donderdag 26 september 2024

Minder onzin dan het lijkt

 Als je deze openingskop in het Eindhovens Dagblad leest, denk je regelrechte onzin: 'Sluit Eindhoven Airport en bouw daar woningen'. Hoe noemen ze dat tegenwoordig, mediaframing? Maar neem je de nuancering, ook die op een binnenpagina, door dan valt het mee. De krant onderzocht de opvattingen hierover bij een aantal ondernemers. Er zijn er bij die wel degelijk iets voor het idee voelen; anderen willen er in dit onvoldragen stadium (niet aan de orde, geen politieke beslissing) niet eens over praten.

Het kan niet anders – hoewel, het ED doet dat niet – of je moet pakweg een halve eeuw terugdenken, toen dezelfde krant, met name de toenmalige hoofdredacteur Ton Brouwers, gesteund door wetenschapsjournalist Caspar Schuuring, zich vergeefs verzette tegen het toekennen van een burgerluchtvaart-functie aan de militaire basis Welschap. Brouwers' zoon Bart bevestigde mij ooit nog te beschikken over 'een zolder vol boze commentaren'. Verzet met krant en tand. De economie won met Frits Philips in de voorste gelederen. Nu spreekt iemand over het 'herstellen van een fout'.

Aanleiding tot het opnieuw aanwakkeren van de discussie is het feit dat vliegbasis/Airport over drie jaar voor vijf maanden op slot gaat wegens onderhoudswerkzaamheden. Het hoofdbezwaar tegen het vliegveld blijft, afgezien van de ernstige luchtvervuiling, dat het te dicht bij de stedelijke bebouwing van Eindhoven en Veldhoven ligt. Terwijl het een perfecte plaats zou kunnen zijn om er de woningnood te bestrijden met de bouw van wat je gerust 'een kleine stad' zou kunnen noemen.

Als alternatief voor de hoofdzakelijk toeristische vluchten (wel vorig jaar 7 miljoen) van en naar Eindhoven wijst men naar onder meer Maastricht/Aachen Airport, dat momenteel noodlijdend is en op 60 km afstand ligt. Wat wellicht als een bagatel wordt beschouwd is het uitgummen van de militaire vliegbasis in een tijd waarin defensie juist op zoek is naar uitbreidingen in ons krappe land.

Geen onzin dus, dit idee, maar wel krikkel, zodat er nog heel wat water door de Dommel en de Demer zal stromen voordat iemand van de beslissende macht er zijn vingers aan zal willen branden.


donderdag 5 september 2024

Privay als overheidssmoes

Gek wordt-ie ervan, de internetgebruiker. Van het oerwoud aan toepassingen van privacyregels op vooral commerciële websites. In het bijzonder de cookies. Let je even niet op dan hebben ze je bij de kladden, zoals ik dezer dagen ongewenst 'lid' werd verklaard van een van de ontelbare cloudservices (online opslag van bestanden). Geef je vervolgens aan dat je dat niet wilt, dan blijven ze je bestoken met mails, waartegen alleen de spambak enigszins helpt. Intussen gaat ook het misbruik door de overheid van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), een Europees initiatief, onverminderd door.

Jaren geleden schreef ik er al over, in verband met de Q-koorts onder geiten, die ook mensen kan besmetten. Het Eindhovens Dagblad (ED) probeerde toen achter de situatie in Zuidoost Brabant te komen, maar stuitte op een pricacy-tegenargument van de rijksoverheid. Intussen was al bekend dat er in de gemeente Oirschot een besmette geitenfokkerij was, maar het adres moest toen geheim blijven. 'Pricacy!' Loop er maar lekker je Brabantse wandelroute, waaraan de fokkerij is gelegen.

Al in 2018 schreven de hoofdredacties van de Vlaamse media, gesteund door de journalistenbond aldaar er een open brief over: 'Nieuwe privacywet legt loodzware hypotheek op vrije journalistiek'. Geen gehoor; ook in Nederland blijft het tot nu toe oorverdovend stil.

Een recent geval doet zich opnieuw voor in Zuidoost Brabant, waar de krant de kennelijk onherstelbare schade aan diverse woningen als gevolg van wateroverlast onderzocht. Er heerst vergaande onzekerheid over de vraag, in hoeverre het opnieuw laten meanderen van rivieren als de Beerze (een recente activiteit van het Waterschap De Dommel) hier een rol speelt. Maar gevraagd om commentaar, baseert ook deze instantie haar weigering op de privacysmoes.

Het blijft wachten op een uitzonderingsartikel in de wetgeving aangaande de journalistiek. En de toepassing van cookies moet aan beperkingen worden gebonden. Het verplicht stellen van een knop 'alleen strikt noodzakelijke cookies' is dan wel het minste.


vrijdag 16 augustus 2024

Vermijdbaar lawaai

Een van de moeilijk te verwerken verschijnselen in dit stukje aarde met 18 miljoen mensen is het lawaai. Momenteel is de windrichting zodanig dat ik de A58 op ons balkon duidelijk kan horen. Qua vliegtuiggerucht valt het de laatste dagen gelukkig mee. En de grasmaaiers (nagenoeg wekelijks) zijn ook even niet present. Overigens hebben we na voortijdige bladval van de geplaagde bomen ook al bladblazers aan het werk gezien en vooral gehoord.

Enfin, vul zelf verder maar je irritaties in. Bij ons zijn buitenschilders aam het werk. Vandaag even niet omdat er een grijze dag met soms wat regen is aangekondigd. Ik heb er eerlijk gezegd naar uitgekeken tijdens de dagen met tegen de 30 graden. Al is dat laatste nog heilig, als je in de krant een verhaal leest over de hitte op Sicilië waar in twee jaar geen druppel is gevallen. De kippen tuimelen er van hun stokjes voor zover ze van dat zitcomfort zijn voorzien.

Die schilders opereren overeenkomstig een wettelijke verplichting tegenwoordig met een hoogwerker. In ons geval een exemplaar met dieselmotor. Lawaai. Maar onze verver (een immigrant van kleur!) is bijzonder vriendelijk en beleefd; hij voldeed prompt aan ons verzoek, de motor van die hoogwerker zo min mogelijk stationair te laten draaien. Dat scheelt 'n slok op 'n borrelZijn er ook elektrisch aangedreven hoogwerkers? Jazeker, antwoordt een Eindhovens verhuurbedrijf op de desbetreffende vraag. Ik had het ook eenvoudiger met een zoekterm op internet kunnen nagaan, blijkt achteraf. Vermindering van lawaai en van de uitstoot van broeikasgassen is dus een kwestie van tijd, al lijkt die (klimaatrampen) steeds krapper te worden.


maandag 12 augustus 2024

Het massatoerisme is overal

Het massatoerisme is overal. Dat constateer ik aan de hand van berichten van de Vlaamse radio over duizenden Belgen die momenteel urenlang vaststaan op onder meer de weg van Antwerpen naar Knokke. Er zijn daar ongelukken gebeurd dus wie per auto verkoeling wil zoeken aan de kust wordt aangeraden voldoende water mee te nemen of, nog beter, helemaal niet te gaan. Schrale troost: er worden flesjes water uitgedeeld. Aan zee is het trouwens door de aflandige wind niet minder warm dan in het binnenland.

Iedereen kent langzamerhand de verhalen over inwoners van Barcelona die de toeristen toeroepen 'ga naar huis'. En die over Venetië, waar je op drukke dagen moet betalen om er de stad in te mogen. Ilja Leonard Pfeiffer heeft aan het massatoerisme daar, als ik me goed herinner in zijn Grand Hotel Europa, schitterende satirische passages gewijd.

Ten onzent is het ook raak. De waddeneilanden. Texel wordt sinds jaar en dag overstroomd door Hollanders en Ameland noteert 650.000 verblijfstoeristen per jaar. In Giethoorn is het filevaren met de bootjes. Ja, de rusticiteit zoals daar gezien in het zwart-witte filmsucces van de vorige eeuw, Fanfare, is inderdaad pure nostalgie.

Ik ben, met mijn voorkeur voor non fictie geen geheide romanlezer. Vandaar dat ik nu pas verwijs naar een al 25 jaar oud boek van de in Rome woonachtige Rosita Steenbeek. Daarin komen passages voor over een gebied in Toscane waar het wemelt van de overblijfselen van de Etruskische beschaving die aan die van de Romeinen vooraf ging. Necropolissen (dodensteden) en graftombes, omringd door een fabelachtige, ongerepte natuur. Daar wil 'de economie' op los, met voorspelbare gevolgen voor het groen en de rust in die gebieden plus de aanpalende monumentale stadjes. Een kwarteeuw geleden dus al. In hoeverre deze voorspelling is uitgekomen zou ik moeten nagaan.

De lezer kent natuurlijk het lied Het Dorp, gezongen door Wim Sonneveld op tekst van Friso Wiegersma. 'Een kar die ratelt op de keien' en vooral 'Langs het tuinpad van mijn vader zag ik de hoge bomen staan.' Dat was realiteit in het Deurne van het midden van de vorige eeuw, waar Huize (inmiddels museum) De Wieger staat en waar het tuinpad zich bevindt. In de krant heb ik gelezen dat er initiatieven bestaan om de boel daar op te leuken. Mag ik m'n hart vasthouden?




zaterdag 3 augustus 2024

Mag ouwe mens nog mening hebben?

In de loop van pakweg 25 jaar heb ik desgevraagd heel wat scripties van afstuderenden nagekeken op taalgebruik. Met succes, zeggen de betrokkenen. En in zoverre tot mijn genoegen dat ik heel wat heb opgestoken over onderwerpen, waar ik tot dan niets of weinig van wist. Intussen gaat het natuurlijk om de mening van een stokoude man. Mag dat nog wel?

In een recent geval heeft iemand vrienden en collega's als terloops laten weten dat zijn scriptie was gescreend door zijn opa. Dat leidde tot onbedaarlijk gelach. Nadere motivatie ontbreekt. En toen desgevraagd de leeftijd werd vermeld, volgde zo mogelijk nog harder gelach.

Toevallig beluisterde ik afgelopen week een interessante podcast over de Amerikaanse verkiezingen van de tachtigjarige historicus en gepensioneerd hoogleraar Maarten van Rossem, waarin hij zei: 'Ik lees regelmatig dat ik al decennia achterloop. Heeft u kritiek? Dat staat u volkomen vrij. Ik ben oud, mijn hersens zijn verdord. Maar ik beschouw dit wel als een vorm van schelden, zoals je die ook op social media als Twitter aantreft. Ik zou volgens die tirades zijn blijven hangen in mijn colleges van dertig jaar geleden.'

'Maar', voegde Maarten er aan toe , 'dit verkapte schelden is inhoudsloos zolang er niet een nieuwe visie aan ten grondslag ligt. Ik mag dan een suffe bejaarde cynicus zijn, maar ik krijg nooit een behoorlijk antwoord en samenhangende argumenten voor de betere opvattingen die de respondenten zouden hebben. Leg uw visie nu eens op een overtuigende manier uit. Ik hoor het graag.'

Die zit. En wie lacht daar nog?


dinsdag 30 juli 2024

Toch lekker triatlonnen

Niet moeilijk om te voorspellen: die triatlon in de Seine wordt niks. schreef ik gisteren. Het was immers onvoorstelbaar dat de Parijse stront binnen 24 uur zou zijn verdwenen. Maar ze wagen het er toch op. De prestigedrang van Paris 2024 valt niet te onderschatten.

De regen stond vrijdagavond een perfecte openingsceremonie wonderwel niet in de weg. Dat zilveren paard, 'galopperend' over de Seine, was echt een topper, al heb ik begrepen dat nogal wat mensen daarvoor te vroeg hadden afgehaakt. Niet eens alleen omdat ze doorweekt waren, maar ook tv-kijkers.

Perfect, maar de ceremonie ontmoette ook kritiek, vooral van gelovige christenen die de parodie op het Heilig Avondmaal niet konden waarderen, sterker, daar heel boos over zijn.

Wat mij vooral ergerde was het miserabele commentaar op de versie van de NOS. Nogal wat miskleunen bij dat over de historische en culturele elementen van de show die uiteraard de grandeur van Frankrijk wilden benadrukken. Is sportjournalistiek geen journalistiek, zoals een vakman onlangs in een column schreef? In elk geval hadden ze van men name de historische aspecten totaal geen kaas gegeten. De onthoofde koningin Marie Antoinette liet men op het verkeerde moment opdraven – het levende decor van de Conciergerie langs de Seine, waar M.A. gevangen had gezeten, zei de commentatoren blijkbaar niets. (De tickets voor een bezoek aan dit museum waren intussen zo goed als zeker uitverkocht.) Nou ja, een brevet van onvermogen. En hoe staat het met de goudkoorts waarover sommige media vorige week schreven? Het ziet er naar uit dat Nederland, net als na het EK, onderhand een toontje lager moet zingen. Geef dat nou es toe.

Terug naar de Seine. Wanneer komt La Douce France, in het bijzonder Parijs er achter dat er structureel heel wat moet gebeuren, willen haar rivieren weer enigszins in hun natuurlijke staat verkeren, in elk geval niet specifiek voor de Spelen?


zaterdag 27 juli 2024

Tegendraads van nature

Een aarts non-conformist. Maak daar maar eens fatsoenlijk Nederlands van. Tegendraads van nature? Dat kenmerkte in elk geval Jos Kessels, afgelopen donderdag òp 71-jarige leeftijd overleden. Colomnist van het Eindhovens Dagblad. Op woensdag 29 mei ontbrak hij voor het eerst in de krant en stond onder het stuk van een vervanger: 'Jos Kessels is afwezig'. Verontrustend want dat was hij nooit op drie vaste dagen in de week. Van vakantie had hij zijn bekomst. Hoe weten we dat? Doordat Jos altijd heel openhartig was over zichzelf en alles wat hem bezig hield. Ook over zijn lichamelijke achteruitgang, zijn verstoktheid aan het roken, zijn liefde voor zwaar Belgisch bier. Dingen die de dokters hem natuurlijk verboden hadden.

Jos kwam uit het Limburgse Nederweert en verwees regelmatig naar zijn jeugd, die zich kenmerkte door zijn roodharigheid. Op het plaatselijke voetbalveld wist hij de daaruit voortvloeiende pesterijtjes ruimschoots te compenseren. Zijn tegendraadsheid leek hij te hebben geërfd van zijn moeder die hij altijd liefdevol beschreef, zoals bij haar uitspraak op het eind van haar leven: 'Aan mijn lijf geen polonaise'. Zelf werd hij in die fase door iemand benaderd met de woorden 'Ik houd van je'. Typisch Jos: 'Iedereen mag van mj houden, als ze mij maar met rust laten'.

Niet iedereen keek uit naar Josdag, zoals hier in huis. Want non-conformisme gaat immers in tegen wat de massa mooi en leuk vind. En Jos zette zich daar juist tegen af. De krant stond hem dat toe. Zelfs als hij zich keerde tegen het feit dat driekwart van de inhoud van de Brabantse dagbladen tegenwoordig in Rotterdam wordt gemaakt.

Het ziet er niet naar uit dat het gebruik, een selectie uit zijn aanvankelijk dagelijkse columns te bundelen, praktijk wordt. Ik denk dat Jos daar niet voor zou hebben gevoeld, zoals-ie ook met ironische argwaan heeft gekeken naar de digitalisering. Totdat hij er, meer aan huis gebonden en geholpen door zijn geliefde dochter, niet meer om de laptop en het internet heen kon..

woensdag 17 juli 2024

Vervelend als je op straat naar plee moet

De Nationale Vereniging De Zonnebloem bestaat 75 jaar en organiseert ter gelegenheid daarvan onder meer een reizende tentoonstelling die aandacht vraagt voor de problemen waarmee mensen met een beperking met name in het openbaar te kampen hebben. Boven het persbericht hierover staat de kopsuggestie: 'Zonnebloem roept kabinet op om ontoegankelijkheid serieus te nemen'. De vraag die zich opdringt is, wat is een menselijke beperking? De expositie geeft ook daar natuurlijk een antwoord op.

Ik stel deze vraag aan de orde, om – facetje – het in Nederland bijzonder vervelend is als je ineens op straat naar de plee moet. Ik begrijp dat dit vooral vrouwen op leeftijd nogal eens overkomt. Hoewel, onlangs zag ik een meid op een gazon – min of meer achter een boom, dat wel – uit de broek gaan. Grensoverschrijdend gedrag maar dan anders. Een mij bekende vrouw kwam ongeveer tezelfdertijd zich ziek voelend thuis nadat haar hoge nood in diverse winkels werd beantwoord met 'dat kan hier helaas niet'. 

Wat wel kan is natuurlijk iets consumeren in een horecagelegenheid. Of voor 60 eurocent (wie heeft nog dubbeltjes in z'n portemonnee?) zo'n gelegenheid bezoeken. Dat schijnt sporadisch mogelijk te zijn.

Het ontbreekt 'gewoon' in dit land aan openbare toiletten. Aan onze winkelcentra wordt van alles gedaan met het accent op reuring. Ik pleit voor een prijs voor de gemeente die hier effectief wat aan doet.


dinsdag 16 juli 2024

Kijk uit met monumenten

In Amsterdam, nog wel op het Leidseplein, is een standbeeld, nou ja een monument, onthuld ter nagedachtenis van Peter R. de Vries, misdaadverslaggever. De moord van drie jaar geleden ligt ons nog ver in het geheugen en de verdiensten van De Vries zijn niet aan twijfel onderhevig. Toch heb ik de neiging, om aan een (weer eens) typisch Amsterdams initiatief te denken, maar dat terzijde. In het algemeen denk ik dat voorzichtigheid met het oprichten van standbeelden/monumenten ter ere van wie dan ook geboden is.

Jan Pietersz Coen, Groot Inwoner van Hoorn, is in ons land het klassieke voorbeeld, Je moet liefst voorkomen dat je er achteraf een bordje bij moet plaatsen waarop staat dat zo iemand omstreden is. Ter verduidelijking: Coen was een aartskolonialist die in alle denkbare mogelijkheden fout is geweest.

Wat volgens mij voor monumenten moet gelden, betreft ook straatnamen. In Breda heeft men eens 'n straat moeten hernoemen die aan een hoge rijksambtenaar was gewijd, van wie achteraf werd vastgesteld dat hij met de Duitse bezetter had geheuld. Een journalist (toen nog zonder de volgens mij op marketing gerichte toevoeging onderzoeks-) ter plaatse had van de actie tot naamswijziging zo ongeveer z'n levenswerk gemaakt.

In Nederland krijgen leden van het Oranjehuis als automatisch een straatnaam. Zo ook Bernhard van Lippe Biesterfeld, de prins gemaal van koningin Juliana, die bij zijn leven al 'Schavuit van Oranje' werd genoemd en na zijn dood definitief werd ontmaskerd als een notoire leugenaar. Een aantal gemeenten heeft inmiddels zijn conclusies getrokken.

Soms plaatst een naar een persoon genoemde straat je trouwens voor een raadsel. Wie was bij voorbeeld in Best Secretaris Jansen en wat was de reden om hem deze eer te bewijzen? Het stikt van de secretarissen. En, o ja, Willem Lumey, commandant van de Geuzen tijdens de Tachtigjarige Oorlog, bijgenaamd Het Everzwijn, die verantwoordelijk was voor het ophangen van een aantal religieuzen (de Martelaren van Gorkum) in Brielle. Ik heb eens geprobeerd, samen met wijlen Rob Ruggenberg, de leerlingen van de aan de Lumeystraat gelegen protestantse school hierover voor te lichten. Het is er niet van gekomen.



maandag 17 juni 2024

Grote monden en korte lontjes

Het moet ergens in de jaren zeventig zijn geweest. Ik liep in een centrale hal van het krantengebouw op de vleugeldeuren naar de redactie toe. Een veel jongere collega liep voor me uit, keek op noch om, botste de deuren open en ging me voor. Ik vond dat frappant. Dit was ons namelijk niet zo geleerd. 'Altijd even kijken of je niemand in de weg zit.' Zoiets. Ja, de tijden zijn veranderd. Ten goede? Nou nee. Zegt deze oude man zonder de overtuiging dat 'vroeger alles beter was'.

Als mijn vader op het trottoir een hem bekende vrouw tegenkwam, ging hij zo nodig de stoep af en groette haar, even zijn hoed lichtend. Ik realiseer me dat ik tegenwoordig vaak ook zo'n hoed draag, een doodgewoon ding, dat onlangs aan een schoolkind de kreet ontlokte: kojbojhoed! Dit even ter verdere illustratie van 'veranderende tijden'.

Henri Bontenbal, van wie ik wel eens denk 'jammer dat-ie niet van mijn partij is', reageerde vandaag op X (voorheen Twitter) op de extra maatregelen die Albert Heijn nodig acht tegen grote monden en korte lontjes, blijkbaar onophoudelijk door klanten in stelling gebracht tegen het supermarktpersoneel. Bontenbal:  'Heel zorgelijk dat dit nodig is. Zo 'n samenleving levert alleen maar verliezers op.'

Valt het je ook wel eens op? Iedereen is in de eerste plaats met zichzelf bezig. Het denken aan de ander is de gemiddelde mens niet geleerd. Goed gezien, ik ben in de sfeer van de opvoeding beland. In een wereld waarin jongeren ongestraft kunnen zeggen: dat maak ik zelf wel uit.


donderdag 13 juni 2024

Handen

'De dokter waste zijn handen, toen hij daarmee klaar was zwaaide hij om onbegrijpelijke redenen met zijn rechterhand door de lucht (...)’ Arnon Grunberg in zijn nieuwste roman Zevenpoot.

Stond ik net op het punt, ‘n stukje te schrijven over handen, in het bijzonder handen die je op tv ziet.

Best wel verstandig daar niet teveel op te letten, op die tv-handen bedoel ik, want dan gaan ze je irriteren. Terwijl handgebaren toch heel normaal zijn, ter onderstreping van wat je betoogt. Maar ja, Grunberg heeft het over ‘onbegrijpelijke redenen’ en dat is vaak bij mij de bron van irritatie, al hoor ik je al roepen: mens erger je niet.

Nochtans, het lijkt vaak of mensen geen raad weten met hun handen. Een klassiek verhaal luidt dat zulks een probleem vormde (vormt?) bij het amateurtoneel. Ooit loste men dat op met een sigarettenkoker. Het uit zo’n plat, al dan niet namaak zilveren doosje halen van eem sigaret, het presenteren, zachtjes met de sigaret kloppen op het deksel enz. gaven immers de handen wat te doen.

Het kon bij die amateurs ook wel eens volledig uit de hand lopen. Zoals die keer dat iemand het toneel opstormde met de woorden: Mannen! Mannen met hellebaarden en zijn kreet nog wat kracht bij zette door zijn omgekeerde handpalm ter hoogte van z’n navel te houden. Zie je het voor je?

TV-presentatoren hebben het soms makkelijker. Ze treden je met over elkaar geslagen armen (als verdedigend) tegemoet, laten hun handen rusten op een tafel of bureau of houden een documentje vast.

donderdag 23 mei 2024

Ontlezing bevorderd

Een van de veel bekritiseerde afspraken in het coalitieakkoord is de drastische verhoging van de btw  van 9 naar 21 procent op gedrukte media als boeken en kranten. Ik heb op mijn beurt de  petitie van CPNB ondertekend, aldus behorend tot de tot dusver bijna 36.000 mensen die dit plan als 'waardeloos' van  de hand wijzen. Is dit soms ook de praktijk van Wilders' bejegening van journalisten als 'tuig van de richel'?

Het behoeft geen betoog dat het duurder maken van boeken, kranten en tijdschriften de ontlezing, dus het verder inzakken van de taalvaardigheid bevordert. Van dit verschijnsel zien we dagelijks onder veelal jonge professionelen de gevolgen:

Een presentator op NPO: 'Deze wetenschapper gaat met emiraat' (emeritaat).

Krantenkop: 'Raad gruwelt van (...)' (gruwt).

Scriptie van een student: 'lijndraad'  (leidraad).

Sommige versprekingen of verschrijvingen gaan onder het mom van taalverandering een leven leiden en krijgen zelfs na 'n tijdje een legitimatie in het Groot Woordenboek. Voorbeeld daarvan, sinds het ook regelmatig door gevestigde schrijvers wordt toegepast? 'De straat is vernoemd naar Pietje Puk'. Was ooit 'genoemd naar', waarna Pietje (en niet de straat) was vernoemd.

Dit heeft mij tot de constatering gebracht: taalverandering is normaal; taalverarming is betreurenswaardig. 

Dit alles is het gevolg van slecht taalonderwijs en (mede in verband hiermee) ontlezing.

Donder dus op met je btw-verhoging.


woensdag 8 mei 2024

De Stop

Hij was ongetwijfeld de lelijkste man die ik in mijn jeugd heb gekend. Van buiten hè? Want om zijn innerlijk werd hij door menigeen op handen gedragen. Zeker bij Boerke Verschuren in 't Ginneken, toen de weduwe van het echte boerke daar nog de scepter zwaaide. Menig borreltje, al dan niet aangeboden door zijn mede-klanten heeft-ie daar naar binnen geslagen. Hij heette D.A, de Stoppelaar. Van Didericus Anton, maar hij hield het bij Anton, want Diederik, dat kon niet in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Van zijn uiterlijk wil ik verder niet teveel zeggen. Je zult maar de kenmerken hebben die de indruk (of de wetenschap) bevestigen dat de mens afstamt van de aap. Naar verluidt is dat nog enigermate gecorrigeerd bij een operatie na een auto-ongeval.

Anton was journalist. Freelance zouden we nu zeggen, want het zal duidelijk zijn dat hij om zijn uiterlijk niet met gejuich in vaste dienst werd aangenomen. Dit laatste is een veronderstelling mijnerzijds. Hij scharrelde z'n kostje met krantenverslagjes in de trant van 'Aquariumvereniging Rasbora vergaderde onder voorzitterschap van...' In vakanties viel hij wel eens in als corrector bij de krant. Als hij dan, uit behoefte aan enige beweging, het redactielokaal heen en weer begon te lopen, joeg-ie de redactiesecretaresse de stuipen op het lijf. Hij was niettemin een scherpe, zo niet grappige waarnemer. Als rechtbankverslaggever opende hij eens de deur van de wc en: 'wie zat daar, als een kloek op d'r eieren? Meester Smits!' Hij sprak enigszins geaffecteerd. Mijn papa wist dan ook respectvol te melden: 'zijn vader was vicepresident van de rechtbank in Middelburg'.

's Zaterdags kwam hij bij ons eten en dan had hij altijd wel iets te melden, in de zin van: 'er was een demonstratie van de Teolin (verffabriek, G.) waarbij brand werd gesticht. Het huis brandde af en de verf bleef staan!' Mijn moeder: 'Anton, daar trap ik niet in.'

De Stop moet een enorme bibliotheek hebben gehad. Af en toe stopte hij mij een meestal geschiedkundig werk toe, met als opdracht: Van oewe gewitwel. Seksueel moet De Stop het echte leven hebben gemist. Naar zijn geaardheid is het achteraf gissen. Hij placht ietwat verstolen daar mijn blote scoutingbenen te kijken. Toen ik allang het huis uit was, wist mijn jongere broer te melden dat hij bij een prostituee was ingetrokken.


vrijdag 3 mei 2024

Slecht nieuws

 Als Levensmaatje 's morgens de krant openslaat roept ze wel eens Wat nu weer? Want goed nieuws is geen nieuws, is zelfs ooit proefondervindelijk (met 'n eenmalige Goed Nieuws Krant) bewezen. Vandaag zou er weer aanleiding zijn tot zo'n uitroep, want de krant meldt op de voorpagina dat er recentelijk voor 250 miljoen van bouwplaatsen is gestolen.

De diefstallen, door criminelen grondig voorbereid met spiedende drones, zouden leiden tot vertraging van bouwprojecten en stijging van de prijzen. Je moet toch een motief hebben om het leven duurder te maken, denk ik dan wantrouwig.

Maar slecht nieuws kan ook min of meer grappig zijn, al zal men daar verschillend over denken. Immers tegenover elke mening, vooral op sociale media (het blijft een rare benaming) staat er wel een die daaraan tegengesteld is. Komisch vind ik in elk geval het bericht van Radio 1.be dat in Belgisch Limburg 600 mensen hun rijbewijs tien dagen kwijt zijn nadat ze waren betrapt op gehannes met hun telefoon in een rijdende auto. Ze zagen daardoor zelfs de politie over het hoofd. Een lichte straf trouwens, in aanmerking genomen dat de gemiddelde Belg met de auto naar de wc gaat. Dit laatste is een losse constatering mijnerzijds, zeg ik er maar bij voor het geval iemand er anders over denkt.


donderdag 11 april 2024

'Journalistiek is een vak'

Journalistiek is een vak laat de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) ons regelmatig weten. Via social media, dat wel. Die zijn immers niet meer weg te denken uit onze informatievoorziening. Hoewel... ze zorgen ook voor chaos, constateerden Roeland Schweitzer en Willem Wansink acht jaar geleden al in hun boekje Iedereen Journalist. Gelukkig zijn er de reguliere media, waarvan je mag aannemen dat ze orde scheppen in die chaos. Maar is dat in de praktijk ook zo? Ik heb soms m'n twijfels.

Laten we eens kijken hoe de regionale krant aan de hand van die social media de beëindiging van een wat wordt genoemd 'een groot illegaal dansfeest' in Best aanpakt. Dankzij die media waren daar meer dan duizend mensen op af gekomen. Er wordt uitgebreid gebruik gemaakt van gedeelde beelden op X en reacties in het popie-jopie-taalgebruik waarvan sommigen zich daar bedienen.

De verslaggever laat niet na beweringen op het voormalige Twitter te citeren over excessief politiegeweld. De filmopnamen zijn onduidelijk, geeft-ie toe, maar 'gelukkig' is er de vrouw die buiten beeld zegt dat politieagenten van iemand 'helemaal z'n hoofd hebben ingetrapt'. Het ene moment klinkt de bewering dat de 'mishandelde' niet meer zelfstandig kon lopen en moest worden weggesleept, maar uiteindelijk ziet de journalist op het filmpje dat hij tussen twee politiemensen meeloopt.

Het enige citaat wat er volgens mij echt toe doet is de verklaring van het Openbaar Ministerie over het geweld waarmee de politie te maken kreeg en 'een aandeel' van de meegenomen verdachte in dat geweld. En, o ja, de politie doet aan zelfonderzoek.

Journalistiek is inderdaad een vak, ondanks de – ook zoiets – de onophoudelijke aandacht voor een kletsmajoor als Johan Derksen.

zaterdag 6 april 2024

Honger

Van mijn vader mochten wij niet zeggen 'ik heb honger'. Trek was het aanvaardbare alternatief. Hij zei ooit: 'Ik heb de echte honger gekend'. In de negentiende eeuw, begreep ik. Hij was 3 jaar toen mijn grootvader overleed. Mijn oma voorzag in het onderhoud van haar gezin met wat je kunt beschouwen als de luxe was voor welgestelden. Mijn vader moest dan in de vrieskou zo'n gestreken overhemd op z'n handpalmen naar de klant brengen.

In de Tweede Wereldoorlog hebben wij niet echt honger geleden, maar het was wel karig, hoewel mijn moeder een boeren adres had, waar trouw aan ons werd gedacht. Bij een andere boer konden we ook terecht, maar dan wel bij inlevering van kostbaarheden uit ons huis, zoals het tafelzilver. Wrange ervaring van mijn ouders, die als voordrachtkunstenaars op een priesterfeest bij die boer mochten optreden, in ruil voor deelname aan de maaltijd: de tafel was gedekt met dat ingeleverde zilver.

Na de bevrijding van het zuiden werd het mij via keuring bij de GGD gegund, deel te nemen aan een kinderuitzending naar Engeland. Motief: ondervoeding. Met andere woorden, het had beter gekund. Mijn twee jaar jonger broertje mocht niet mee (slechts één uit hetzelfde gezin), maar werd later wel liefderijk voor 'n tijdje opgenomen in het gezin van een West-Vlaamse 'rustend landbouwer'. Andere boerenkoek,.

Aan deze dingen moest ik denken bij de aanhoudende berichten over die hongerlijders in de Gazastrook. Echte honger.

zaterdag 23 maart 2024

Een geval van AZC

Een goed gemeenteraadsverslag is nooit weg. Dit is niet zomaar een kreet. Het is namelijk langzamerhand bekend, dat regionale kranten in Nederland het op dit punt nogal eens laten afweten. Waarom, laat ik in het midden. Natuurlijk zit dit de betrokken gemeenten dwars. Sommigen trachten het probleem te ondervangen door de aanstelling van een journalist, die onder meer de taak van het raadsverslag op zich neemt. Dat is dan een journalist tussen aanhalingstekens, want de verslaggever dient onafhankelijk te zijn. Althans in redelijke mate, want bij de onafhankelijkheid van de gemiddelde aan een krant verbonden journalist zijn volgens mij vraagtekens te zetten. Schluss, want de aanleiding tot dit stukje is namelijk een goed raadsverslag in het Eindhovens Dagblad. Dat verhaal gaat over de vestiging van een asielzoekerscentrum (azc) in Nuenen.

Genoemde krant meldt dus dat een krappe meerderheid van de gemeenteraad van Nuenen c.a. 'alsnog heeft ingestemd met zo'n azc voor 159 à 196 vluchtelingen'. Voorlopig voor vijf jaar, maar het kan best tien jaar worden.

Het is duidelijk dat het hier gaat om een geval van azc, zoals die zich overal in het land kunnen voordoen. Het probleem is overbekend: de wantoestanden in Ter Apel, de huiverigheid zo niet de onwil in andere gemeenten in den lande om die last van de Groningse gemeente ten dele over te nemen. De gesignaleerde onwil, laksheid, huiver, enfin vul maar in, heeft zoals bekend geleid tot de zogenaamde spreidingswet. Gemeenten die besluiten, iets aan de opvang van vluchtelingen te doen, laten zich niet altijd leiden door menslievendheid, maar realiseren zich vaak dat zij er anders van bovenaf toe zullen worden gedwongen. In Nuenen spelen, zo blijkt uit het raadsverslag, beide factoren een rol.

De politieke knoop zit 'm ook in het Nuenense geval in de beroering onder omwonenden van het toekomstige azc. Vandaar dat sommige fracties liever een spreiding over drie kleinere locaties bepleitten, lees ik. 'Dat vergroot de kans op veiligheid, integratie en acceptatie.' Uiteindelijk zou dat toch te duur worden, verkondigde het dagelijks bestuur van de gemeente, en tot veel vertraging leiden. Nog meer vertraging? Het plan is nota bene in 2023 gelanceerd en de gekozen locatie zou pas in de loop van 2025 gebruiksklaar kunnen zijn.

Sorry, Ter Apel, het wil maar niet opschieten.

maandag 11 maart 2024

Betaal of...

Cyber en cybercriminaliteit, wat is dat? Zo is het ongeveer gesteld met de gemiddelde mens van de 21e eeuw. Nochtans, de waarschuwingen voor digitale fraudeurs, afkomstig van onder anderen de banken, zijn niet van de lucht. En vergeet de verhalen niet van slachtoffers die uitroepen 'hoe heb ik zo stom kunnen zijn?' In de val getrapt van klootzakken die zomaar aan de deur stonden met een of andere smoes of online een hengeltje uitwierpen met het doel, de ander tot betalen aan te sporen, zo niet te dwingen.

Is aan de orde van de dag. Vorige week kreeg ik zomaar een SMS met de 'waarschuwing': direct je schuld van 1237 euro betalen! Kletskoek, ik heb helemaal geen schulden. Vandaag meldt de krant

'Digitale fraudeur blijft meestal buiten schot' en: 'Rapport: te weinig kennis en ervaring bij de politie'. Dat laatste blijkt (uit de staart van het verhaal) in zoverre mee te vallen dat de cijfers uit het geciteerde, alarmerende rapport stammen uit een periode van voor 2020. De landelijke korpsleiding van de politie laat weten dat de vaardigheid inmiddels is verbeterd. Wat natuurlijk niet betekent (en da's natuurlijk mijn conclusie) dat voortdurende waarschuwingen niet op hun plaats zijn. Zie het lullige SMS-je in mijn digitale box.

Aarzel dus niet in concrete gevallen aangifte bij de politie te doen. Ik zou daar nog iets aan willen toevoegen. Moet het altijd een aangifte zijn? Ik vind dat ook onnozel lijkende gevallen, zoals dat SMS-je ter kennis van gespecialiseerde functionarissen moeten worden gebracht. Ter versterking van de 'kennis en ervaring'. Dat hoeft niet per door velen als 'te ingewikkeld' beschouwde chatboxen. Over dat laatste gesproken, ik ben onlangs van zo'n medium afgehaakt, nadat een zekere Chantal mijn vraag begon te beantwoorden met: 'Goeje vraag' en me vervolgens het bos instuurde. Nee, gewoon een mailadres van een deskundige politionele persoon, waar je met je ervaren gekkigheid terecht kunt. Is dat nou zo moeilijk?

donderdag 7 maart 2024

Even twee weken wachten

Een rechter verbiedt de krant een verhaal te publiceren, nadat iemand de zaak heeft aangekaart omdat hij meent dat zijn veiligheid in het geding is. De journalistiek staat op z'n achterste benen, want persvrijheid. Een hogere rechter gaat daarin mee; de persvrijheid en dus (voor even) de democratie gered. Tja, hoe vrij is de pers? Dit zijn zaken die ons in deze tijd van zinloos geweld aanhoudend bezig houden, maar als het dienaangaande over het beleid van de media gaat, zijn er toch wel vraagtekens te plaatsen.

Neem nou het duidelijk uit de VS overgewaaide wapen- en vuurwerkgeweld. Imitatiegedrag is aan de orde van de dag, heb ik al eens geconstateerd. Natuurlijk kun je dat als pers (gedrukt of niet) moeilijk negeren, al was het alleen maar vanwege de hijgerige concurrentie. Gemist is al gauw een dramatisch gegeven in die kringen. En publiciteit is bovendien niet zelden het secundaire doel van de daders. Aandacht!

Wat bij het gesignaleerde geweld opvalt is de machteloosheid van de betrokken overheid. De vraag is hoe en in welke mate je daar als medium de aandacht op moet vestigen. Als automatisch dringt zich bij mij een oud adagium op: 'schrijven is de kunst van het weglaten'. Maar het gaat hier niet in de eerste plaats om 'kunst'. Wel over verantwoordelijkheid.

Om maar eens 'n voorbeeld te noemen: een burgemeester besluit op grond van zijn bevoegdheden aangaande de handhaving van de openbare orde, tot het laten plaatsen van een camera op een plek waar herhaling van een vuurwerk-aanslag kan worden verwacht. Natuurlijk is dat 'nieuws'. Maar moet daar ook bij worden vermeld (en dat is een vraag die de verantwoordelijke journalist c.q. zijn leidinggevende zich moet stellen) dat die camera daar twee weken blijft staan? Want de dader/aandachttrekker weet dan precies hoe lang hij op de plaats delict moet wegblijven. Die camera heeft daardoor totaal geen zin en de bestuurder staat met zijn machteloosheid te kijk.

dinsdag 5 maart 2024

Kiske

Waarom was Kees Rijvers voor mij als niet-liefhebber de belangrijkste voetballer van Nederland? Typisch een vraag van een stokoude man. Omdat ik Kiske in 1953 in de weer zag bij NAC, toen mij door m'n toenmalige hoofdredacteur was opgedragen, in het kader van m'n  journalistieke opleiding naar zo'n zondagse wedstrijd te gaan. Ik weet niet eens meer tegen wie of wat er werd gespeeld. Rijvers' verdere carrière is dus aan mij minder besteed, behalve dan iets in de geest van daar is onze Kiske weer. 

Hoe belangrijk de latere bondscoach evenwel was, lees ik in het stuk naar aanleiding van zijn overlijden (op maar liefst 97-jarige leeftijd!) in het Eindhovens Dagblad. Wat wil je, als trainer van PSV heeft hij die club op het niveau gebracht, waardoor ze nu een internationale status heeft. Zoiets. En om de krant te citeren, een Willy van de Kerkhof (Skieten Willy!) laat weten dat hij en zijn broer René zonder dat Kiske een totaal andere carrière zouden hebben gehad.

Wat heb ik allemaal gemist door mijn inertie jegens het voetbal? Godzalhetweten. Je zult maar door het leven gaan met alleen maar de herinnering aan het zwoegende 25-jarige kereltje op het oude Bredase veld. En aan de opdracht die ik toen kreeg, om de puntenlijstjes op te stellen, teneinde die in het oude pand van De Stem aan de Reigerstraat in het centrum voor de ramen te hangen. Alles gebeurde toen nog analoog; je fietste naar de stad om de voetbaluitslagen te vernemen, net als die van de verkiezingen trouwens.

Kees Rijvers was kennelijk 'n groot man. Gelukkig zijn er velen die daarvan kunnen getuigen.