vrijdag 19 augustus 2011

Poten af van de populier

Poten af van de populier. Kappen mag, als er de rot in komt, maar daarna weer poten. Op dit weblog, immers een zijstraat van hhBest.nl, hoort de benaming populier trouwens niet thuis. Te Best spreekt men van oudsher over de Kanidas. Ze staat hier als cultuurhistorisch object  in zo hoog aanzien, de Canadese populier, dat er zelfs een zorgcentrum naar is genoemd.kanidassen_960x1280
Populieren (Kanidassen) langs de laatste zandweg van de buurtschap Aarle (Best)

Is de populier dan bedreigd? Ja. Hoezo? Economische onwaarde, nu er nauwelijks meer klompen en zeker geen lucifers meer van worden gemaakt. Het middeleeuwse voorpootrecht, waardoor de boeren kanidassen in de openbare wegberm voor hun erf mochten planten is in Best in de jaren zestig van de vorige eeuw afgeschaft. Als leverancier van productiehout heeft de boom afgedaan.

Maar het populierenlandschap is karakteristiek voor de Meierij van ‘s-Hertogenbosch. Wie de A2 volgt, kan er links of rechts kijkend, van genieten. Vandaar dat er zelfs een Stichting Populier bestaat, die de ontwikkelingen met argusogen volgt. De populier heeft namelijk ook uitgesproken tegenstanders, die het maar een saaie boom vinden. De nrc.next, tuk op trendgevoeliige zaken, wijdde er zellfs een coverstory aan, onder de bij die krant blijkbaar onvermijdelijke Dungelse kop Live fast, die young. Waarmee het kleinkind van NRC Handelsblad wil zeggen dat de populier een snelgroeier is, die na ‘n jaar of vijftig aan het eind van z’n  latijn is.

Het verhaal komt erop neer dat de populier als siergewas uit is. Daar wordt een aantal oorzaken van opgesomd, zoals het al te kwistig planten van de slanke soort op ongezellige plaatsen als industrieterreinen en benzinestations. Maar ach, wat nu uit is, raakt straks weer in. En de populier saai? Laat me niet lachen. De manier waarop de krant het beroemde gedicht van Marsman Denkend aan Holland interpreteert, is ronduit een lachertje: ‘Rijen ondenkbaar/ ijle populieren/ als hooge pluimen/ aan den einder staan’. De dichter roept niet direct het beeld op van een machtige woudreus, schrijft ene Jaap Proost. Moet dat dan? Marsman zou de boom eerder neerzetten ‘als een stel kleurloze kantoorklerken’ bij een bushalte. Hij draait zich om in z’n graf.

Voor alle zekerheid nog even José de Bresser gebeld, bewaakster van het cultuurhistorisch erfgoed Aarle. Vraag: Heeft de gemeente Best vorig jaar na het kappen van die kanidassen aan de Kapelweg, nieuwe geplant? José: Jazeker! Alleen waar straks een woonwijkje moet komen, hebben ze ook eiken en essen gepoot.

Oké. Zijn we gerustgesteld. Voorlopig.

Zie ook de podcast ‘De Verhalen bij de Stenen’

maandag 15 augustus 2011

De auteursrechtensoap

De worsteling tussen Apple en haar concurrenten om de patentrechten op specificaties van de I-padiPad draagt meer en meer de kenmerken van een soap. Het is alleen te hopen dat de consument er beter van wordt en daar ziet het, althans op de zeer korte termijn, nog niet naar uit. Er zijn namelijk nogal wat ondernemingen – niet in de laatste plaats kranten als de NRC -  die zich met huid en haar aan de monopolist Steve Jacobs hebben overgeleverd en schaamteloos aan koppelverkoop doen: gratis iPad bij een abonnement. Bezint voor gij begint, oftewel reken en vergelijk voordat je er in trapt. Daarbij komt het merkwaardige kuddegedrag van de consument, die om redenen van hyperige aard niet met iets anders in de hand wil worden gezien dan met een iPad. Ik wil daar niet bij horen. Een markteider – en dat is Apple momenteel op haar terrein – krijgt al gauw de onhebbelijkheden van een dictator. De duvel schijt altijd op de grootste hoop (in dit geval op het grootste beursgenoteerde bedrijf ter wereld), maar ik ben de duvel niet.

Op de Belgische website Datanews las ik een uitleg van de advocaat Paul Maeyaert, gespecialiseerd in intellectueel eigendom, waar het bij het gekissebis tussen Apple en Samsung over de gelijkenis tussen de iPad en de Galaxy Tab 10.1 om gaat. Om de algemene indruk. Lijkt de Samsung qua vormgeving teveel op de Apple of niet? Een Duitse rechter vindt van wel en heeft de Samsung daarom voor de hele Europese Unie ‘verboden’, behalve voor Nederland want daar vechten de twee fabrikanten hun ruzie nog eens apart uit.

Uit het verhaal van Maeyaert had ik begrepen, dat het zogenaamde ‘modelrecht’ in de Europese Unie nog geen tien jaar bestaat. Met verbazing las ik dan ook in de NRC, dat de Amsterdamse diamantair Joseph Asscher al in 1902 zijn achthoekige manier van slijpen liet patenteren: de zogenaamde Royal Asscher Cut. Met dat modelrecht lijkt de EU dus het wiel opnieuw te hebben uitgevonden. Maar dit even terzijde.

Is Apple trouwens niet op weg naar een Pyrrhusoverwinning? Dat zou je gaan denken, als je ziet, hoe de concurrentie – en niet alleen Samsung – op de tabletmarkt in de weer is. Tablets, dat zijn dus van die dunne computertjes, waarmee je op de bank of op het strand e-books en digitale versies van kranten kunt lezen, mailen, bellen, ja wat eigenlijk niet? Computerbladen houden de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten en laten niet na, de kwaliteiten van de nieuwkomers met die van de I-Pad te vergelijken. De wedloop is nog in volle gang, waarbij Apple de hete adem in de nek voelt van…. Google’s open source besturingssysteem Android. asus_eeepad_transformer_495x392_523x480Zo kwam het, dat een recent nummer van Computer!Totaal de 
iPad weliswaar nog als koploper kwalificeerde, maar de EEE-pad Transformer van Asus (Android!) als uitstekend alternatief tipte. Die Asus lijkt weer sterk op de Samsung, met dit verschil – ook met de iPad – dat ze voor dezelfde prijs leverbaar is met een los toetsenbord, waar het aanraakschermpje simpel in geklikt kan worden. Daardoor wordt het het apparaat getransformeerd tot een mini-notebook. Dat toetsenbord heeft ook nog eens ‘n eigen accu.

Je raadt het al: ik heb dat ding gekocht, in de wetenschap dat er voor Android nog minder apps (kleine, maar soms belangrijke programmaatjes) zijn dan voor de iPad. En ook in het besef, daardoor meer in de greep te komen van Google. Voelt dat niet onprettig? Ach, of je nu door de kat of door d hond gebeten wordt, en het belangrijkste voor mij is, dat ik met die EEE-pad uitstekend uit de voeten kan. Bovendien zei een vriend, die zich nog steeds ‘oriënteert’ op een  tablet, dat hij Asus altijd als een B-merk had beschouwd. Dat was, in het licht van al het voorgaande, een extra stimulans.

Zie ook: Vals spel van Apple?

donderdag 11 augustus 2011

Kijken, niet kopen en ook niet aankomen

Als de patiënt om tien voor elf bij de Chinese acupuncturist binnenstapt (ondanks dat voor het raam het bordje ‘open’ nog niet is omgedraaid), beantwoordt de prof  zijn goeiemorgen en zegt: ‘kamer 2’.

Zijn collega en vriend, ten onzent doorgaans aangeduid als Brillemans, is er nog niet. Die sloft altijd om vijf voor elf binnen. De profs groeten elkaar niet; misschien zagen ze elkaar al eerder, of wonen ze in hetzelfde huis. Morgengroet onder Chinezen niet gebruikelijk? Zou ook kunnen. Kletsen kunnen ze trouwens als de besten.

Brillemans heeft zijn eigen ritueel, dat nooit door zijn collega wordt overgenomen. Hij draait het bordje om (tenzij hij dat vergeet en er door een wachtende patiënt op wordt geattendeerd) en zet de reclamestandaard op de stoep: deur open, trap met linkerbeen om voortijdig dichtvallen te voorkomen. Tenzij hem ‘het recept’ wordt voorgelegd voor het afwegen van porties kruiden, begint B. aan de Metro, zijn dagelijkse portie Nederlands. Of hij ondervraagt bij wijze van alternatief een wachtende patiënt over diens auto, het merk, hoeveel die heeft gekost. Er groeit in de loop van enkele weken een soort van verstandhouding. De ‘Hollandse’ mentaliteit wordt uit de doeken gedaan: wel kijken, niet kopen. En als er een mooie jonge vrouw binnenstapt, leert B. ook het verschil met ‘alleen maar naar kijken, maar aankomen niet’.

Voor de patient is het behoorlijk inspannend, want valt niet mee van het Nederlands van B. chocola te maken.

Aan het einde van het gesprek zegt B.: ’Weer heel veel geleerd vanmorgen.’

En de mooie vrouw, die iets van het gesprek heeft opgevangen, is merkbaar ook blij.

(Radiocolumn Omroep Best, 17.08.11, 18:10 uur)

maandag 8 augustus 2011

Gelazer

De nrc.next opent vandaag met de kop ‘Amerika van zijn troon gelazerd’. Dat vindt opa NRC niet goed, want opa is destijds geleerd dat woorden als lazeren, belazeren etc.zijn afgeleid van de bijbelse melaatse Lazarus, die door de Here uit de dood is opgewekt. Pas in de tweede helft van de vorig eeuw, toen opa zo’n beetje de jaren des verstands had bereikt, zei een deftige politicus met bekakte stem ‘We zijn grotelijks belèzerd’ en toen mocht er qua manier van uitdrukken opeens van alles. Maar met lazeren de krant openen? Toch nog ‘n beetje foei!

Niet dat ik me nog ergens over verbaas hoor, zelfs niet over het feit dat je in Boekel op de kermis niet meer met de botsautootjes mag botsen, want als je dat toch doet, dan wordt je bij het verlaten van het kermisterrein in elkaar geslagen. Daders: vier jongeren. Maar er zitten jongelui (is dat niet een typisch opa NRC-woord?) vast voor zwaardere vergrijpen. Zó zwaar, dat staatssecretaris Teeven van Justitie overweegt, het jeugdstrafrecht nog maar weer eens ‘n beetje aan te scherpen. Voor de gevangeniscapaciteit hoeft-ie het niet te laten. Sante Brun stelde vorige week nog vast, dat in Veenhuizen, afgezien van de roemruchte strafkolonie, laatstelijk bekend als afkickoord voor drankrijders uit het mediapark (avant la lettre) te Hilversum, een complete gevangenis staat te verpieteren. Des gewenst wordt je er, onder het inspirerende motto ‘Veenhuizen boeit’, rondgeleid.

Nee, verbazen doet opa zich niet meer. In Eindhoven heb je een rotonde, waarvan het midden bestaat uit een behoorlijk diepe kuil met betonnen wand, ‘n soort Steile Wand om in kermissfeer te blijven. Afgelopen weekeinde leverde een automobilist het kunststukje, in die Berenkuil te duiken. Dit gebeurde volgens het ED ‘voor de vierde keer in afzienbare tijd’. Waarmee de krant weer eens bewees, in staat te zijn, een flink eind in de toekomst te kijken.

woensdag 3 augustus 2011

Niks te komkommeren

Los van de kwade reuk, die in het voorjaar een tijdje aan de komkommers bleef hangen, valt er tijdens deze zomermaanden sowieso niks te komkommeren. Het is zelfs zo, dat de media zich bezinnen over het al dan niet met vakantie laten gaan van de journalisten, omdat de toevloed van het nieuws uit binnen- en buitenland, de onderbezetting van de redacties doet voelen.

Vroeger ging je als loonslaaf gewoon en accepteerde je na terugkomst de afstraffing met stapels onbehandelde zaken. Maar nu valt er tijdens de vakantie een lamp in de operatiekamer van een ziekenhuis op een patiënt, wordt iemand die uit de gevangenis komt, op bloemen onthaald en door de journaals geïnterviewd (‘Het ergste was de eenzaamheid’, ach so), experimenteren gemeenten met skaeve woningen, wat volgens de Denen ‘rare’ woningen zijn. Ik zou zeggen scheef, maar waar bemoei ik me mee. Als u het weten wil: het zijn woningen voor aso’s, die liefst op ‘n eenzaam plekje worden neergezet, als er tenminste in dit land nog ‘n eenzaam plekje te vinden is.

Woont u in Son? Dan duurt dat niet lang meer, want in de gemeentelijke administratie wordt die dorpsnaam onverbrekelijk gekoppeld aan Breugel. Dus, je woont te Son en Breugel, of je bent nergens. Best, Veghel of Liempde kan natuurlijk ook, maar dan kan het zijn dat je tegelijkertijd inwoner bent van de gemeente Sint-Oedenrode. Geloof je het niet? Kan ik me voorstellen. In de vorige eeuw zeiden de boeren ‘De krant brengt de leugens in het land’ en voegden de daad bij het woord door hun abonnement gedurende de voor hen drukke zomermaanden te annuleren.

Heb ik het nog niet over de diverse aanslagen, revoluties en crisissen gehad? De volgende keer dan, als ik tijd heb.

dinsdag 2 augustus 2011

Alkemade

Een verslaggeefster van dagblad De Pers (dankzij een tablet, alternatief voor I-Pad, waarover later wellicht meer, lees ik dat tegenwoordig thuis op de bank), die verslaggeefster dus, ging terug naar haar geboortedorp Oude Ade. Dat is een dorp in het Groene Hart van Holland, waar nog op de boerderij Boeren Leidse, oftewel komijnekaas, alias pitjeskaas wordt gemaakt.

Oude Ade maakte ooit deel uit van de gemeente Alkemade en als ik zoiets lees, dan denk ik aan mijn moeder, want die is geboren in Roelofarendsveen, gemeente Alkemade. Dat kon je nog min of meer opmaken uit de manier waarop ze, hoewel al als klein kind verhuisd, Brabants probeerde te praten. Roelofarendsveen was tussen haakjes ooit ‘n soort Giethoorn, wat wil zeggen meer water dan straat.

Maar goed, gemeente Alkemade. Nou, die bestaat dus niet meer. Is van de kaart geveegd, schrijft onze Persmuskiet. In 2009 is een nieuwe fusiegemeente gevormd met de ook nogal waterig klinkende naam Kaag en Braassem. En wat de verslaggeefster nou zo gek vindt, is dat desondanks in 2010 in haar paspoort als plaats van geboorte is opgenomen: Oude Ade, gemeente Alkemade.

Meid, dat moet je leuk vinden, dat is een kwestie van historisch besef. Je bent nu eenmaal niet in de gemeente Kaag etc. geboren, maar in Alkemade. Daar valt niets aan te veranderen, ook niet door een regeringsbesluit of handtekening van Beatrix. Ik kijk naar mezelf. Ik ben geboren in de gemeente Ginneken en Bavel. Dat staat in mijn paspoort en dat vind ik leuk. Ginneken c.a. werd in 1943 (onder de Duitsers!) door Breda geannexeerd, maar als ik die vermelding zie staan, dan denk ik: ha, je bent niet weg te branden.

maandag 1 augustus 2011

Wie controleert en stuurt Novec?

‘Iedereen kan ons nu wel weer normaal ontvangen.’ dacht Radio 1 Journaal-presentator Marcel Oosten vrijdagmorgen. Niet dus, twitterde ik terug, met een verwijzing naar dit op 18 juli geplaatste stukje. Niet dat ik een tegenreactie verwachtte, want die lui hebben bijna 29.000 volgers en het verder veel te druk met zichzelf. Maar ik wilde het andermaal gezegd hebben, al was het alleen maar om nu te kunnen vaststellen dat de reguliere media, nu pas wakker worden als het gaat over het disfunctioneren van de beheerder van zendmasten als die in Lopik, Novec, zich presenterend als ‘onafhankelijk en betrouwbaar’.

Jaja. De de Volkskrant vanmorgen eindelijk: ‘De radio-ontvangst in grote delen van West- en Zuid-Nederland blijft de komende maanden (cursivering van mij, tSs.) slecht. (…) Beheerder Novec wil de zendcapaciteit van Lopik pas herstellen als een onderzoek is  afgerond naar de oorzaak van de kleine brand die daar op 15 juli woedde.’

Genoeg geciteerd. Dus nog maanden klooien met een draadje aan de staafantenne van de transistor die ik als alternatief voor de wekkerradio op mijn nachtkastje heb staan; als ik me in bed omdraai begint het te ruisen, zodat ik in arren moede maar overschakel naar BNR, een commerciële zender, die het ongestoord  doet. Dan  maar geen Oog op morgen of journaal.

Hoe zo onafhankelijk? Monopolistisch zul je bedoelen, zoals op een haar na de NS. Als die het laat afweten, schreeuwt de politiek tenminste nog moord en brand. Waarom zou die Novec in z’n eigenwijze luiheid, gewoon zonder méér controle dan van de media voort kunnen doen (wat iets anders is dan voortmaken). Hupsakee, d’r achteraan en er bovenop. Ik wil mijn publieke omroep, zo lang ze nog bestaat, duidelijk horen.

donderdag 28 juli 2011

Regionaal weer

Het is natuurlijk waar, dat het weer per regio sterk kan verschillen. Dat aspect heb ik in mijn vorig stukje. Ideale vakantiewerker, wat onderbelicht. Maar ik bedoel niet de verschillen die samenhangen met de wisselvalligheid, die de weermensen tot een zekere mate van wanhoop kan stemmen, waardoor je mededelingen kunt verwachten als ‘het kan vriezen of het kan dooien.’

Nee, het gaat over klimatologische verschillen die structureel zijn en waaraan je geen dagelijks weerbericht kunt ontlenen. Bekend is onder meer het weertype van de Kanaaleilanden, dat tot op zekere hoogte een subtropisch karakter heeft. Minder bekend zijn de ‘voordelige omstandigheden’ die vaak heersen aan de zuidkant van Walcheren. Zoutelande afficheert zich zelfs op het internet als de Zeeuwse Rivièra!. UIt eigen, jarenlange ervaring ken ik de uitzonderlijke positie die de waddeneilanden qua weersomstandigheden kunnen innemen. Heel vaak heb ik vanaf de wadkust van Terschelling de regenwolken boven het vasteland van Friesland zien hangen, terwijl het aan het Noordzeestrand stralend weer was. Altijd? Nee. Terschellingnet: ‘Feit is dat procentueel op Terschelling meer zonneschijn wordt gemeten dan gemiddeld in Nederland. Dat is een gegeven waar u zich aan vast kunt houden.’

Niet meer en niet minder, zou ik willen zeggen.

woensdag 27 juli 2011

Ideale vakantiewerker

regenwolk_smilingJa, laten we het tussen alle ellende door weer eens over het weer hebben. Het CDA-kamerlid Michiel Holtackers is de ideale vakantiewerker. Hij heeft zich – reces of niet – tot minister Melanie Schultz, die ook nog een snippertje milieu in haar portefullie moet hebben - gewend over wat hij noemt ‘de belabberde weersvoorspellingen van het KNMI’.

De boodschapper krijgt weer de schuld. Komt de Vierdaagse eraan, zou het KNMI ‘ten onrechte’ hebben ‘voorspeld’ (het KNMI noch zuster-weerstations voorspellen – ze verwachten) dat het veel en hard zou regenen. Met als gevolg dat nogal wat potentiële wandelaars zouden hebben afgehaakt. Op grond van dezelfde weerberichten – dus niet alleen van het KNMI – zouden mensen massaal zijn weggebleven van strand en pretpark. Exploitanten kwaad. Op wie? Op de boodschapper dus.

Laat ik, bij gebrek aan meer, eens louter op mijn ervaringsdeskundigheid afgaan. De weerkundigen hebben om te beginnen nergens ‘voorspeld’ dat het weer de evenementen zou bederven. Al hebben ze het niet mooier gemaakt dan de wisselvalligheid van deze zomer in petto had en heeft. Het regent of het regent niet – het motregent, of het komt met bakken uit de lucht – het is bewolkt, dus aangenaam of (te) koud – de zon breekt even door en het gaat weer wat beter, enzovoorts. Onze Michiel wil, dat het KNMI dit per regio aangeeft, te beginnen met de Sneeker zeilweek. Onmogelijk.

In één ding is Michiel Holtackers met glans geslaagd: in het vinden van het best denkbare populistische onderwerp dat in de komkommertijd valt te bedenken. Vandaar ook, dat hij zich wijselijk verre heeft gehouden van de mogelijke oorzaak van al deze nattigheid: de CO2-uitstoot, de opwarming en het broeikaseffect. Daar zou hij in het kader van de politieke aandachttrekkerij het paard mee achter de wagen hebben gespannen. En de media happen zonder dat ook wel.

dinsdag 26 juli 2011

Mensheid of menselijkheid?

De Belgische krant De Standaard heeft vandaag de kop: ‘Breivik wordt mogelijk vervolgd wegens “misdaden tegen de mensheid”’.’

Het is voor het eerst sinds jaren dat ik in dit verband weer eens het begrip mensheid zie opgevoerd; in de Nederlandse journalistieke praktijk is het doorgaans menselijkheid.

Op Taaladvies.net, een site van de Nederlandse Taalunie lees ik over het gebruik van ‘mensheid’ dan wel ‘menselijkheid’ een helder verhaal, met als conclusie: ‘Het inconsequente gebruik van mensheid en menselijkheid in juridische teksten heeft ertoe geleid dat ook in de journalistieke praktijk menselijkheid en mensheid door elkaar gebruikt worden.’

Of ik zelf een voorkeur heb? Mensheid! Het klinkt zwaarder. Bovendien werden ‘misdaden tegen de mensheid’ ten laste gelegd aan de Nazi-kopstukken tijdens de Neurenberger processen en dat sprak mij als jongetje van 11 jaar dat de oorlog had meegemaakt natuurlijk enorm aan. ‘Misdaden tegen de menselijkheid’ klinkt in mijn oren een beetje raar.

Overigens werd de omschrijving van dit soort misdaden ook al gebruikt tijdens de Eerste Wereldoorlog, las ik op Engelstalige Wikipedia en daar keek ik van op.

maandag 25 juli 2011

Revolutionair

De massamoordenaar Anders Behring Breivik, bewapend en geuniformeerd afgebeeld op zijn inmiddels geblokkeerde Facebook-pagina, noemt zich dus een revolutionair. Zijn revolutie kwam  (ik houd het op de verleden tijd, hoewel…) van rechts, in tegenstelling tot de Franse en de Russiche revoluties – die waren immers rood. Ook bij die revoluties moest de ‘gevestigde orde’ worden vermoord.

Deze keer zijn ‘de rooien’ slachtoffer; de kweekvijver van de Noorse sociaal-democraten. Vandaar dat ik zondag telkens aan de Paasheuvel moest denken, de plek op de Veluwe, waar de jonge socialisten tot in het midden van de vorige eeuw jaarlijks samenkwamen en dan op vurige toon werden toegesproken door Koos Vorrink, in de trant van ‘Proletariërs aller landen verenigt u!’ Sante Brun bracht het op de vroege morgen van de  day after op, scherp te constateren dat de bewakers van Wilders nu moeten worden overgeheveld naar Cohen.

Mannen als Robespierre en Danton moordden systematisch, met openbare (!) schijnprocessen en openbare (!) executies, letterlijk hoofd voor hoofd. Het lijkt of de geschiedenis een en ander met de mantel der liefde heeft bedekt, of sterker de Franse Revolutie, die op 14 juli 1789 begon met de bestorming van de Bastille (natuurlijk is dat slechts symboliek, want dit soort ontwikkelingen gaat altijd geleidelijk) is door de jaarlijkse viering met tricolore spuitende straaljagers boven de Champs Elysées, als het ware gelegaliseerd.

Helaas gaat het bij Breivik niet zonder meer over een ‘gevaarlijke gek’. Het is veel te simpel, hem te karakteriseren als een psychopaat, zoals een zich uiterst ongemakkelijk voelende Wilders deed. Uit wat hij in een reeks van jaren op internet publiceerde en uit de wijze waarop hij zijn aanslagen op z’n dooie eentje (?) heeft voorbereid, blijkt een uiterst intelligente, consequent doorredenerende geest, die zich ook nog eens, liefst in aanwezigheid van de wereldpers, in uniform voor de rechter zou willen verantwoorden. ‘Verschrikkelijk maar noodzakelijk.’ En die geest heeft verwanten, laten we daarvoor de kop niet in het zand steken. Op een forum van PVV-sympathisanten wordt Breivik (wederom tot ongemak van Wilders en consorten) omstandig geloofd! Verder zou er sprake zijn van een brein achter Breivik – welke god dan ook weet hoeveel breinen.

Europa heeft nu zijn equivalent van 9/11, namelijk 22/7. Er is één verschil, dat positief kan worden geïnterpreteerd, de Islam, in welke gedaante dan ook, is niet de dader. Integendeel.

donderdag 21 juli 2011

Even appelen halen

Weer es even terug naar de ‘goeie ouwe tijd’ oftewel de tijd van ‘Even appelen halen’.

Verklaar u nader.

Mijn collega en leeftijdgenoot Jan Keunen, die net als ik het journaleren niet kan laten en nog steeds in Oirschot een correspondentschap voor het ED uitoefent, heeft vandaag een verhaal over het plan, op de grond van de voormalige Bongerd aan de Spoordonkseweg een groot zorgcentrum voor dementerende ouderen te bouwen.

De Bongerd (boomgaard) was eertijds een fruitkwekerij – er rest slechts een afgebrande schuur – die letterlijk aan de weg timmerde met een groot bord: ‘Even appelen halen’. Weer een andere generatiegenoot, die destijds in mijn team van streekjournalisten werkte, overkwam daar het volgende.

De landelijke verkeersdienst van de politie opereerde toen nog op de autosnelwegen met witte Porsches. De perfecte verwerkelijking van een jongensdroom: met witte kapjes op het hoofd snelheidsduivels achterna zitten – of kleinere verkeerszondaars op een hoffelijke manier (‘de politie is je vriend’) terecht wijzen. Die kerels moesten natuurlijk af en toe de snelweg af, bij voorbeeld tussen de middag om te gaan chinezen.

Op zo’n moment verliet een Porsche het erf van De Bongerd, terwijl  de inzittenden de daad bij het woord hadden gevoerd en bij wijze van voorgerecht een appel zaten te kluiven. Mijn collega reed ‘n tijdje achter hen en kreeg pas in de gaten, wat de agenten aan het doen waren toen een van hen het klokhuis van zijn appel met een zwierige zwaai het Oirschotse luchtruim in gooide.

Je zit bij de vliegende brigade of niet.

woensdag 20 juli 2011

Bladvulling

Enkele suggesties, om je blad, respectievelijk je schermpje in deze moeilijke dagen – los van de Tour, een zwaar overschatte Amsterdamse Kraaij, een regenbui in Rotterdam, respectievelijk Murdoch en consorten – te vullen:

De tuinslang op een wespennest richten en kijken wat er gebeurt. Volg daarvoor SanteLOGie. Je laten informeren over de gevolgen van meeroken door tieners. Lees daarvoor bij voorbeeld het Eindhovens Dagblad, waar je trouwens ook terecht kunt voor de vondst van de ‘grootste bijtsporen van de dinosaurus’ in het zuidwesten van Zuid Korea.

In bijna alle gevallen zijn er al dan niet nader aangeduide onderzoekers aan te pas gekomen. Zoals dus bij de bewering dat tieners die meeroken ‘bijna twee keer zoveel risico lopen om op latere leeftijd hun gehoor te verliezen’.

Goed voor ons schuldgevoel, dit bericht, want deze week nog herinnerden we elkaar eraan hoe we tijdens vakantiereizen in de auto, met twee dametjes achterin, hebben zitten paffen. ‘Maar we hadden toch wel ‘n raampje open?’ – ‘Nou, dat geloof ik niet.’

Maar dat bericht over mogelijke doofheid is natuurlijk volstrekt k…t. Neem nou alleen maar deze ‘toelichtende’ zin: ‘Hoe meer de tieners worden blootgesteld aan passief roken, hoe groter de mogelijke schade is, aldus het onderzoek waar ruim 1500 tieners aan meededen’.

Laat ik er over uitscheiden. Van Sante Brun met zijn tuinslang staat tenminste vast dat hij binnen enkele seconden door die rotwespen in zijn nek werd gestoken.

vrijdag 15 juli 2011

Even het milieubeleid versoepelen

bungalows_randweg_640x480
Dialoogje aan de Bestse Ringweg, ter hoogte van  plan Schutboom.

hhBest:

- Zit het lekker zo, met dat voorbijrazende verkeer?

Mevrouw op terrasje van pas opgeleverde bungalow:

- Heb ik geen probleem mee.

- U bent een beetje van het bermtoerisme?

- Ja.

- Want dat is tenslotte het belangrijkst, wat u ervan vindt.

- Zo is het.

Wat is hier eigenlijk aan de hand?

Op veel plaatsen langs de Ringweg zijn geluidswallen aangelegd. Ook in het plan Schutboom, op de hoek met de Oirschotseweg. Een stukje van die wal is links op de foto te zien.

Maar dan houdt het opeens op. Dus geen geluidswal ter hoogte van de witte, geschakelde bungalows die nu, hooguit ‘n tiental meters  van de Ringweg, zijn verrezen. Die huizen hebben zelfs terrasjes, van waaraf je dus van het verkeerslawaai en de uitlaatgassen kunt genieten.

Klopt dit wel?

Allemaal legaal. En geaccepteerd voor zolang als het duurt.

Desgevraagd, herinnert een woordvoerder van de gemeente Best eraan, dat in 2008 voor deze woningen de geluidsbelasting is berekend. Daaruit bleek dat deze hoger is dan de zogenaamde voorkeursgrenswaarde. Geluidsreducerende maatregelen waren echter stedenbouwkundig niet inpasbaar, te duur of verminderden het geluid niet genoeg. Maar gelukkig bestaat er een ‘hogere grenswaardebeleid’, dat het de gemeente mogelijk maakt, een zwaardere geluidsbelasting toe te laten. Voorwaarde is wel, dat het binnenin de woningen ‘stil’ is en dat de geluidsbelasting op één zijde van de woning (in dit geval de voorkant) wèl onder de voorkeursgrenswaarde valt.

Juist dezer dagen besloten Burgemeester en Wethouders van Best, op het plan Poort van Best (starterswoningen) op de hoek van de Ringweg en de Oirschotseweg dezelfde tolerantietactiek toe te passen.

Het nageslacht mag beoordelen, of dit verstandig is of een vorm van struisvogelpolitiek. Vooralsnog zijn de bewoners er kennelijk content mee.

De plek van Wimme

Vandaag komt de Tour op de Aubisque langs de ‘plek van Wimme’. Een gedenkplaat herinnert daar aan de val van Wim van Est in het ravijn, waaruit hij met behulp van fietsbanden werd opgehesen. ‘Zijn hart stond stil, maar zijn Pontiac liep door.’ Dat gebeurde in 1951. De gedenkplaat kwam er in 2003, vlak voor het overlijden van IJzeren Willem. Er bestaat een foto van de man in tranen bij de onthulling.
De Sint-Willebrorder, die in zijn woonplaats (geboren werd hij in Fijnaart, in 1923) ook een standbeeld heeft, roept bij mij nogal wat jeugdsentiment op. Het was het in 1952, toen Wimme de klassieker van 600 km in één dag Bordeaux-Parijs won, dat ik in zijn chevy mocht meerijden achter de reclamekaravaan.
Die gunst kwam rechtstreeks uit het edele hart van de wielrenner. Ik had deelgenomen aan een werkkamp ten behoeve van de jeugd uit de krottenwijken van Bordeaux, dat was opgezet door de Nederlandse Franciscaan Lucas de Bruijn. De heenreis hadden we hotsebotsend in het VW-busje (zonder stoelen!) van de pater gemaakt; terug werden we geacht te liften.
Daags voor de start van de monsterrit, trof ik Wim aan de maaltijd in zijn Bordelees hotel. Het was zó voor mekaar. ‘Arme kinderen? Ge kunt met mijne maat meerijden naar Parijs.’
beguinHet werd een gedenkwaardige tocht, achter een reclamebus van Huiles Renault, waarop onophoudelijk een olieblikje ronddraaide. We zagen natuurlijk helemaal niks van de wedstrijd.

Mon parain Léon Beguin midden op het Brouckèreplein in Brussel. Moet je nu eens proberen.
Aangekomen in de Parijse agglomeratie, stuitten we op de assistent van Jacques Goddet (ook deze wedstrijd wordt georganiseerd door l’Equipe), ene Jean Garnault, een man met een van de stress rood aangelopen zultkop en kort geknipt haar, die ons verbood de door ons gewenste route te volgen.
‘Mais la police a dit….’
‘La police? La police? Moi c’est la police’
Hoe het ons gelukt is, mag Joost weten, maar ‘n paar uur later stond ik echt midden in de arena van  het Parc des Princes om daar de winnaar, vermoedelijk dus Wimme, over de eindstreep te zien schieten.
Ik kreeg een slaapplaats in het Institut Neerlandais en de volgende dag bereikte ik al liftend Brussel, waar ik door de weduwnaar van mijn peettante, Léon Beguin, die ik op aanraden van mijn moeder parain (peter) noemde, in zijn appartement aan de Bd Adolphe Maxe hartelijk werd verwelkomd.

woensdag 13 juli 2011

Vakantie-ethiek?

Bijna weer wat gemist. Lloret de Mar heeft het Griekse Chersonissos verdrongen van de top 5 van vakantiebestemmingen voor jongeren. Om zoiets aan de weet te komen  moet je de Metro of Sp!ts lezen, of een betaalde krant die ‘s anderendaags de wegwerplectuur citeert. Want dat gebeurt ook.

Op zich zou ik het niet hoeven weten, ware het niet dat aan  de verminderde populariteit van Chersonissos een  zekere mate van laat ik zeggen ethisch redeneren ten grondslag ligt. De jeugd van tegenwoordig en ethiek? Geloof me,er is echt meer onder de zon dan de EO Jongerendagen.

De verminderde animo voor het Griekse vakantieoord zou te maken hebben met een televisieserie Oh Oh Cherso, een aaneenrijging van drukte, nee chaos en vechtpartijen. Jongeren ‘willen wel een feestvakantie, maar dan goed georganiseerd en zonder problemen,’ zegt een reisorganisator. En reaguurder  McMandy op de website van Sp!ts: ‘Ik vind het echt wel leuk om met andere jongeren rond te hangen, maar dat massale kan ik echt niet tegen. Ik word dan echt gek, nergens ruimte. Ga je stappen ben je een uur bezig om wat te  zuipen te krijgen.’

Dan maar Lloret de Mar aan de Costa Brava? Daar schiet ik dan wel weer van in een lach, omdat de wilde verhalen daarover, inclusief compleet gesloopte hotelkamers, nauwelijks onderdoen voor die van Cherso.

Toevallig zijn wij ‘n keer, op doorreis in het voorseizoen, op een geraffineerde manier bestolen op een camping in Lloret. Voor de oplossing van de problemen waren we volledig aangewezen op het thuisfront; de politie ter plaatse kent haar talen niet en de campingbaas werkte eerder tegen dan mee, waardoor ik nog steeds geloof dat-ie in ‘t complot zat.

zondag 10 juli 2011

Burgemeesters

In een opiniestuk in het ED steekt Frans Adriaanse, voorzitter van de Stichting Behoud Erfgoed Oirschot, de loftrompet over E.A.M.A. Steger (zich nóóit  tegenover het gemene volk Ed noemend), burgemeester van 1938 tot maar liefst 1967.

De verdienste van Steger zou zijn, dat hij het monumentale dorp tegen aantasting van wat dan ook heeft weten te behoeden. Zit zeker veel waarheid in, al vraag ik me nu af, onder wiens bewind indertijd die rare donjon van een of andere meubelfirma aan de Koestraat is verrezen.

Tegenwoordig spreekt men niet gauw meer over een burgemeestersbewind, aangezien de dominante positie van deze functionaris intussen tot laat ik zeggen wat democratischer proporties is teruggebracht. Maar tot in de jaren zestig van de vorige eeuw had een burgemeester, zeker van een dorpsgemeente, veel meer invloed op de ontwikkelingen,  kon hij er zijn stempel op drukken. Een burgemeester als J. van Woensel, bij voorbeeld, opgeklommen tot het ambt vanaf volontairtje (zoals dat toen nog heette) op een gemeentesecretarie. Hij industrialiseerde de gemeente Hoogeloon in de Kempen, door met een koffertje vol documentatie de bedrijventerreinen van Eindhoven af te speuren op ondernemingen die duidelijk wat krap in hun jasje zaten.

Iemand die ook erop uit was, zijn agrarische gemeente op te stuwen in de vaart der volkeren, was P. Ballings, een ex-rijksambtenaar, geparachuteerd in Bladel. Hij begon ermee, licht, lucht en ruimte te scheppen, door alle majestueuze bomen op de Bladelse Markt te rooien. ‘Moet je ook doen,’ zei hij tegen collega J. Stevens van het nabije Eersel, een dorp dat qua monumentaliteit met Oirschot kan wedijveren. ‘Nee’, zij Stevens, ‘ik plant zelfs lindebomen bij, voor als de oude sterven.’

Over ‘macht’ gesproken, mr. G.F.J. Notermans (voor intimi Guido) verbood een heropvoering van een operette De Rozen van Sjanghai, vanwege de daarin vervatte kritiek op de gemeente Best. Schreef de legendarische streekjournalist Piet de Bont: ‘Geen rozen zonder doornen.’ Notermans kwaad.

Maar Steger in Oirschot was iemand die in 1963 de viering van zijn zilveren ambtsjubileum zelf tot in de puntjes regelde. Verder verstond hij de kunst, regelmatig de landelijke pers te halen, door laten we zeggen, enigszins afwijkend gedrag. Zo zette hij de dorpsbakker eens aan het opruimen van een illegale vuilnisbelt in het buitengebied, omdat hij tussen de rommel pakpapier van die bakker had zien liggen. Daar zijn toen Kamervragen over gesteld: ‘Middeleeuwse hand- en spandiensten in Oirschot?’ Ernstiger was Stegers verzuim, onderscheidingen die aan Oud-Indiëstrijders waren toegekend, uit te reiken. Hij liet ze in zijn bureaula liggen totdat het dagblad Oost Brabant daar achter kwam en het een lintjesaffaire werd.

Geen wonder dat de herinnering aan  de hoogleraarszoon, die het redactielokaal van het gerenommeerde katholieke dagblad De Tijd binnenstapte om de redacteuren met de inhoud van de krant te complimenteren (‘Goh, dank u wel.’) omringd is met anekdotes. Zo schijnt Steger in het Essogebouw aan het Malieveld in Den Haag te zijn gaan pleiten voor het vervangen van het rood-wit-blauw van de benzinepomp in Oirschot door groen! Hij kreeg daar ten antwoord: ‘Meneer Steger, onze benzinestations over de hele wereld tot in Tanzania zijn rood-wit-blauw en dat zal zo blijven. Dus ook in Oirschot.’

(Gesproken column voor omroep Best, 13.07.11, 18:10 uur.)

woensdag 6 juli 2011

Boeven van weleer

Er is ‘n hoop te doen over Jan Pieterszoon Coen, van wie een trots standbeeld het plein De Rode Steen in zijn geboorteplaats Hoorn domineert: in de gouden eeuw gouverneur-generaal van Nederlands Oost-Indië, maar ook zeer bedreven in het bloedig uitschakelen van wie toen inlanders werden genoemd. De weerzin tegen deze tot dusver verdoezelde karaktertrek drijft het Hoornse stadsbestuur er toe, bij wijze van compromis, de tekst op de sokkel van dat standbeeld enigszins te kuisen. Niks trots op de VOC, laat staan dat dat een instantie is die ons heden ten dage zou moeten inspireren zoals de gesjeesde MP Balkenende ons tot niet geringe consternatie aanbeval.

LumeyZo weet ik er nog wel ‘n paar. Het oordeel over een latere gouverneur-generaal (1904-1909), zijne weledelgestrenge Joannes Benedictus van Heutsz, is bij voorbeeld in de loop van de vorige eeuw drastisch gewijzigd. ‘Vanwege het feit dat 70.000 inwoners van Atjeh vermoord werden tijdens zijn bewind, werd hij later het symbool van koloniaal bestuur’, aldus Wikipedia.

Ook bepaald geen lieverdje was de aanvoerder van de Watergeuzen in de Tachtigjarige Oorlog, de Limburger Willem II van der Marck, heer van Lumey  bijgenaamd Het Everzwijn. Zie afbeelding. Hij is vooral bekend als de veroveraar van Den Briel (toen Alva op 1 april 1572 z’n bril verloor), maar is ook verantwoordelijk voor onder meer de moord op 19 monniken uit Gorinchem. Men leze het Geuzenboek van Louis-Paul Boon voor interessante details hierover, die tot dusver niet in de geschiedenisboekjes voorkwamen.

Want de geschiedenis is voor de een niet die van de ander. Die voor de protestanten waartoe Lumey zich ‘bekeerde’ verschilt aanmerkelijk met die van  de katholieken, oftewel de bril van de Spaanse terrorist Alva, heeft een ietwat andere focus dan die van Willem van Oranje. Vader des Vaderlands, jawel maar ik heb onlangs (In Brabant, jaargang 2 nr. 1, ISSN 1879-4599) een wetenschappelijke verhandeling gelezen, waarin getracht wordt aan te tonen dat Oranje mede verantwoordelijk moet worden gehouden voor moordpartijen en plunderingen in de Meierij van ‘s-Hertogenbosch.

Werk aan de winkel. Wil men consequent zijn, dan moeten er heel wat standbeelden en straatnamen worden aangepast, c.q. vervangen. Ook in Best, waar zowel J.P. Coen als Lumey kritiekloos zijn vernoemd, de laatste zelfs nogal provocatief in een straat, waaraan een protestants-christelijke basisschool is gevestigd.

maandag 4 juli 2011

Vijfjaarlijkse bijscholing? Dan zeker de truckers

Verkeersofficier van Justitie Koos Spee pleitte zondagavond in het KRO-actualiteitenprogramma Brandpunt voor een vijfjaarlijkse ‘bijscholing’ van automobilisten. Moedige kerel, als je weet dat er nauwelijks officials zijn die meer worden bedreigd dan Spee. Wat dat betreft lijken de bedreigingen van de burgemeester van Helmond, waarover politie en justitie al een half jaar alleen maar geheimzinnig doen, terwijl de media er maar geen vinger achter krijgen, een lachertje.

En periodieke bijscholing? Dan toch zeker de vrachtautochauffeurs. Er gaat geen dag voorbij of ze doen van zich spreken, in verband met onverantwoord verkeersgedrag, voornamelijk te hard rijden. Zo heb ik het afgeleerd, bij ritten naar de Ardennen, de rondweg van Luik (trouwens een omweg van wel 20 kilometer) te volgen. Onvoorstelbaar wat voor wild-west-taferelen zich daar onder aanvoering van het internationale transport afspelen.

Op de Koning Boudewijn-autoweg (le roi triste) nabij Herentals werd vanmorgen een 23-jarige vrouw tussen twee vrachtauto’s geplet (gedood) doordat een trucker een file te laat opmerkte.

Misschien vinden niet alleen Nederland, maar ook België en wellicht Europa het voorstel van Koos Spee een goed idee.

Het hoofd ontbloten

mladicDe van oorlogsmisdaden verdachte Mladic, maakte een weigering om  zijn baseballpet af te zetten tot onderdeel van zijn luidruchtig provocerend gedrag tegenover het Internationaal Gerechtshof. Al gaf hij wel als reden op dat hij het koud had.

Het is voor het eerst sinds jaren, dat ik weer eens verneem over het afnemen van hoed of pet als uiting van respect. Het hoofd ontbloten. Tot lang na het ontstaan van de Grondwet in 1848, die iedereen gelijk maakte, placht men hoed of pet af te nemen voor O.L.  Heer, pastoor en dominee, burgemeester, dokter en werkgever.

Niet altijd was het een  kwestie van onderdanigheid; het behoorde ook tot de egards. Mijn vader, die hoeden droeg à la de schrijver Nescio <- (1882-1961)placht, als hij een hem nesciobekende dame tegen kwam, ten behoeve van haar vrije doorgang het trottoir te verlaten en met een zwierig gebaar zijn hoed af te nemen: ‘Mevrouw!’

Tot in het midden van de vorige eeuw, droeg de gemiddelde burger een hoed, de boer en de arbeider een pet, vaak zelfs tot in huis. De zeldzame keer dat een boer zijn pet afzette, onthulde hij als top van zijn donkerbruin getaande hoofd een roomblanke schedel.

BuysseIn België waren petten (klakken) meer in zwang dan hoeden, ook bij welgestelden als de schrijver Cyriel Buysse <- (1859-1932). En die pet oogde best wel chique.

Een markante rol speelt de pet-afzet-symboliek in het ‘sociale’ drama In de Jonge Jan van Herman Heijermans. Een rechter commissaris hoort daarin de verver Bik als getuige van een vermoedelijk aangestoken brand. Bik beantwoordt de vragen van de rechter telkens met een afgemeten Jawel. De magistraat, geërgerd: ‘Zet die pet af en kan jij niet met twee woorden spreken?’ Bik: ‘Dat kan ik, als hier niet gejijd en gejoud wordt.’

zaterdag 2 juli 2011

Knokken voor regionale orkesten niet nieuw

Het Brabants Orkest moet zien, structureel (dat wil zeggen jaarlijks) drie miljoen bijeen te scharrelen, wil het in zijn huidige vorm kunnen voortbestaan. Dat ziet er somber uit. Somberder nog dan pakweg 60 jaar geleden, toen de regionale orkesten, aangevoerd door de onvolprezen musicoloog Wouter Paap, een emancipatorisch proces doormaakten. In die tijd kon er, door randstadbril bekeken, uit ‘de provincie’ niets fatsoenlijks voortkomen.

Ik ben oud genoeg om daar het een en ander van te hebben meegemaakt. De worsteling om het voortbestaan van het Frysk Orkest met name. Je kunt er zonder overdrijving van zeggen dat dat toen met dubbeltjes van de Friese bevolking overeind is gehouden.

Toen ik begin 1956 als aankomend journalist in Leeuwarden kwam te werken, verschenen daar maar liefst vijf dagbladen, inclusief een Friese editie van het Het Vrije Volk. Die kranten waren net een gezamenlijke actie begonnen, onder de merkwaardige naam Open Doekje voor het Frysk Orkest. Het benul over de praktijk van een symfonieorkest, waaraan nimmer een toneeldoek te pas komt, was blijkbaar nihil.  Misschien moet ik voor de jongelui even uitleggen, dat met een open doekje, applaus bij open doek wordt bedoeld. In het hedendaagse theater speelt het lijsttoneel met halen en zakken van een ‘gordijn’ nauwelijks meer een rol.

De actie bestond eruit, dat de kranten – over hun onderlinge wedijver heen stappend – dagelijks een thermometer publiceerden, die de stand van de collecte weergaf. Daartoe kwamen redacteuren van die dagbladen elke middag om 12 uur in het betreurde Leeuwarder hotel Amicitia, onder voorzitterschap van Keimpe Sikkema, chef-redacteur van de Leeuwarder Courant, bijeen. Ik werd als Brabander door Sikkema voor het eerst geconfronteerd met het Frysk, door hem ook nog eens uitgesproken met pijp geklemd tussen de tanden. Het eerste woord dat ik zodoende leerde was goune (spreek uit goene), oftewel gulden!  Welnu binnen een half jaar speelde Friesland het op deze manier klaar, het toen formidabele bedrag van 120.000 goune bijeen te brengen. Het kwam neer op de redding van het Frysk Orkest.

De kranten hadden de smaak te pakken gekregen en organiseerden vervolgens een soortgelijke actie voor de stichting van een kinderboerderij in Leeuwarden.

maandag 27 juni 2011

Meer dan een dorpsrel

jefvdheijdenBij de dood op 85-jarige leeftijd van de cineast en componist  Jef van der Heijden (op de foto rechts), tekent Brabants Dagblad aan: ‘Zijn bekendste film is Ongewijde Aarde, waarin fragmenten voorkomen van de begrafenis van pastoor Karel de Beer van Hilvarenbeek. Die beelden nam Van der Heijden zonder toestemming op. De film werd verboden: een grote zeldzaamheid in de geschiedenis van de Nederlandse film.’

Wikipedia vermeldt onder meer: ‘Door een kort geding werd de film uit de roulatie genomen. Regisseur Van der Heijden moest circa 70.000 gulden aan schadevergoeding betalen om aan alle aanmaningen te voldoen. Vervolgens trok hij zich voorgoed terug uit het Nederlandse filmwereldje.’

Dit gebeurde dus allemaal in 1967, ver voor de invoering van de privacywetgeving. Hoewel het veel meer dan een dorpsrel was, herinner ik me heel goed, hoe ik destijds als streekredacteur op onderzoek uitging in Hilvarenbeek. Een voor de  hand liggende figuur om een commentaar aan te ontlokken, was de onderwijzer, schrijjver en theatermaker Jan Naaijkens (inmiddels > 90). Ik ging naar de  lagere school, zag hem door de ruitjes van de klasdeur aan zijn lessenaar zitten en tikte aan.

Jan: ‘Ginne tijd, ginne tijd….Eh…waar gaget over?’

Van het daarop volgende gesprek herinner ik me niets meer. Ook niet of Naaijkens zich heeft aangesloten bij kunstenaars als Wim Verstappen en Pim de la Parra, die tegen het verbod op vertoning van de film protesteerden. Geldt dat verbod trouwens nog steeds?

zondag 26 juni 2011

Symbolen

In kringen van oud-strijders zijn stemmen  opgegaan, de anjer te verheffen tot symbool. Marc Rutte heeft ‘m zelfs al onmiddellijk opgestoken.

Van mij mag het, al zou je de bloem ook kunnen beschouwen als kenteken van de gemiddelde gigolo.

vlag_als_wasgoed_480x640We stikken trouwens al in de symbolen, te beginnen met de nationale vlag. Als iemand die erkende dan was het wel de Schavuit van Oranje, van wie ik me herinner dat hij wel eens bezwaren aantekende tegen het dag en nacht buiten laten hangen van de driekleur door cafe’s en aanverwante etablissementen.

Sindsdien is het – als je het een kwaad kunt noemen – van kwaad tot erger geworden, als gevolg van de onnozelheid omtrent moraal en tradities waartoe onderwijs en opvoeding van pakweg de laatste halve eeuw hebben geleid.

Weten wij veel. Niks eerbied zoals bepleit door Bernhard zaliger en gepraktiseerd door militairen en padvinders voordat de laatsten scouts gingen heten: ‘De nationale vlag dient bij zonsondergang te worden gestreken en worden opgevouwen zonder dat zij daarbij de grond raakt’ enz.

Dat protocol bestaat nog steeds maar, nogmaals, weten wij veel. Wij laten de vlag met boekentas of rugzak als wasgoed wekenlang tot in de dakgoot hangen. Als symbool van de hedendaagse moraal.

Maar doe d’r maar nog een symbooltje bij hoor. Wordt door iedereen  op prijs gesteld, zeker te weten.

zondag 19 juni 2011

Beveiliging Oranjes soms ontwrichtend

De strenge beveiliging van de Oranjes, zodra die een stap buiten de deur zetten (sinds ‘Apeldoorn’) leidt soms tot toestanden die, zonder overdrijving, een ontwrichtende invloed op de samenleving hebben.

Zo is een zeildag van een scoutinggroep op De Kaag op zondag 29 mei in het water gevallen, doordat tegelijkertijd in de omgeving de verjaardag van prinses Máxima werd gevierd.

Een 12-jarig meisje maakt daarvan melding in een brief aan VPRO’s Achterwerk. Ze schrijft onder meer: ‘Er waren ‘n heleboel politieboten en toen zijn alle boten van onze groep heel erg in de gaten gehouden. (…) We zijn heel vaak weggestuurd of aangesproken dat we weg moesten. We hebben amper kunnen zeilen en we mochten niet eens aanleggen.’

Aan het slot van haar brief vraagt de girlscout zich af, wat Máxima hier zelf van zou vinden. En inderdaad, de prijs die de samenleving moet betalen voor het in het openbare leven verschijnen van de koninklijke familie is bij deze mate van ‘beveiliging’ wel erg hoog.

woensdag 15 juni 2011

Wuustwezel

Melanie Henriëtte Schultz van Haegen-Maas Geesteranus is Minister van Infrastructuur en Milieu, zeg maar van het geconstrueerde landschap. Zij vindt België mooier dan Nederland, zou ze volgens de Volkskrant hebben gezegd en dat zou dan te maken hebben met de overdaad aan regeltjes ten onzent, in tegenstelling tot bij onze zuiderburen.

Op deze redenering valt het een en ander af te dingen. Volkskrantredacteur Bart Dirks, die een zekere deskundigheid waar het België aangaat, niet kan worden ontzegd (ik heb lang gedacht dat hij een Vlaming was, maar volgens Wikipedia is hij in Heerlen geboren) meent dat vandaag aan te tonen in een minicolumn, rubriek Stekel. Hij schrijft: ‘Eeuwig zonde als ook hier de verrommeling tot norm wordt verheven. Merk je het niet meer als je bij Wuustwezel de grens passeert.’

HoogstratenIk begrijp goed wat Dirks bedoelt: de lintbebouwing in België, die in Nederland tot dusver, ondanks Melanie, is tegengehouden. Maar Wuustwezel, mag dan wel de  meest door ‘Hollanders’ en Fransen, op zoek naar drugs, gefrequenteerde grensovergang zijn, ze ligt sinds 1972 aan de E19 en aan autosnelwegen tref je  doorgaans geen lintbebouwing aan. Wel, in dit geval, de ranke, Brabants-gotische toren, bijgenaamd het kindeke van het gravin, van Hoogstraten (foto).

Het verhaal gaat eerder op voor de eenbaansweg Tilburg-Turnhout of, nog sterker, Eindhoven-Hasselt, waar je aan deze kant langs bossen en akkers rijdt en aan gene zijde door de zogenaamde verrommeling, waarbij moet worden vermeld dat de afwisseling van villaatjes en verdachte cafeetjes met namen als Het Herboren Aapje, ook z’n charme heeft. Voor bossen ga je dan maar naar de Ardennen.

Ben me ervan bewust dat deze reactie op de Stekel van Bart Dirks heel wat langer is dan die minicolumn, maar hij heeft het ook over ‘minister Schultz’ en ik over ‘Melanie Henriëtte Schultz van Haegen-Maas Geesteranus’.

Meer over de openbare ruimte in Vlaanderen

Thomas van der Dunk op Volkskrant.nl over de verschillen tussen Nederland en België

Een vergeefse zoektocht naar wijsheid

Het CDA in de Eindhovense gemeenteraad lijkt eindelijk een meerderheid te hebben gevonden voor een second opinion over de veelbesproken miljoenendeal met het bijna in staat van surséance verkerende PSV. Er is, zo meldt het ED vanmorgen met chocoladeletters, een onafhankelijke commissie van ‘drie wijzen’ benoemd die over ‘n week of twee zou moeten zeggen of het hulpplan deugt, of dat de 16.000 handtekeningen  van de supporters die de raad zijn aangeboden, boter aan de galg zijn.

Onafhankelijk en wijs. Ik ben vreselijk benieuwd, welke drie personen aan deze bijzondere eigenschappen voldoen; des te nieuwsgieriger, nu de fractievoorzitter van het CDA, Maarten Houben, tegen de krant heeft gezegd dat hij hun identiteit ‘onder geen beding’ openbaar wil maken. Vreemd. Zullen we dan nooit te weten komen, of die drie wijzen uit het oosten dan wel uit het westen komen? Laat de echte onderzoeksjournalist opstaan. Buiten alle gekheid, eigen aan de soap of klucht waarin het gedoe rond de Eindhovense voetbalfirma is gebed, onafhankelijkheid in deze is toch volstrekt onmogelijk?

De Vlaamse sportcolumnist Hugo Camps schreef deze week in het dagblad De Morgen: ‘Cristiano Ronaldo kan een jaarsalaris van 23,4 miljoen tegemoet zien als hij tekent voor Man City. Transferprijs: 180 miljoen. Is dit immoreel? Nee, dit is waanzin, en valt dus buiten alle criteria van een oordeelsvermogen.’ Einde citaat. Dit is dus alvast een deskundige die, niets te maken hebbende met Eindhoven of PSV, absoluut niet in aanmerking zou komen voor een oordeel over hulp aan een club, wier exploitatie-methodes op z’n minst verwantschap vertoont met die van Man City.

Wie mij nu beschuldigt van tendentieus geklets, wachte daar nog even mee. Ik wil er namelijk mee aantonen dat onafhankelijkheid in deze niet bestaat. De wijsheid laten we sowieso in het midden, want dat is tegenwoordig zo’n politieke gemeenplaats, dat er niets aan valt te ontlenen. Maar er zijn als het over beroepsvoetbal gaat vier categoriëen te onderscheiden, die er iets toe doen. De onvoorwaardelijke voetbalminnaars, onder anderen de bobo’s in hun skaiboxen en de16.000 die het PSV-supportersmanifest ondertekenden, de liefhebbers als Hugo Camps die het hoog tijd vinden voor een ethisch reveil en zij die het bij voorbaat in hun broek doen, als ze denken aan de gevolgen, wanneer ze als politici of bestuurders het reddingsplan naar de prullenbak zouden verwijzen. Uit één van deze categoriëen zou dan een onafhankelijk advies moeten komen? Men zal zeggen, je vergeet nog één categorie. Inderdaad, de uitgesproken voetbalhaters, maar die komen natuurlijk al helemáál niet in aanmerking. Dat zou immers vragen naar de bekende weg zijn. Maar is het raadplegen van wie dan ook dan niet hetzelfde?

De panische reactie waarmee Maarten Houben de vraag naar de samenstelling van de commissie ontweek spreekt boekdelen. Hij weet zelf niet eens, uit wat voor hout dit clubje is gesneden.

(Gesproken column Omroep Best, 15.06.11, 18:10 uur.)

dinsdag 14 juni 2011

IJzertijd

Zes keer de Alpe d’Huez op fietsen is niet niks, maar wat te zeggen van 60 kilometer door Brabant stiefelen op blote voeten? Als in de IJzertijd, pretenderen de vrijwilligers van de IJzertijdboerderij in Dongen, die deze onderneming in het pinksterweekeinde aandurfden en het traject van Veldhoven tot de thuisbasis aflegden.

Niet allemaal op blote voeten trouwens. Sommigen maakten hun eigen ‘historisch’ schoeisel van leer en schapenwol. De kleren waren navenant. Als ik de foto in de krant goed interpreteer, liepen er ook ‘n paar in dierenvellen.

Zonder EHBO-voorzieningen, blarenprikposten of dat soort dingen, want dat kan natuurlijk niet ‘des ijzertijds’ zijn. Wat dat betreft, zal de eigengemaakte jam die tot voedsel diende wel dichterbij zijn gekomen. Resultaat: moe maar voldaan. ‘En niet iets om binnenkort te herhalen’, zo luidt het veelbetekenend bescheid in BN-DeStem.

Merkwaardig, die fascinatie door het verre (800 v.chr.) verleden en de wens om het tot in de puntjes te reconstrueren. Dat zulks hier en daar met de natte vinger gebeurt en dat het ook wat teveel gevraagd is de bril van Hans Anders af te zetten, valt te begrijpen. Hoe zat het trouwens met de polshorloges en de mobieltjes, waren die niet stiekem in de dierenvellen verborgen?

Jammer dat de ijzeren wandelaars er geen sponsorproject à la Alpe d’Huzes van hebben gemaakt, want dan had ik, hen tegen komend in Het Groene Woud, best mijn steentje hebben willen bijdragen. 

vrijdag 10 juni 2011

Laat ze toch lullen

Wat doe je met mensen die onzin uitkramen? Lull’n lat’n. Daar haal je je schouders bij op om vervolgens over te gaan  tot de orde van de dag. Negeren is de beste remedie tegen populisme en andere flauwekul.

Helaas zijn we deze tactiek – want dat kan het natuurlijk ook zijn, bij voorbeeld in de politiek – verleerd. Dat heeft met de hijgerige wedijver van de media te maken, die alles, desnoods ongecontroleerd, de wereld in slingeren, al is het alleen maar uit angst dat ‘de ander’ er mee gaat lopen.

Neem nou de troika Wilders-Bosma-Brinkman. Gespecialiseerd in het dagelijks afsteken van publicitaire rotjes in de vorm van zogenaamd doordachte politieke interventies, die echter inhoudelijk nergens op slaan. Hollen met die camera’s.

Hero Brinkman geeft daar vandaag weer eens een fraai staaltje van weg. Lees ik onder een vette kop in de Wegener kranten: ‘Burgemeester weg bij verzet gemeente’. Uiteraard wordt er weer eens van  dik hout planken gezaagd, met diepzinnigheden als ‘de burgemeesters blokkeren als ondemocratisch benoemde bestuurders besluiten die door de Tweede Kamer zijn genomen’. Om die reden zouden ze dus moeten worden ontslagen.

Waar slaat dit op? Een van de weinige (echt waar) bevoegdheden van de burgemeester is dat hij, zoals dat in de wet staat, ‘de gemeente in rechte vertegenwoordigt’. Dat doet hij dus bij voorbeeld ook als hij een vergadering van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) bezoekt. En als daar, in die vergadering, een besluit moet worden genomen over het al dan niet instemmen met het bestuursakkoord over het overhevelen van taken, respectievelijk bezuinigen op de sociale werkplaatsen, dan kan de burgemeester (of een hem vervangende wethouder!) stemmen overeenkomstig de opvattingen van zijn gemeenteraad. Niet meer en niet minder.

Als Brinkman tegen de benoemde burgemeester is, dan moet hij zeker niet nalaten dat te bestemder plaatse (de Kamer) te verkondigen. Echt democratische partijen zijn hem daarin trouwens al jaren geleden voorgegaan. Maar de burgemeester een rol toeschrijven die deze helemaal niet heeft, raakt kant noch wal.

Kijk, en dit soort onzin, moet een serieus nieuwsmedium onmiddellijk onderkennen en in de prullenbak gooien. Geen lezer, kijker of luisteraar die daar iets mee mist, laat staan er van wakker ligt.

donderdag 9 juni 2011

Begin maar direct

Aart Jan de Geus, oud-minister van sociale zaken en – als dat nog werkt – behorend tot de prot.-christelijke bloedgroep van het CDA, begint in september te werken aan een strategisch plan dat zijn partij uit het slop moet halen.

Ik zou zeggen, begin maar onverwijld, zonder inachtneming van zomer of vakanties met het zoeken naar de bekende weg en begin liefst bij EZ-minister Maxime Verhagen, want die heeft zich ontwikkeld tot kampioen in het vervreemden van het CDA van zijn zuidelijke, al dan niet ex-roomse achterban.

En dan heb ik het niet in in de eerste plaats meer over de manier waarop Verhagen onder tenenkrommend gejubel van mede-Limburger Eurlings zijn ministersbaantje vorig jaar voor de klippen van de hel wist weg te slepen door tegen de stroom in aan te pappen met de VVD en de PVV. Nee, laten we het vooral actueel houden, want als er iets is waar de politiek op speculeert, dan is dat het feit dat de kiezer  nogal gauw iets vergeet.

Welnu, deze week heeft Verhagen, een verzoek van onder anderen de provincie Noord-Brabant, om eerst nog eens de mogelijke gevolgen voor natuur, milieu en welzijn te onderzoeken, alvorens toestemming te geven tot proefboren naar schaliegas in de buurt van Boxtel in het Nationaal Park Het Groene Woud, aan zijn laars gelapt. De CDA-minister denkt dit ongestraft te kunnen doen, maar vergeet daarbij dat de lankmoedigheid waarmee de Brabander in het verleden van alles, wat door Den Haag werd bedisseld, over zich heen liet komen, lang voorbij is.

Hij neme er goede nota van dat – om een idee te krijgen uit wat voor vaatjes wij hier tegenwoordig tappen – de eerste hoornist van het op financieel uitkleden staande Brabants Orkest al in het ED  heeft opgeroepen tot een blokkade van de Moerdijkbrug.

En neme (andermaal) een voorbeeld aan oud-kamerlid Hannie van Leeuwen, die, als zij niet de barricaden op mag tegen het eveneens financieel knechten van zieken en zwakken, uit het partijbestuur wil stappen.

Dus, Aart-Jan, d’r op af, voordat het te laat is.

Om misverstanden te voorkomen: persoonlijk ben ik niet in het wel en wee van  het CDA geïnteresseerd. Ze bekijken het maar.

Column van Karin Spaink over schaliegas

woensdag 8 juni 2011

Vlaanderen Vakantieland

‘n Ogenblikske, want ik ben patatten aan ‘t bakken, zegt de oude man als we rond het middaguur de bel aan de achterdeur van zijn woning hebben geluid. De 80-jarige weduwnaar zet op z’n eentje de camping voort, die hij in 1965 aan een zandweg in Vorselaar (bij Herentals) was begonnen. Een campingbaas met thuiszorg. camping_hygiene_1280x960_640x480
Ja, hij had nog wel ‘n plaats voor ‘n getrokken caravan,


<- Hygiëne op de camping.
had hij voor de telefoon gezegd. Maar die plek zint Levensmaatje niet: hoog opgeschoten onkruid en één keer de ziekte van Lyme door tekenbeten is meer dan zat. ‘Heb ik vorig jaar ook twee op m’n buik gehad bevestigt hij begripvol.‘

Hij heeft nog wel een stukje verdroogd gras, dat hij normaliter apart houdt voor trekkers met tenten. Inschrijven komt later wel, want hij moet nu eerst naar het communiefeest van een van zijn vijftien kleinkinderen.

De volgende morgen wordt het onderhandelen. Hij wil 24 euro per nacht vragen, ‘want dat doen ze hier in de omgeving allemaal’. Ik zeg dat ik in de buurt van Diest 13 heb betaald, wat volgens hem niet kan. We worden het eens over 20 euro. Ik betaal vier nachten vooruit. Zomin als in Diest kom er een kwijting aan te pas. Wel een inschrijvingsformuliertje, maar volgens mij kent dat een slechts zeer tijdelijk bestaan.

Ik lees open en bloot in De Morgen (goeie krant zeg, kunnen ze in Nederland een puntje aan zuigen) dat het gros van de Belgische HoReCa over de kop dreigt te gaan, als de mogelijkheid tot zwart werken wordt beteugeld. ‘Waarvan denkt ge dat ze anders die dikke auto’s kunnen betalen,’ bevestigt een buurman met seizoensplaats uit Mortsel. Allemaal witte was. En dan gaat het over de partikulieren. Die krijgen, in tegenstelling tot de ondernemers, nooit vragen van de Belastingdienst.

De campingbaas wil toch een soort legitimatie voor het feit dat hij op zijn leeftijd het verzorgingstehuis mijdt en onverdroten het bedrijf voortzet. ‘Ze zoeken het straks allemaal maar uit.’

Ik draai er niet om heen. Het is wel erg vol met soms lang niet gebruikte en daardoor wat schoeperig ogende stacaravans. En de meeste vrije terreintjes liggen braak, waardoor ze onbruikbaar zijn. Was-ie mee bezig geweest, maar door de droogte had het allemaal niks uitgehaald. Maar is het hier niet heerlijk rustig? Dat moet gezegd. Het gebiedje tussen Vorselaar en Herentals ligt tegen een waterwinning aan en is formeel afgesloten voor niet-plaatselijk verkeer. (Niet iets om je als eigenaar van een dikke auto veel van aan te trekken.) Maar het oude, Kempische kamertjeslandschap is hier bewaard, met veel bos en een rijke vogelpopulatie. Ze hebben zelfs nog een bovengronds laagspanningsnet, een techniek die in Nederland al in het midden van de vorige eeuw is afgeschaft.

Het sanitair is best in orde en het ‘recreatiepark’ blijkt te beschikken over een feestzaal voor 250 personen met een dansorgel van de  fa. Decap te Herentals. ‘Zet ik op zondagmiddag wel eens aan, als het terras open is.’

Op vrijdagavond hoor ik het orgel spelen als ik de zaal passeer. Ik kijk door de ruit van de terrasdeur. Alleen het orgel, met twee ‘automatische accordeons’ is verlicht. De stoelen staan omgekeerd op de tafels. Er is verder geen mens. Hij zwaait in het halfduister uitnodigend dat ik om moet lopen.

‘Hier zit ik zo ook dikwijls in de winter,’ zegt hij. Orgelconcert voor een weduwnaar. Alleen met zijn  herinneringen. Vlaanderen Vakantieland, toch iets aparts.

dinsdag 7 juni 2011

Granaat in de maag


In het Eindhovens Dagblad staat vandaag een heel raar verhaal. Een 76-jarige vrouw in Bladel zit ‘met een granaat in de maag’, zo luidt althans het bijschrift bij de foto, waarop je haar dat wapentuig uit WO2 met gestrekte arm ziet vasthouden.

De vrouw zegt als oorlogskind heel goed het verschil tussen een granaat en een bom te weten, maar hoe het kan dat dit oorlogskind met ware doodsverachting dat ding beetpakt, blijft in raadselen gehuld. Terwijl de gemeente op haar – ironisch bedoelde – idee, om de granaat bij wekenlange ontstentenis van de Explosieve Opruimingsdienst (EOD) bij de burgemeester af te leveren panisch reageerde, ‘want dan zou het gemeentehuis moeten worden ontruimd’.

Ik neem aan dat binnenkort in Bladel een al dan niet gereguleerde ontploffing te horen zal zijn, òf dat het ED ons nader zal vertellen, hoe de EOD en verantwoordelijke autoriteiten over het ‘showen’ van bommen en granaten door partikulieren denken.

Vooralsnog: ik zou dezer dagen maar uit de buurt van Bladel blijven.

dinsdag 31 mei 2011

Slim, zo niet dom

Het schijnt dat Eindhoven een kans maakt, te worden uitgeroepen tot de slimste regio ter wereld. Ik kan er met mijn pet niet bij, gezien de deal die de stad op het punt slaat te maken met PSV. De een noemt dat slim, de ander oliedom. Ik neig niet naar een prijswinnend perspectief, al was het alleen maar omdat het contract zal worden gesloten met een firma, die er  blijk van heeft gegeven, absoluut niet met geld om te kunnen gaan. Een gat in de portemonnee zogezegd. Hoe gaat die straks, de twee miljoen huur voor het stadion betalen? Blijft er dan nog iets over van de vijftig miljoen die de verkoop van de grond aan de gemeente opbrengt en die in feite bestemd is voor het dichten van financiële kuilen en gaten?

Ik heb hier in Best al iemand horen roepen: ‘Als de agglomeratie maar niet mee hoeft bij te dragen, want dan weiger ik de gemeente voortaan mijn OZB.’ Ik heb ‘m gerust gesteld. Als de gemeente geeft, geeft ze aan Best Vooruit. De club met de meeste impact. En sowieso draaien ook in Best de ambtelijke molens langzaam, áls ze al wieken hebben.

Eindhoven is niet de enige, die voor de vraag staat of het wel aangaat aan de ene kant schaamteloos de zorg voor zieken en ouderen tot op het skelet uit te kleden en aan de andere kant een spelletje met goud te behangen. Ik hoor vanmorgen op Radio 1, dat er wel acht voetbalclubs zijn met enigszins vergelijkbare problemen. 

Het is maar de vraag of het over slim of dom gaat. Het gaat, lijkt mij, vooral om het principe: Laat de praktiserende en toekijkende voetballiefhebbers toch lekker zelf voor de kosten van hun hobby opdraaien en zeker ook voor de rommel op straat achteraf, inclusief politieversterking. Hou anders je feestje binnen de wallen van je dure stadion. Het is allemaal meer dan genoeg geweest.

vrijdag 27 mei 2011

Diest heeft meer

Diest heeft meer dan je denkt. Of liever: Diest heeft er meer. Beelden van begijnen, in brons en in steen, in het al in 1926 (!) door deze religieuzen verlaten begijnhof. Ik vind dat rijkelijk vroeg, als je in aanmerking neemt dat het laatste begijntje, zuster Frijters, in dat  van Breda rond 1960 overleed. En pakweg 15 km ten zuiden daarvan gelegen Hoogstraten fotografeerde ik de laatste begijn in 1954. beeld_biddende_begijn_480x640
Al die begijnhoven voeden de nostalgie met sculpturen. In Breda zijn het twee kwebbelende zustertjes. Ik heb iets met die plek, al was het alleen maar vanwege het Zondagmorgenversje dat mijn vader rond 1920 schreef. Hij ging er (geboren in 1877) trouwens naar de kakschool. 

Wat zonnig-stille stemming weer,
In Begga’s prop’ren Hof!
De deurtjes, ruitjes, blinken teer
En kennen rag noch stof
In vromen eenvoud krult het zand
’n Rand langs ’t klinkerpad;
Deed dat niet een der zustren hand,
Terwijl ze dacht en bad?
Elk heeft haar tuintje voor de deur,
Door maagdenpalm omdeeld.
Er leeft ’n zoete bloemengeur
En ’t kerkenorgel speelt
Het ‘Benedictus’ Hem ten lof,
Die wou den wereldvrêe
En heel de zoete zusterhof
Leeft in den lofzang mee.

Hoogstraten heeft een schitterend gestyleerd bronzen, plaatselijk blinkend gepoetst standbeeldje, Diest richtte een naturalistisch gedenkteken op voor de laatste twee begijnen. Verder een stenen beeld van een biddende non (foto) en – overdreven en tamelijk grof – nog eens ‘het halve convent’ in brons(kleur). Gelukkig is er ‘n paar stappen verder een brasserie, om van de schrik te bekomen.

De Catharinakerk van dit begijnhof is overigens het betreden meer dan waard, onder meer vanwege de speelse barokke elementen. Momenteel staat ook het oude torenuurwerk opgesteld, in verband met een restauratie.

Meer foto’s van Diest

De Stille Kempen, nou ja…stil?

vlaamse_zwangerschap_640x480Het eerste wat opvalt zijn de condensstrepen en het gerucht van transatlantische vluchten.  Zaventem! We zitten in Vlaams Brabant, in de buurt van het
Oranjestadje Diest (de oudste zoon van de Zwijger is er in de kerk begraven) op een camping die De Stille Kempen heet. Stil, dat moet  heel erg lang geleden zijn. De tijd van de volksschrijver Ernest Claes, wiens geboortehuis in het nabije Zichem te vinden is, misschien. Over de betonplaten van de eenbaansweg Diest-Geel dokkert het verkeer. Belgen gaan met de auto naar de plee. Bij de in- en uitritten van de al dan niet commerciële lintbebouwing langs de buitenwegen is het een voortdurend komen en gaan. Toerijden, aarzelen en dan toch maar op het laatste nippertje oprijden, 100 meter voortsukkelen en dan weer afslaan. En druk…druk!

Op de maandag na onze aankomst begint men met het uitdunnen van een mastbos, waarvan de bomen tot in de hemel rijken: een bos dat je gerust kenmerkend voor de Belgische Kempen kunt noemen. Alles went, zelfs lawaai – ook in Nederland ken ik maar één enkel plekje waar het stil is. Ik zeg niet waar, want dat leidt maar tot herrie.

‘De Stille Kempen’ heeft alles wat een Belgische camping moet hebben, wil ze kunnen voortbestaan. Dat wil zeggen een cafetaria, waar Hoegaardens witbier van ‘t vat wordt getapt, maar vooral veel seizoensplaatsen met chaletjes en stacaravans plus aanhangels en bijbouwsels van uiteenlopende welstand, tuinkabouters en ontelbare lampjes, die, met zonne-energie gevoed, elke avond voor een feestelijke aanblik zorgen. Daar zitten voornamelijk gepensioneerden die zich ‘s avonds om ‘n uur of zeven verzamelen op de jeu de boules-baan. Stuk voor stuk voorkomende mensen, nimmer verlegen om ‘n praatje.
Het sanitair is voorbeeldig, al moet je apart ‘n halve euro betalen voor een scheut scheerwater.

Je staat op de zoom van een groot gazon en je denkt: het is goed zo.

Onze tien jaar oude Eriba-caravan krijgt een splinternieuw zusje naast zich: een Nederlandse oud-binnenvaarrtschipper, die ooit de wateren bevoer van Hannover tot Marseille. Reken maar dat die veel kan vertellen. Maar de informatie over de hedendaagse toestand in Vlaanderen verkrijgen we uiteraard van een van de vaste bewoners. Met de eeuwigdurende kabinetsformatie is die gauw klaar: ‘Ze moesten die politiekers gewoon hun salaris inhouden,’ luidt zijn oordeel. En de rol van de ‘kutmarokkanen’ in Nederland is blijkbaar in België toegevallen aan Turken. diestanbul_594x328Ik zeg niet wat ik denk, ik schrijf op wat ik hoor en wat  ik
zie. –> Zoals op de Vlaamse tv: ‘Turken ga terug naar Marokko.’ Op een parking in  het stedeke Diest vindt onze Vlaamse buurman een kartonnetje onder de ruitenwisser van zijn zes jaar oude Citoën Picasso:

Dear mister,
U hebt ons in gevaar gebracht.
Loop ‘n keer rond uw auto.
Wij zullen u een lesje geven.

Waar dat lesje uit bestaat, laat zich raden. Een diepe kras over nagenoeg de volle lengte van de linkerflank. De gedupeerde is slechts WA verzekerd, maar gelukkig heeft-ie een zoon die van autospuiten een hobby heeft gemaakt. Aangifte? Jazeker, maar ook in België zegt de politie na de ouderdom van de auto te hebben vernomen: ‘Wij kunnen niets voor u doen.’ En die Turken, zegt het slachtoffer, rijden allemaal in een nieuwe Mercedès.

Zo, dit was De Stille Kempen. Goeden dag.

zondag 15 mei 2011

Kerkgebouw universeler dan gewenst

De première van het muziekstuk Monument to a Universal Marriage in april, ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van wat in de wandeling ‘het homohuwelijk’ heet, in de Bestse Lidwinakerk, was zo blijkt nu bij zorgvuldige lezing van een verhaal in het Eindhovens Dagblad, toch ‘n beetje tegen heug en meug van de eigenaren te zijn geweest.

Het artikel gaat over de verkoop, tot opluchting van het Bisdom ‘s-Hertogenbosch, van de r.-k kerk aan de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt. Vertelt kerkenraadslid (? ‘kerklid’, volgens het ED) Andjo Bruijn dat het beleid voor cultureel gebruik van de akoestisch uitstekende ronde kerk nog in de maak is. Maar daarin zou het concert zeker niet hebben gepast, laat hij weten. De Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt is net zo min voorstander van het ‘homohuwelijk’ als de r.-k Kerk. ‘Dat de première van het jubileumstuk toch hier heeft plaatsgevonden, komt omdat wij er niet onderuit konden. De gemeente gaf aan dat het bisdom eerder medewerking had beloofd, maar later hoorden we weer dat het bisdom tegen de eigen gelovigen had gezegd dat het ons besluit was.’

De herdenking van het initiatief tot het universele huwelijk, dat in Best werd genomen, heeft van meet af aan niet onder een gelukkig gesternte gestaan. De gemeente durfde, uit angst voor vandalisme geen straatmonument aan en gaf daarom opdracht tot het componeren van een muziekstuk.

vrijdag 13 mei 2011

Sprookje compleet houden

Ben te slecht ingevoerd in Haagsche Kringen om me – eerder dan vanmorgen, nu de kranten er bol van staan – te realiseren dat het toekomstig koningin zijn van Máxima wel eens onderwerp zou kunnen worden van discussie.

juliana_bernhard
Juliana en Bernhard in 1937
Natuurlijk moet ze dat worden. Ten eerste was de belofte impliciet bij het jawoord van de toekomstige koning (niks grondwet), ten tweede hoort het bij de traditie van de monarchie der Nederlanden en ten derde ‘anders begrijpt’, volgens D66-er Pechtold, ‘mijn dochter het niet meer’. De koning heeft een koningin. Klaar. Bij alle tegenwerpingen, inclusief die van seksisme (de gemalen van de

koninginnen die in de vorige eeuw geregeerd hebben bleven of werden prins) blijft overeind staan dat het maatschappelijk draagvlak voor de monarchie goeddeels wordt bepaald door de ban van het sprookje. Die begeestering gaat zo ver, dat koningin Juliana ooit een briefje kreeg van een kind met de vraag: ‘Waarom heb je geen kroon op je hoofd?’ Kinderen kunnen scherp analyseren, zo weten we al sinds de nieuwe kleren van de keizer. Door de afwezigheid van een kroon, wijkt het Nederlandse koningschap af van dat in andere landen. Laat het met zijn titulatuur dan ook maar afwijken.

Persoonlijk ben ik geen liefhebber van koningen, koninginnen, prinsen en prinsessen in het staatsbestel. Maar als er dan toch een sprookje in stand moet worden gehouden, laat het dan een compleet sprookje zijn.

donderdag 12 mei 2011

Wegen niet onveilig maar verkeer

Een anp-bericht:

De ANWB gaat de verkeersveiligheid van provinciale wegen vastleggen. Naar Duits en Zweeds voorbeeld gaat de bond foto's maken van gevaarlijke wegen. De veiligheid wordt daarna uitgedrukt in sterren. Vier sterren is heel veilig, één zeer onveilig. Op provinciale wegen vallen veel verkeersslachtoffers. De bond wil dat aantal met 50 procent laten dalen.

Op de radio hoorde ik dat bij voorbeeld bochten en dicht op de rijbaan staande bomen criteria zijn bij het bepalen van de mate van onveiligheid van een weg. Met andere woorden, wil je meer sterren dan zul je moeten kappen en rechttrekken. Wil de ANWB op deze manier het aantal verkeersongelukken halveren? Wat een dwaasheid. Niet de wegen zijn onveilig, maar het verkeersgedrag op die wegen.

Voor sommigen jammer, maar voor anderen niet helaas. Provinciale/stedelijke wegen behoren tot ons cultuurgoed. Sorry, maar landschappelijk schoon is nu eenmaal niet verenigbaar met hardrijdend verkeer. Sommige wegbeheerders hebben dat heel goed begrepen. Een sterk voorbeeld vind ik de kronkelige, door bomen omzoomde weg tussen Best en Sint-Oedenrode. Men wil dit graag zo laten, dus dient de veiligheid van die weg bepaald te worden door eenvoudige verkeersmaatregelen: een adviessnelheid van 60 km. Geloof me, het werkt. Andere overheden ‘beveiligen’ een smalle, kronkelige weg met een dubbele ononderbroken streep. Ook dat werkt.

We zullen er ons dus bij moeten neerleggen, dat niet alle wegen snelwegen kunnen zijn. Ik ben zeer benieuwd, hoe de ANWB wegen die duidelijk een compromis zijn van verantwoord landschapsbeheer en verkeersveiligheid gaat klasseren. Krijgen de voorbeelden ‘voor straf’ één ster? En wat wil men daarmee dan bereiken? Alles is goed, als de bomen en de bochten maar blijven.

maandag 9 mei 2011

Die brutale burgers toch

Minister Donner laat met graagte de oren hangen naar de klachten van de lagere overheden dat zij zo slecht uit de voeten kunnen met de Wet Openbaarheid van Bestuur, kortweg WOB. Als het aan de eeuwige bewindsman ligt, wordt die wet in de vriezer gelegd. Journalistiek Nederland on- en offline staat er intussen van op z’n kop. Maar of Donner de Kamers (de Tweede én die  vermaledijde Eerste) achter zich krijgt blijft nog even de vraag.

Afgezien van de WOB, hoe staat het eigenlijk met de openbaarheid en met de communicatie bij de gemeente Best? Mwah... De Kamer van Koophandel stelde onlangs een onderzoek in naar de klantgerichtheid en klantvriendelijkheid van de gemeenten in deze regio en daarbij scoorde Best een 5,5.  Om maar een facetje te noemen: we kunnen hier rekenen op beantwoording van 2 van de 5 emails.

In Groeiend Best stond de reactie van ‘een woordvoerder’ op het KvK-rapport. ‘Het zijn goede leerpunten die ons helpen een kwaliteitsslag te maken bij de verbetering van de dienstverlening’, zo zou deze persoon hebben verklaard. Er is zelfs sprake van een project, genaamd ‘Dienstverlening, Organisatieontwikkeling, E-overheid en het Nieuwe werken’, gelukkig afgekort tot het woord DOEN, met uitroepteken. Hoe noem je zoiets? Piepschuim, oftewel Iets om het beste van te hopen, zal ik maar zeggen.

Persoonlijk zit ik momenteel met twee onbeantwoorde emails. Eén ervan gaat over de, ik vrees alleen door mij gelezen, zogenaamde Besluitenlijst van Burgemeester en Wethouders in het weekblad. Het gros van deze berichtjes munt uit door ambtelijke warrigheid en onvolledigheid. Als je dan denkt, opheldering te vinden op de website van de gemeente, kom je van een kouwe kermis thuis. De laatste daar gepubliceerde besluitenlijst bleek trouwens van 31 augustus 2010! Zijn er voor de websites van de gemeenten ook punten uitgedeeld door de KvK? Best krijgt van mij alvast een vier.

De andere onbeantwoorde mail gaat hierover: Is het juist, vroeg ik, dat de receptie van het gemeentehuis, c.q. de ambtenaren de instructie hebben, het ophangen van posters over evenementen buiten Best niet toe te staan?  Ik vernam dit van de organisator van een topevenement in Oirschot, namelijk de uitvoering van een Stabat Mater door niets of niemand minder dan de Nederlandse Bachvereniging onder leiding van Jos van Veldhoven. Als het antwoord ‘ja’ is, is de verantwoordelijke wethouder van culturele zaken, resp. het college van B en W dan niet van mening dat dit op z’n zachtst gezegd een kortzichtig beleid is. En dat zeker buurgemeente Oirschot, zo goed als de inwoners van Best die die gemeente op allerlei manieren frequenteren, hiermee te kort wordt gedaan? Ten overvloede: de betrokken wethouder heeft de D van Democratie in de partijnaam staan.

Misschien vinden ze me op het gemeentehuis wel te brutaal met dit soort vragen. Maar laat ze dat dan gewoon zeggen.

(Gesproken column voor Omroep Best, 11 juni, 18:10 uur.)

zaterdag 7 mei 2011

‘Wist ik allang’

Niets is rampzaliger voor een journalist dan om, bij groot nieuws, te verkondigen: ‘Wist ik allang’. Het is ‘gelegenheidsverslaggever’ Rob de Wijk overkomen.

De Wijk is in eerste instantie ‘geschiedkundige en gespecialiseerd in internationale betrekkingen en veiligheidszaken’ (Wikipedia.) Ik zie hem vaker dan me lief is als deskundige voorbij komen op tv, altoos een hoge mate van zekerheid uitstralend, ook in situaties waar twijfel de boventoon zou moeten voeren.

Misschien noemt De Wijk zich intussen ook journalist, want als ik het goed begrijp is hij onlangs nog in samenspraak met het actualiteitenprogramma Een Vandaag ‘embedded’ in Aghanistan. In zijn kwaliteit van columnist beschrijft hij nu in dagblad Trouw, de onmogelijke positie waarin een journalist, al dan niet 
–pseudo, zich manoeuvreert door embedding te accepteren: ‘Over het belangrijkste kon ik niets zeggen.’
‘Media februari bezocht ik de Special Operations Forces in Afghanistan om de effectiviteit van hun optreden tegen de taliban te onderzoeken,’ aldus De Wijk. (…) ‘Aan het einde van een reguliere ochtendbriefing (…) kwam plotseling het huis van Osama Bin Laden ter sprake.’

Onze journalistieke wetenschapper wist dus in februari van het bestaan van dat huis, ‘ten noorden van Islamabad’, maar had er – jammer maar helaas voor Een Vandaag - klaarblijkelijk voor getekend, daar niets over naar buiten te brengen.

Een journalist heeft als primaire taak, de waarheid te vinden en die vervolgens te lanceren. Belemmeringen, op welke manier dan ook, om zijn bevindingen te publiceren, zijn dodelijk voor zijn functioneren. Vandaar dat ik onvoorwaardelijk aanhanger ben van iemand als Arnold Karskens, die embedded journalism consequent afwijst. En desondanks, of wellicht dankzij die instelling informatie weet te vergaren die er echt toe doet.

Met ‘wist ik allang’ solliciteer je naar louter hoongelach, om van ongeloofwaardigheid nog maar te zwijgen. Ook al ben je nog zo ‘deskundig’ en vaardig met de pen.

woensdag 4 mei 2011

Chaperonne

In een stukje over de oorlog (een stukje van een babyboomer op 4 mei) vermeldt Jos Kessels dat zijn ouders in die tijd verkering hadden. En dat ze elkaar tegemoet fietsten, zij vanuit Lieshout, hij vanuit Nederweert. ‘Allebei trouwens in het gezelschap van een broer en zus, omdat er in beide families nog meer harten sneller klopten’ (Cursivering van mij.)

In zekere zin is dit geschiedvervalsing. Want denk maar niet dat Jos’ toekomstige ouders deze begeleiding op prijs stelden. Het was namelijk, wat in deftige kringen chaperonne werd genoemd. Controle, bewaking tegen voortijdige intimiteiten of zeg maar gewoon bevruchting.

Eerder, omstreeks 1910, de verkeringstijd van mijn ouders, was het uitgesloten dat een fatsoenlijk meisje van de huwbare leeftijd alleen over straat ging. Mijn grootvader van moeders kant zag trouwens absoluut geen heil in de omgang van zijn dochter met wie genoemd werd het jongmensch uit den trein. Dit vergde uiteraard van mijn vader de nodige inventiviteit om mijn moeder te ontmoeten. Als reiziger in suikerwaren, sloot hij op ‘n keer met z’n collega’s een weddenschap af: ‘Ik word straks op het perron in Breda afgehaald door twee bloedmooie meiden’, of woorden van gelijke strekking.

Hoe hij dat voor elkaar kreeg? Hij had ‘s morgens een telegram gestuurd: ‘Arriveer te 16:30 uur = tante Marie.’ Waarna mijn moeder gechaperonneerd door haar hartsvriendin met de paardentram naar het station werd gestuurd, om ´tante Marie´ op te halen. En daar stonden ze dus, gearmd, in de stoomwolken. Als op een schilderij van Breitner.