binnen vijf minuten wordt dat wolkencomplexje weer helemaal afgebroken en keert het gave uitspansel terug.

Zaterdagmorgen heeft het hier even geregend. Een Duitse bergbeklimmer wijst mij op een helling waar duidelijk wat sneeuw te zien is. Geen idee op dit moment, op welke hoogte Sisteron (dal van de Durance) ligt, maar normaal is dit in mei niet.

Abnormaal is het ook dat de camping worstelde met het reinigen van het vorig jaar gereconstrueerde zwembad. Maar nu zit er toch water in. Toen dat bad buiten gebruik was, heb ik au bureau nog vergeefs geprobeerd wat korting te krijgen. Niettemin werden we begin vorige week bij aankomst allerhartelijkst verwelkomd en hoefden we als vaste klanten geen ‘statiegeld’ te betalen voor de sleutel van de slagboom.

Over dat gemankeerde zwembad zei een medewerker van Ville de Sisteron dat je op de autoroute ook geen korting krijgt als er travaux en daardoor files zijn. Maar ik moet de Société Autoroutes nageven dat ze de weg dan niet afsluiten. Niet zwemmen, wel rijden.

donderdag 23 mei 2013

Restaurants

Met restaurants is het uitkijken geblazen, misschien tijdens de vakantie nog meer dan thuis. In toeristenplaatsjes wordt al gauw geredeneerd: ‘Die zien we toch nooit meer terug.’  Dus die kunnen we wel piepzak schenken in plaats van een pittige petit café. Dit soort ondernemers stevent af op een faillissement en als dat gebeurt, ‘eigen schuld dikke bult’.

Toen daags na Pinksteren enkele favoriete restaurantjes gesloten bleken, zijn we er toch weer in getuind. Pizzeria met aardig lijkende pasta’s, aangekondigd op zo’n krijtbord voor de deur. Eenmaal gezeten – we zijn alleen, wat een waarschuwing op zich zou moeten zijn – laat Levensmaatje haar kritisch oog dwalen over gordijnen en vloeren…tja. De ‘waardin’ veegt zo nu en dan haar peuter van onder een tafeltje uit. Is die vloer schoon? Mwah.

De uitbater, tevens kok, zit buiten met z’n mobieltje te spelen en sloft, daartoe opgeroepen, weinig geïnspireerd naar binnen. Laat ik het niet te lang maken want dat is het niet waard. De pasta’s met zogenaamde zeevruchten voor de een en gebakken spekjes voor de ander, zijn uitgesproken lauw. Daar kunnen de ‘artistiek’ over het vierkante bord gestrooide peterseliesnippers (uit een potje) natuurlijk weinig aan veranderen.   Dit was uiteraard het moment, om de hand op te steken en te zeggen: ‘Dit is beneden de maat, hiervoor gaan we niet betalen.’ Ik heb me vast voorgenomen dat een volgende keer ‘gewoon’ te doen. Waarom zou de gemiddelde winkelier garantie moeten geven en zo’n klojo niet?

‘Die zien we niet meer terug.’ Wel dus. We lopen de straat nog even heen en weer en komen de dienster (die de tent inmiddels heeft gesloten) met haar kleuter tegen. Ze kijkt beschaamd (?) een andere kant uit.

Nee, dan de eenvoudige maar smakelijke lunch met charcuterie, konijn en ratatouille die we ‘n paar dagen  later genieten op het tegen de zon afgeschermde terras van dat restaurantje in een bergdorp. Bien soigné.

Na regen komt zonneschijn moet je maar denken. Die laatste is hier in de Haute Provence volop present, kan ik meedelen. Alleen lijken we van  dezelfde noordelijke wind te genieten als de rest van West-Europa.

vrijdag 17 mei 2013

Muurreclames restaureren? Doen!

De voorzitter van de Oirschotse heemkundekring, Arthur de Vries, pleit in het ED voor restauratie van een geschilderde ‘muurreclame’ van het voormalige Hotel Princée. Doen!
Dit soort muurschilderingen vertelt heel veel over de ‘ondernemerscultuur’ in het verleden, toen beeldreclame zoals we die nu kennen nog niet bestond.

Het waren vaak schildersproducten, waaraan veel vakmanschap inventiviteit en soms ook humor te pas kwam. In de Parijse metro stond ooit een reclame op de tunnelwand voor de aperitiefdrank Dubonnet: ‘Dubo…dubon…Dubonnet’ Men las dat op het ritme van de wielen.

Oirschot, kapperspaalDe belangstelling in ons land voor dit erfgoed, waartoe je natuurlijk ook de uithangborden moet rekenen (‘Hier zet men koffie en over’ bij de veerpont)  is zeer groot. Google maar eens naar ‘muurreclame’. Het wemelt van de initiatieven en er zijn ook schilders, die zich in  dit soort restauraties hebben gespecialiseerd.

Een dorp als Oirschot had niet veel muurreclames. Je moest er ‘n beetje stad voor zijn. Sommige dingen zijn trouwens niet meer terug te halen. Ik denk aan de kapper die in 1980 nog gevestigd was op Rijkesluisstraat 37. Die had een kappers- of barbierspaal aan de gevel. Een internationaal symbool zoals uit Wikipedia blijkt. Alsof ik de verdwijning voorvoelde, maakte ik destijds een foto van die paal.

dinsdag 14 mei 2013

Best wel creatief

De absolute voorrang voor de zwakke verkeersdeelnemers op de  rotondes is zo ongeveer het beste wat Best de laatste tijd is overkomen. We hebben er wel zes jaar op moeten wachten (traag draaiende ambtelijke molens, waarover straks meer) maar nu is eindelijk de praktijk gewettigd. Want de scholieren, met name die van het Heerbeeck College, namen al een voorschot op wat in de meeste gemeenten een regel was. En – het moet gezegd worden – als fietser en voetganger kreeg ik in Best doorgaans van de automobilisten al de vrije doorgang. Er zijn echt nog wel hoffelijke mensen in het verkeer.

Het op één na beste van het Bestse nieuws is wellicht de toch haalbaar gebleken culturele hotspot aan de Raadhuisstraat van de Bibliotheek, De Wig en Pulz. Opmerkelijk: particuliere ondernemers staan zowat in de rij om dit mogelijk te maken. Komt dat even goed uit, nu het bij de plaatselijke overheid geen botertje tot de boom meer is, Hier past enige woordverklaring: met boom wordt in deze uitdrukking bodem bedoeld. De bodem van het botervat, oftewel zoiets als het onderste uit de kan.

Een mooi verhaal vind ik ook dat over de aankoop door particulieren van een monumentale boerderij aan de Kapelweg in Aarle, met de bedoeling die geheel in stijl te restaureren, inclusief erf en boomgaard. De nieuwe eigenaar en zijn partner zaten er al járen achteraan en grepen hun kans toen de laatste bewoonster naar het zorgcentrum ging. Aardig detail: dat takje tussen deur en deurpost om te controleren of er nog andere kijkers waren geweest. Kwestie van slim onderhandelen. Ondanks dat de kersverse eigenaren van plan zijn, heel veel zelf te doen, komt deze onderneming hen, inclusief koopsom, toch wel op een miljoen te staan. Mits ambtelijke en bestuurlijke molens niet te traag draaien, want dan zou het toch weer duurder kunnen worden.

En nu maar hopen dat er voor de eveneens in Aarle gelegen Sint-Annahof ook zo’n verantwoorde creatieve oplossing komt. Want absolute veiligheid voor de kleinschalige Bestse buitengebieden is nog steeds niet gegarandeerd. Zie de geruchten die nu weer gaan over het ‘economisch rendabel’ maken van De Vleut.

(Gesproken column Omroep Best, 15.06.13)

vrijdag 3 mei 2013

Het kerkelijke koningslied

In Trouw las ik een stukje over het ‘lied voor de koning’ dat in de synagoge wordt gezongen en dat terug zou gaan tot de ontmoeting van Jakob met de Egyptische Farao.

Hadden de katholieken ook niet zo’n lied dat altijd op zondag ná de hoogmis werd gezongen? Zeker. Het is nu natuurlijk van de aardbodem verdwenen, zoals de hoogmis een gewone mis naar nieuwe al dan niet omstreden maatstaven is geworden. In mijn jeugd was het de laatste, gezongen, mis van de vier (!) die er op zondag werden gelezen.

Het Volksmisboek van de abdij van Afflighem (1939) biedt weer eens uitkomst: Domine, salvum fac Reginam nostram – Heer, schenk heil aan onzen Koningin (bij een koning Regem nostrum).

En YouTube natuurlijk. Er bestaan melodisch talloze varianten van het lied, maar dat van het Enka Mannenkoor uit Ede komt overeen met wat in onze kerk werd gezongen.

Gebeurde dat ook tijdens Wereldoorlog II? Hoewel ik in 1941  was gekomen tot wat men toen ‘de jaren des verstands’ noemde (Eerste H. Communie!) kan ik me dat niet herinneren, maar ik denk het wel. De bezetter – die alle verwijzingen naar levende leden van het Koningshuis verbood – bemoeide zich niet met wat er in de kerken gebeurde.

Zodoende waagde kardinaal De Jong het, een anti-Duitse brief te laten voorlezen. Toch een moedige daad, ook van de predikanten die dat vanaf preekstoel deden. Wel moest de kerk aan de verduistering meedoen. Al die hoge gotische ramen afplakken was natuurlijk onbegonnen werk. Dat loste men op met enorme kappen rond de armaturen die voorkwamen dat het licht naar boven straalde.